Het beste van een psychopaat

Psychologie

We kunnen nog heel wat leren van psychopaten, vindt psycholoog Kevin Dutton. Iedereen kan wel wat meer focus, charisma en onbevreesdheid gebruiken. Als je het maar weer kunt uitzetten.

Affiche van de film Psycho van Alfred Hitchcock uit 1960

Kevin Duttons vader was een psychopaat. Het is het eerste wat de Britse psycholoog vertelt in zijn pas verschenen boek The Wisdom of Psychopaths (vertaald als De lessen van de psychopaat). Daarin beschrijft hij zijn eigen onderzoek naar psychopathie, maar vooral onderzoek van anderen, en reportages van zijn uitstapjes in de wondere wereld der psychopaten. Dutton bezocht gevangenissen, beveiligde inrichtingen en vertelt zelfs hoe hij met transcraniële magnetische stimulatie tijdelijk psychopathie in zijn eigen hersenen liet opwekken. Het boek heeft een stoere toon, lijkt af en toe sweeping conclusies te trekken, de wetenschap voorbij, maar wordt dan net op tijd weer wetenschappelijk.

En bij het telefoongesprek dat we voeren – een paar weken na zijn door griep geplaagde bezoek aan Nederland, vorige maand – klinkt Dutton precies zo. Stoer, gretig, charmant, intens. Een spraakwaterval, met voortdurend anekdotes en metaforen paraat. Hij lijkt het niet te kunnen laten om mij om de paar zinnen expliciet met mijn voornaam aan te spreken. Heel irritant, alsof iemand steeds probeert je wakker te maken terwijl je al wakker bent, maar omdat hij zo ontzettend aardig is, komt het er niet van om er iets van te zeggen.

Ik ben het gesprek natuurlijk begonnen met die ene vraag.

Was uw vader echt een psychopaat?

Dutton: “Zeker, zeker! Dat lijkt vreemd om te zeggen, maar er is geen twijfel over mogelijk. Maar hij was niet gewelddadig – je hoeft niet gewelddadig te zijn om een psychopaat te zijn. Hij was wel meedogenloos, onbevreesd, schaamteloos, eindeloos charmant, had veel charisma – hij was verkoper, hij kon wat dan ook aan wie dan ook verkopen.”

Er komt meteen een anekdote achteraan: “Toen ik 9 of 10 was gingen we eens naar een Indiaas restaurant. Na het eten tikte hij met een lepel tegen een wijnglas en begon een totaal geïmproviseerde speech: ‘Bedankt allemaal dat jullie zijn gekomen, als we straks klaar zijn met eten gaat het feest door in het café aan de overkant.’ En hij zette een applaus in – en het hele restaurant begon als bezeten te klappen.

“Toen we weg waren legde mijn vader uit: niemand wil als partycrasher gezien worden, en zijn vriend Malcolm had de pub aan de overkant overgenomen, die zou die avond veel geld verdienen. Dit zijn typisch psychopathische eigenschappen: buitengewoon veel zelfvertrouwen hebben en kalm blijven onder druk. Mijn vader was een van de redenen dat ik dit boek wilde schrijven: om hem wat beter te begrijpen.”

Heeft u hem ooit getest op psychopathie?

“Hij is een jaar of tien geleden overleden. Nee, ik heb hem nooit getest, maar ik ben er absoluut van overtuigd – ik zou er waarschijnlijk mijn huis onder verwed hebben dat hij hoog zou scoren op de Psychopathic Personality Inventory, de psychopathievragenlijst voor gewone, dus niet-criminele of gestoorde mensen. Ik zou die test zó voor hem in kunnen vullen.”

Heeft u zelf ook wat psychopathische trekjes van hem geërfd?

“Sommige wel, ja. Ik scoor nogal hoog op onbevreesdheid en rustig blijven onder druk, maar wat mijn psychopathiescore doet dalen is mijn empathie en mijn geweten. Daarop scoor ik veel hoger dan echte psychopaten.

