Alles voor het Torentje

Mark Rutte leidde meerdere coalities. Hoe deed hij dat? Rutte door de ogen van vijf partijleiders. Over een premier die op cruciale momenten zoek is, partijgenoten slecht informeert en soms trouwe partners laat vallen.

De machtspoliticus:

‘Oh, dacht ik, gaat dat zo?’

Op één moment in het afgelopen jaar laten Mark Rutte en de VVD zich kennen. Voor de buitenwereld gaat het onopgemerkt voorbij, maar D66-leider Alexander Pechtold is er getuige van: „Je zag daar dat onze premier véél overheeft voor het Torentje.”

Het moment wordt ingeleid op de zaterdag in april dat Ruttes kabinet valt. Nog maar net heeft PVV-leider Geert Wilders zijn vier medeonderhandelaars – Rutte en Stef Blok van de VVD, Maxime Verhagen en Sybrand van Haersma Buma van het CDA – verweesd in het Catshuis achtergelaten, of de mannen moeten alweer tot zaken komen. „Als we niet snel een begroting konden maken, zou de rente omhoogschieten en liepen we als land het gevaar onzetriple-A-status te verliezen”, zegt Buma.

Diezelfde middag, nog voor VVD en CDA de breuk openbaar maken, spreken de vier af dat ze alles op alles zetten om hiervoor binnen een week een Kamermeerderheid te vinden. Het plan is dat Blok en Buma ieder de helft van de fracties afbellen met een verzoek om hulp.

„De afspraak zoals ik hem beleefd heb”, vertelt Buma, „is dat we elkaar vast zouden houden. We voelden gedeelde verantwoordelijkheid.” Maar als Buma maandag terugkeert aan het Binnenhof, merkt hij dat de VVD de prioriteiten heeft verlegd. Achter gesloten deuren komen de fractievoorzitters bijeen om een verkiezingsdatum vast te stellen.

Bij binnenkomst ziet ChristenUnie-leider Arie Slob dat de VVD een monsterverbond heeft gesloten met PvdA en SP. De leiders van die partijen zitten er al, naast elkaar. De drie, samen goed voor 76 zetels, willen zo snel mogelijk verkiezingen, op 29 juni al. De PvdA zal, wegens staatsrechtelijke bezwaren, haar steun later intrekken, waardoor het plan alsnog sneuvelt.

Maar op dat moment is dat niet helder en Arie Slob wordt getroffen door de kille calculatie van de VVD. „De houding ten opzichte van het CDA was niet netjes.”

Die partij heeft grote risico’s genomen voor de coalitie met VVD en PVV en staat er ellendig voor: desastreuze peilingen sinds haar deelname aan de gedoogconstructie van Rutte, geen leider, geen programma. Dan aansturen op een versnelde stembusstrijd vindt Slob „echt erg”, zoals hij zegt. „Het CDA lag op de grond, en Rutte en de VVD kozen ervoor om erop te gaan staan.”

Pechtold ziet het „verbijsterde” gezicht van Buma en concludeert ter plekke dat de VVD niet alleen de PVV laat vallen, maar ook het CDA. „Ik zag meteen: dit wordt een nieuwe coalitie.” Buma is overdonderd. In het weekeinde heeft hij wél fracties afgebeld om, dacht hij, met de VVD het dreigende verlies van de triple-A-status af te wenden. Nu wordt hij ineens behandeld als oppositiepartij.

„Rutte wilde helemaal niet met ons verder. Het was: voor jou tien anderen”, vertelt Buma. Een moment van groot inzicht. „Oh, dacht ik, gaat dat zo?”

De sfeermaker:

‘Hé, hallo, hoi!’

Alle vijf partijleiders benadrukken, elk op hun manier, dat ze Mark Rutte nog steeds een aardige vent vinden. Persoonlijk, informeel, stijlvol. Een man die sfeer brengt in de emotionele achtbaan die de politiek tegenwoordig is.

Geert Wilders, in zijn VVD-jaren mentor van de jonge Rutte, is de eerste maanden van 2012 als gedoogpartner nog een cruciale bondgenoot. Nadat Rutte I is gevallen, typeert dezelfde Rutte hem stelselmatig als wegloper, een politieke lafaard. Toch weet hij de persoonlijke relatie met Wilders goed te houden. „We sms’en nog steeds”, vertelt Wilders. Vaak over een strip in dagblad Trouw, ‘Anton Dingeman’, waarin de twee geregeld op de hak genomen worden. „Erg grappig. Als ik iets stuur, krijg ik binnen drie minuten iets terug.”

Ook Slob, bij de opstelling van het Lenteakkoord een onmisbare politieke schakel voor de premier, merkt dat Rutte het persoonlijke contact blijft zoeken. „Dan staat hij, geen stropdas om, ineens in de deuropening”, vertelt de CU-leider. „Even bijpraten.”

En Buma, bondgenoot van de premier tijdens het Catshuis-beraad en het Lenteakkoord, ziet hoe vaardig Rutte gebruikmaakt van persoonlijke relaties. „Hij denkt met jou mee. Hij schept een sfeer waardoor jij denkt: wij gaan dit samen oplossen.”

