Grote belegger is (soms) trouwe aandeelhouder

Grote beleggers hebben wel degelijk een blik op lange termijn, blijkt uit een verse studie. Maar wat is er eigenlijk gemeten?

Op de valreep toch nog rehabilitatie voor de institutionele beleggers van Nederland. Het jaar 2012 werd door velen van hen ervaren als een nieuw dieptepunt in het beleggerbashen, de praktijk van het beschimpen en verguizen die sinds het uitbreken van de kredietcrisis is aangevangen.

Van de commissie-De Wit, die de kredietcrisis onderzocht, kregen ze er in april dit jaar nog flink van langs. Beleggers zelf zouden voor een groot deel verantwoordelijk zijn voor alle ellende. Ze zouden managers van beursgenoteerde bedrijven hebben gedwongen tot veel te riskante activiteiten, door alleen voor korte periodes aandeelhouder te zijn. Nederlandse aandelen zouden te pas en te onpas worden gekocht en gedumpt. Dat alles uit louter winstbejag.

Niet waar, stelt een onderzoek van de Universiteit van Tilburg dat deze week werd gepubliceerd. Althans, niet voor wat betreft de institutionele beleggers van Nederland, de pensioenfondsen en vermogensbeheerders. Volgens dat onderzoek handelen die wel degelijk op de lange termijn. De onderzoekers schatten dat Nederlandse aandelen door hen gemiddeld 3,5 jaar worden aangehouden.

Opdrachtgever en financier was Eumedion, lobbyclub van de institutionele beleggers. In een begeleidend persbericht schrijft die: „De resultaten van het onderzoek bevestigen niet de indruk die in het maatschappelijk debat soms ontstaat dat institutionele beleggers kortetermijnbeleggers zijn.”

De studie werd gehouden onder belangrijke beleggers. Aan het onderzoek deden pensioenfondsen ABP, Zorg en Welzijn, PME en het Spoorwegpensioenfonds mee, alsmede vermogensbeheerders Hollands Bezit (Robeco) en Teslin Capital Management. Gezamenlijk zijn die goed voor zo’n 45 procent van al het belegde vermogen van grote Nederlandse beleggers. Het onderzoek spitste zich toe op de periode van begin 2003 tot halverwege dit jaar.

Bij de beursgenoteerde bedrijven zullen er ongetwijfeld managers rondlopen die de resultaten van het onderzoek als contra-intuïtief zullen ervaren. De laatste jaren klaagden zij juist steeds harder dat ze op hun nek werden gezeten door allerlei beleggers – onder meer de pensioenfondsen. Die zouden niet open staan voor investeringen op lange termijn maar op korte termijn rendementen eisen.

In 2009 was er nog een uitgebreid wetenschappelijk onderzoek, uitgevoerd onder 464 managers in Scandinavische landen, waaruit bleek dat al die managers onder druk van beleggers weleens hadden afgezien van een beslissing die op de lange termijn misschien veel winst had kunnen opleveren.

Kanttekeningen zijn er zeker te plaatsen bij het Tilburgse onderzoek. Zo zijn er aanzienlijk verschillen tussen individuele fondsen (de fondsen zijn op hun verzoek geanonimiseerd voor wat betreft hun specifieke beleggingsactiviteiten). Het ene fonds houdt bijvoorbeeld zijn aandelen gemiddeld 52,5 maanden vast. Maar drie andere fondsen doen dat nog geen drie jaar. Één zelfs minder dan twee jaar.

Als je kijkt naar hoe lang aandelen gedurende een aaneengesloten periode worden aangehouden (dus niet worden gekocht, verkocht en weer gekocht gedurende de meetperiode) is het beeld alweer anders. Dan houden vijf van de zes fondsen hun aandelen niet langer dan drie jaar vast. Drie van de zes houden ze zelfs niet eens twee jaar vast.

Jaap Koelewijn, hoogleraar Corporate Finance van Nyenrode bevestigt niettemin het algehele beeld van het onderzoek. Maar, zegt hij, „toch zijn pensioenfondsen wel degelijk betrokken bij de kortetermijnhandel”. Dat gaat om kleine delen van de portefeuilles. „Maar in die periferie is er wel veel rumoer”, aldus Koelewijn. De fondsen besteden die handel bovendien vaak uit aan hedgefondsen. Die cijfers zitten volgens Koelewijn niet in het onderzoek, wat het beeld vertekent.

Een heel ander punt, zegt Koelewijn, is dat het percentage Nederlandse aandelen waarin de fondsen beleggen ten opzichte van de totale portefeuille vaak maar een fractie is. Zo belegt pensioenfonds Zorg en Welzijn slechts een half procent van zijn kapitaal binnen de landsgrenzen (zie tabel). En het onderzoek spitst zich alleen toe op dat onderdeel. Trouwe aandeelhouder of niet, het doet er eigenlijk niet meer zo toe. Nederlandse pensioenfondsen en beleggers hebben Nederlandse bedrijven allang de rug toegekeerd.