“Maar de andere reden dat ik dit boek wilde schrijven is om af te rekenen met de mythe dat psychopathie een kwestie van alles of niets is. Je kunt je de kerneigenschappen van psychopathie – meedogenloos, onbevreesd, schaamteloos, rustig onder druk, charmant, charismatisch, geconcentreerd, weinig empathisch, gewetenloos – voorstellen als de schuifjes op een mengpaneel. Als je ze allemaal voluit open schuift, gaat het systeem op tilt; dan gaat iemand zó dertig jaar de gevangenis in. Maar als je sommige omhoog schuift en andere niet, of als ze in sommige situaties omhoog staan en in andere niet, dan kan iemand er in bepaalde beroepen heel succesvol mee worden. Advocaten, zakenlieden, mensen die in de media werken...

“Maar je moet die schuifjes wel weer uit kunnen zetten. En andere factoren zijn ook belangrijk: gewelddadigheid en intelligentie. Als je hoog scoort op psychopathische eigenschappen, hoog op geweld en laag op intelligentie, dan zijn je vooruitzichten niet goed.”

Hoort gewelddadigheid helemaal niet bij de psychopathische eigenschappen – is dat niet ook zo’n schuifje?

“Nee, nee, de meerderheid van de psychopaten is niet gewelddadig. Dat is hoe ze in de media geportretteerd worden, en zo haakt het vast in de menselijke geest. Maar stel dat je veel van die psychopathische eigenschappen hebt, niet gewelddadig bent en wel intelligent, dan kun je groot succes bereiken in de zakenwereld of de advocatuur. Als je intelligent bent én gewelddadig, dan wordt het interessant. Dan ben je misschien op je plek bij de speciale strijdkrachten of als topcrimineel.”

In het dagelijks leven zijn we gewend mensen aan wie we een hekel hebben, omdat ze ons streken leveren, psychopaten te noemen.

“Ja, dat probeer ik precies te weerleggen. Dat komt door de filmindustrie, door Hitchcock, door Psycho. Ik heb dit boek niet geschreven om psychopaten te romantiseren, maar ik wil wel laten zien dat dat beeld niet klopt. Stel je een Marsmannetje voor dat hier op Aarde in een kliniek komt werken waar louter mensen met zonnebrand, melanomen en uitdrogingsverschijnselen behandeld worden. Dat Marsmannetje denkt: de zon is slecht, die moet uitgebannen worden. Maar de waarheid is dat we er niet zouden zijn zonder de zon.”

U schrijft dat zelfdiscipline het verschil maakt tussen een succesvolle en een onsuccesvolle psychopaat. Maar dat is toch bij iedereen zo?

“Absoluut, dat is een goed punt. Laten we even teruggaan naar de schuifjes op het mengpaneel: meedogenloos, onbevreesd, geconcentreerd, charmant, kalm onder druk, gewetenloos, gebrek aan empathie. Een van die schuifjes is ook impulsiviteit. Dat is het kenmerk van de onsuccesvolle, criminele psychopaat. Als je je behoeftenbevrediging niet kunt uitstellen, is de kans groter dat je in de gevangenis terechtkomt. En als je laag scoort op impulsiviteit, heb je een grotere kans op succes. De reden dat ik het onderscheid maak, is dat sommige mensen beweren dat impulsiviteit een kerneigenschap is van psychopaten.”

Hoe zien artsen psychopathie eigenlijk; hoe staat het in de DSM, het meest gebruikte handboek van psychische stoornissen?

