De camera maakt de redactie luidruchtig

Erik van Zuylen maakte een documentaire over de verbouwing van Rokin 65 – een film met een citaat van Fellini.

Still uit de film die Erik van Zuylen heeft gemaakt over de verbouwing van de voormalige Optiebeurs tot gebouw van NRC Media.

Met een rolkoffer aan de ene hand en in de andere een paraplu tegen de sneeuw loopt Erik van Zuylen langs het nieuwe NRC-gebouw. Hij kent het beter dan de redacteuren van de krant, die er deze dag pas voor het eerst kunnen werken. Voor filmmaker Van Zuylen is dit de láátste dag, het afscheid van een project dat bijna anderhalf geleden begon: een film over de grootscheepse verbouwing van het pand Rokin 65.

Cees Dam ontwierp het in de jaren tachtig als onderkomen voor de optiebeurs. Daarna vestigde Fortis Bank zich er en zo werd het, zegt architect Jaap Dijkman in de film, een onmogelijk bouwwerk met zijn lage plafonds en zijn kleine raampjes. „Als je het zag, dacht je in eerste instantie: snel wegwezen.”

Erik van Zuylen filmde dus die eerste weken, met overduidelijk genoegen, de sloopwerkzaamheden. De tapijttegels die worden opgelicht. De systeemplafonds die met een simpele knip van de betonschaar omlaag komen. De buizen, de wanden en de deurposten waarop de mannen van de sloopploeg – veel Bulgaren en Polen, zag Van Zuylen – zich uitleven.

De film is een opdrachtfilm – van de krant, de stad en de eigenaar van het pand –, maar het is wel een film. Van Zuylen (69) is tot nog toe vooral speelfilmmaker geweest, met eigenzinnige werken als De Anna (1983), Zjoek (1987) en Het mysterie van de sardine (2005). In dit 33 minuten durende scheppingsdocumentairetje komt een Fellini-citaat voorbij (een grijpertje dat door de lucht naar het dak wordt getakeld: La dolce vita) en een Tati-eske scène van een timmerman die een steiger beklimt en daarbij eerst met zijn hamer, dan met een schoen en tot slot met allerhande uitsteeksels verstrikt raakt in een veiligheidsnet, terwijl een collega geduldig toekijkt. Ook bij het lanceringsfeest van glossy bijlage DeLUXE kun je scènes uit andere films terugzien, maar daar lijkt het meer bedoeld, met de serveersters die schepjes kaviaar bij de gasten op de hand leggen alsof het cocaïne is. De esthetiek van het slopen en het bouwen is toch groter dan die van de modeshow op dit feest.

Het spectaculairst om te zien was volgens Van Zuylen het doorzagen van de drie vloeren om ruimte te scheppen voor een ‘lichtbaan’ die het gebouw doorklieft. Het vierkante gat dat zo ontstond, wordt vervolgens oneerbiedig gebruikt als stortkoker, waarin werklui puin en stof naar beneden kiepen en bezemen.

Uit de besneeuwde rolkoffer haalt de filmmaker zijn apparatuur. Van Zuylen is een eenmanscrew. Hij filmt met een Sony Alpha, neemt daarbij het geluid op met een Zoom-recorder en geeft de klap om beeld en geluid te synchroniseren met een fotoklem, „eigen fabrikaat” – hij loopt als een Nikkelen Nelis over de derde verdieping, waar deze dag enkele deelredacties zijn neergestreken. Hij zet zijn camera pontificaal neer aan de kop van de tafels van de wetenschapsredactie. Het redactioneel overleg wordt ineens vrolijker, luidruchtiger.

Dat doet de camera dus, zoals de slopers ineens als apen aan de buizen gingen hangen en de monteurs verlegen werden bij het omkleden. Alleen de bouwvergaderingen klinken in de film steeds felrealistisch. Daar, zegt Van Zuylen, vergaten ze wel eens dat hij stond te filmen. En, zegt hij er eerlijk bij, hij deed dan ook wel eens of hij zijn boeltje al stond in te pakken, terwijl de camera nog draaide. Het zijn messcherpe gesprekken waarin de partijen rondom de tafel zitten onder leiding van de uitvoerder en planner en waarin verhullende taal van te trage toeleveranciers direct wordt doorzien.

Op zijn laatste draaidag loopt Van Zuylen nog één keer uitvoerder Joeri Bakker tegen het lijf. Alles loopt op schema, bouw en film zullen allebei tijdig afkomen. „Beetje jammer wel”, zegt Joeri Bakker met een hoofdknikje naar al het kantoorvolk dat vandaag aan de nieuwe bureaus is gaan zitten. „Eerst was dit ons gebouw.” Ik ben ook volkomen de kluts kwijt, erkent Erik van Zuylen. „Ik moet de ruimte ineens afstaan aan vreemden.”

De film van Erik van Zuylen is komend voorjaar te zien bij de opening van NRC Restaurant Café.