Er zit een patroon in de manier waarop Rutte mensen voor zich wint. Hij smeedt een band met andere politieke leiders door ze als vertegenwoordigers van een nieuwe generatie af te schilderen, vertellen ze bijna allemaal. Maar ook merken ze achteraf dat het persoonlijke contact voor hem functioneler is dan ze zich aanvankelijk realiseren. Slob ervaart het als zijn partij het kabinet rond de Griekse crisis niet steunt. „Het was ineens uit tussen ons.”

D66-leider Alexander Pechtold merkt op den duur dat de blijmoedige wijze waarop Rutte hem begroet – „Hé, hallo, hoi!” – in feite betekent dat de premier hem nodig heeft. „Dan wil hij iets van me.”

Pechtold moest daarom ook een beetje lachen toen PvdA-leider Diederik Samsom vol enthousiasme vertelde over zijn eerste persoonlijke gesprek met de premier als ‘generatiegenoten’. Het bleek in hetzelfde restaurant te zijn geweest waar Rutte de D66-leider jaren geleden voor zich had gewonnen. „Soeboer, ik hoorde Samsom erover en dacht: daar hebben we allemaal gezeten. De sfeer is er heel informeel. Ze serveren er bier zonder glas. Drinken uit een flesje.”

Inmiddels ziet Pechtold dat Ruttes blijmoedigheid eigenlijk altijd identiek is. Als hij hem een maand niet gezien heeft, of een dag – Rutte begroet hem altijd op dezelfde joviale wijze. Mechanisch? „Het heeft er soms iets van weg.”

De onzichtbare leider:

‘De groeten van Mark, uit New York’

Achter de prettige omgang nemen politieke leiders ook pijnlijke aspecten van de persoonlijkheid van de premier waar. Zo is de man die het afgelopen jaar leiding geeft aan drie coalities, soms zomaar zoek op momenten van oplopende spanning.

Iets dergelijks doet zich ook voor als, na het regeerakkoord van VVD en PvdA begin november, in de partij van de premier opstand uitbreekt tegen de inkomensafhankelijke zorgpremie. Rutte is met een economische missie in Turkije. Partijgenoten en de coalitiepartner hebben moeite hem te bereiken. Slechts eenmaal verdedigt hij het compromis met de PvdA in het openbaar. Voor de rest blijft hij buiten beeld. En binnenskamers komt het initiatief om een alternatief uit te werken niet van de premier, maar van Samsom en Halbe Zijlstra, de nieuwe fractievoorzitter van de VVD.

Achteraf bezien had Pechtold in 2006 al zo’n ervaring, als het kabinet-Balkenende II ten val komt. Vlak daarvoor zijn hij en Rutte, na een slopende campagne, beiden tot partijleider gekozen. Ze hebben intensief contact omdat ze tot het kleine clubje bewindslieden behoren dat vrijdagochtend vóór de ministerraad, vanaf acht uur, „in de apparaten hing”, zegt Pechtold.

Ook zij voelen zich generatiegenoten – in een wereld van oudere politici en verouderde politieke mores. En beiden zijn leider van partijen met een groot probleem: D66 schommelt in de peilingen rond drie zetels, de VVD rond twintig. „Dat herken ik in Mark”, zegt Pechtold. „Hij is niet bang voor een uphill fight.”

Maar daar zit een grens aan, merkt Pechtold. In de nacht dat het kabinet dreigt te vallen over de zaak-Hirsi Ali, in 2006, zoekt Pechtold contact met Rutte. Met hun nieuwe mandaat als leider kunnen zij de zaak mogelijk nog redden. „Maar hij pakte de kans niet.” Sterker, Pechtold krijgt Rutte nooit aan de telefoon. „Hij gaf niet thuis.”

Eenzelfde beleving hebben onderhandelaars bij de totstandkoming van het Lenteakkoord in mei. Pechtold legt al op de dag van de val van Rutte I contact met VVD-fractievoorzitter Blok. Hij vertelt Blok dat drie partijleiders – hij, GroenLinks-leider Jolande Sap en Arie Slob – bereid zijn serieus te praten over bezuinigingen van 12,5 miljard euro, waarmee een begrotingsakkoord bijna rond zou zijn. „Als dat serieus is”, zegt een verraste Blok volgens Pechtold, „moet je me zondag even bellen.”

De week erna wordt het akkoord razendsnel uitonderhandeld door een coalitie van de drie kleine partijen, het CDA en Ruttes VVD. Met dien verstande dat de premier zich, opnieuw, volledig afzijdig houdt. „Ik deed mee want ik wilde het laten slagen. We zitten hier voor het land”, zegt Buma.