“Niet. Het staat momenteel niet in de DSM. Er is een debat over gaande onder klinisch psychologen en psychiaters. Sommigen denken dat het hetzelfde is als antisociale persoonlijkheidsstoornis, wat wel in de DSM staat. Ik denk van niet. Het belangrijkste verschil is dat bij het diagnosticeren van antisociale persoonlijkheidsstoornis de nadruk ligt op gedrag. Stel dat iemand met een antisociale persoonlijkheidsstoornis in een café getreiterd wordt. Misschien pakt hij dan een fles, slaat die stuk op het hoofd van zijn plaaggeest en heeft daar achteraf spijt van. Een pure psychopaat zou misschien zijn plaaggeest buiten opwachten met een mes, hem in koelen bloede vermoorden en geen spijt hebben. Het is vergelijkbaar gewelddadig gedrag, maar de verschillen zitten hem in de onderliggende emotie. De DSM maakt dat onderscheid niet.”

Dutton citeert in zijn boek een mooi verhaal dat op internet circuleert over hoe je psychopaten van ‘gewone mensen’ zou kunnen onderscheiden. Een vrouw ontmoet op de begrafenis van haar moeder een man tot wie ze zich aangetrokken voelt, maar na de begrafenis kan ze hem nergens meer vinden. Vervolgens vermoordt ze haar zus. Waarom doet ze dat? Misschien had die man een relatie met de zus, opperen veel mensen, en was ze jaloers. Maar een psychopaat weet: ze hoopt gewoon dat die man op de begrafenis van de zus wéér komt.

“Dat is echt een broodjeaapverhaal”, zegt Dutton. “Wat ik ermee bedoelde is: veel mensen zeggen maar wat over psychopaten. Er is geen magische manier om snel de diagnose te stellen. Je moet naar een complex geheel aan eigenschappen kijken. Voor klinische populaties is de beste test de Psychopathy Checklist, van de Canadese psycholoog Robert Hare. De maximale score daarop is 40, maar de meesten van ons scoren 1 of 2. De echte psychopathie begint bij een score van 30. Die test is niet bedoeld om in de gewone bevolking te worden gebruikt, hij is ontwikkeld voor klinische settings.

“Een andere onderzoeker, Scott Lilienfield van Emory University in Atlanta, besloot dat we een subtieler meetinstrument nodig hebben voor gewone mensen. Hij ontwikkelde de Psychopathic Personality Inventory, de PPI, met 187 vragen.”

Is daarop de vragenlijst gebaseerd die op uw website staat?

“Nee, op mijn website staat de Psychopathic Challenge, dat is gewoon een vragenlijstje van 11 vragen dat ik zelf heb ontworpen om mensen een idee te geven van wat psychopathie inhoudt. Ik heb trouwens gemerkt dat veel studenten het cool vinden om psychopaat genoemd te worden. Het hangt samen met een bepaald imago. Ja, ik ben het met je eens, het is iets voor pubers en jongeren. Als je ouder bent, wil je het niet per se meer. Een psychopaat die al zijn schuifjes wijd open heeft staan, kan het leven van andere mensen compleet verwoesten.

“Er staat trouwens ook een korte versie van de PPI op mijn website, voor een onderzoek dat we nu aan het doen zijn, de Great American Psychopathy Survey. Mensen in de Verenigde Staten kunnen inloggen om die in te vullen, en om vragen te beantwoorden over hun werk, waar ze wonen, hun religieuze en politieke overtuigingen. We willen een lijst creëren van de meest psychopathische steden, beroepen, religieuze en politieke ideeën. Dat heeft nog nooit iemand gedaan. Het is het vervolg op een exploratief onderzoek dat we vorig jaar in Groot-Brittannië hebben gedaan en waarvan de resultaten in mijn boek staan [zie kader.] Midden volgend jaar hopen we de resultaten te hebben.”

Lachend: “Ik heb over religie en politiek geen hypothesen durven formuleren. Wat me eerst verbaasde, was dat geestelijken zo hoog scoorden. Maar als je erover nadenkt, is het ook weer niet zo raar. Psychopaten doen het goed in situaties met machtsverschillen, waar ze andere mensen kunnen manipuleren en beheersen. De kerk is een voorbeeld van een sterk hiërarchische organisatie.”

U beschrijft ook dat een toestand van spirituele verlichting en onthecht zijn dicht tegen psychopathie aan ligt.

“Ja, ik ben onlangs naar India geweest om onderzoek te doen aan Boeddhistische monniken die zeer goed konden mediteren, en die vertonen een aantal overeenkomsten met psychopaten. Om een voorbeeld te geven: een bekend onderzoeksparadigma is de ultimatum game. Daarbij krijg ik bijvoorbeeld 100 euro en dat moet ik tussen jou en mij verdelen. Als je de verdeling accepteert krijgen we het geld, anders krijgen we niks. Als ik jou 50 euro geef en mezelf ook, dan vind je dat eerlijk. Normale mensen beginnen ongeveer bij 70-30 te zeggen: dat accepteer ik niet. En dan krijgen ze niks. Psychopaten verdienen in dit spel veel meer geld dan normale mensen, omdat het hun niet kan schelen wat de ander krijgt, alleen wat ze zelf krijgen. En Boeddhistische monniken vertonen datzelfde patroon. Maar om een andere reden: die meditatie-experts zijn juist blij als de ander meer krijgt.

“Een andere overeenkomst tussen psychopaten en meditatie-experts is dat beiden in het heden leven en zich niet druk maken over de toekomst. Het verschil zit hem in wat ze doen met het heden: de meditatie-experts koesteren het, de psychopaten grijpen de kansen die ze krijgen. En zowel psychopaten als meditatie-experts zijn goed in rustig blijven onder druk. Ze vertonen dan een vergelijkbaar patroon van hersenactiviteit, een patroon dat samenhangt met verminderde angst, meer positieve gevoelens en activering van het beloningscentrum.”

U lijkt er voorstander van te zijn dat we ons de goede psychopathische eigenschappen aanleren.

“Als je psychopathie uit de klinische hoek weg zou halen, dan zie je dat psychopaten assertief zijn, de dingen niet uitstellen, zich concentreren op positieve dingen, zaken niet zo persoonlijk opvatten, zichzelf niet bekritiseren, niet navelstaren en kalm blijven onder druk. Stel dat je salarisverhoging wilt vragen. De meeste mensen zijn dan nerveus. Maar psychopaten concentreren zich louter op de positieve kant, waardoor ze zelfverzekerder zijn en meer kans hebben te krijgen wat ze willen. Dat kunnen we allemaal wel gebruiken. Maar je moet er wel aan werken, net zoals je naar de sportschool moet gaan. Binnenkort wil ik een psychopathisch manifest uitbrengen waarin ik dit soort dingen beschrijf.”

U heeft zichzelf tijdelijk psychopathisch laten maken met transcraniële magnetische stimulatie, beschrijft u. Hoe weet u zeker dat dat dat echt psychopathie losmaakte?

“Het was gericht op de hersengebieden waar psychopaten verschillen van gewone mensen. En het werkte wat gedrag betreft ook perfect. Het was een heel griezelig gevoel, alsof ik ineens driekwart fles wijn op had, of heel veel biertjes. Ik had totaal geen angst, was heel geconcentreerd, minder geremd en gruwelijke beelden van martelingen en executies die me eerder nog vreselijk schokten, deden me nauwelijks nog iets. Het sleet wel snel, na ongeveer een half uur was het weg.”

Dat klinkt als iets om verslaafd aan te raken, als je het jezelf kon toedienen.

Lachend: “Nu zeg je iets gevaarlijks! Nee, één keer was genoeg. Als je mijn vrouw zou interviewen, zou die dat ook zeggen. Nee, ze was er niet bij, maar tijdens het schrijven van het boek ben ik volgens haar wel wat meer aan de kant van de psychopaten terechtgekomen. It rubs off on you, het is een beetje besmettelijk. Ik heb mijn vrouw moeten beloven dat mijn volgende boek over liefde gaat.”

    • Ellen de Bruin