Pechtold krijgt de indruk dat de communicatie binnen de VVD ook dan al niet op orde is. Zelf is hij opgetogen na de eerste dag onderhandelen, vertelt hij. Hij stuurt daar de premier diep in de nacht een sms over. „Uit zijn reactie bleek dat hij een heel ander beeld had. Een domper.” Hij weet nog dat hij daarna minister van Financiën Jan Kees de Jager, oliemannetje van het kabinet, apart neemt: „Zorg je er wel voor dat Rutte ook enthousiast wordt?”

Als de onderhandelingen vorderen, waarbij Blok voor de VVD aan tafel zit, proberen de Lentepartijen Rutte er alsnog bij te halen. Slob herinnert zich dat ze opperen Rutte verslagen van de onderhandelingen te sturen. Zelfs dat slaat de VVD af. Ze zijn al met de verkiezingen bezig, vermoedt de CU-leider. „Ik denk dat ze bij de VVD dachten: we moeten Mark heel houden.”

Buma vertelt over een overleg op Financiën met de coalitie, donderdag, als het akkoord op een haar na rond is. Ook hij heeft Rutte de hele week niet gezien; er zijn verhalen dat de VVD-leider er doorheen zit. „Wij hadden lange dagen onderhandeld, en hij kwam, na drie dagen, ‘even luisteren’ wat er lag. De premier!”

Zelfs als het Lenteakkoord door de Kamer is goedgekeurd, waarmee het aanzien van Rutte in Brussel is gered, houdt de premier op frappante wijze afstand. Illustratief is een moment waarop financiële woordvoerders, weken nadat het akkoord op hoofdlijnen is gesloten, met hoofdbrekens de details uitwerken. De vermoeidheid neemt toe, het chagrijn soms ook. En Mark Rutte is met vakantie, zo blijkt toevallig als een ambtenaar van Algemene Zaken een sms binnenkrijgt. „Jullie krijgen de groeten van Rutte, uit New York.”

De procesmanager:

‘Jongens, ideeën moet je niet van me vragen’

Tijdens onderhandelingen waar hij wél actief aan deelneemt, geeft de VVD-leider geen blijk van grote vindingrijkheid. Pechtold weet nog met hoeveel gemak Rutte hem enthousiasmeerde tijdens de mislukte onderhandelingen over Paars Plus, in 2010. Rutte spreekt over Begeisterung, verbeelding, schitterend vindt Pechtold dat. „Zo inspirerend, je ging nooit bekaf naar huis.”

Maar als er een beleidsdilemma op tafel ligt, dan hebben ze niets aan Rutte. Zo gaat het ook als de premier in 2011 met Kamerfracties onderhandelt over de missie naar Kunduz. Pechtold: „Wij zeiden toen: ‘Wat is jouw idee, Mark?’ En dan zei hij: ‘Jongens, dat moet je mij niet vragen’.”

Ook tijdens het Catshuis-overleg begin dit jaar, met CDA en PVV, blijkt Rutte amper over ideeën te beschikken. „Ik denk dat Maxime en ik honderdmaal vaker oplossingen hebben ingebracht”, vertelt Buma. Rutte hoort hen aan, bekijkt wat bruikbaar is. Zijn eigen voorstellen komen allemaal uit de koker van zijn ambtenaren. „Zelf kwam hij bijna nooit met iets.”

Hij zorgt er vooral voor dat de sfeer prettig blijft en buigt soepeltjes mee met andere onderhandelaars. Het zogenoemde ‘comfort bieden’. Het gaat gepaard met schouderklopjes en ander fysiek contact, veel aandacht voor het proces waarin de onderhandelingen plaatsvinden, en koekjes. Rutte eet ze zo snel dat er voor anderen al snel niets overblijft. „Het koekjesmonster”, zegt Wilders.

Bedreven in ‘procesmanagement’ is hij niet altijd. Het Catshuis-overleg begint volgens Buma moeizaam omdat Wilders voor steun aan extra bezuinigingen als voorwaarde stelt dat de immigratiepolitiek wordt verhard. Het CDA ziet daar niets in. „Ik heb letterlijk gezegd: ik wil óók comfort”, aldus Buma.

De partijen komen op initiatief van Rutte overeen dat ze het om en om doen: de ene dag financiën, de andere dag immigratie. Het komt er nooit van. Hero Brinkman stapt uit de PVV, en Buma merkt dat Wilders „minder geconcentreerd” is. Wilders vraagt niet meer om overleg over immigratie, en Rutte negeert de eerdere afspraak. Hij stuurt aan op een financieel akkoord. Hij zet de ‘immaterialia’ pas weer op de agenda als het conceptakkoord naar het CPB is gestuurd – waarna blijkt dat Wilders wel meepraatte maar nooit in Ruttes ‘procesbenadering’ is meegegaan. De opzet van de premier is mislukt – al vergoelijkt Buma dat er vermoedelijk weinig aan te doen was. „Wilders was onregisseerbaar.”

Ook de CDA-leider merkt hoe flexibel Rutte kan zijn. In het Catshuis stelde het CDA voor om 400 miljoen euro te bezuinigen door de aftrek voor woon-werkverkeer gedeeltelijk te schrappen. „Het leek ons een hele aderlating voor de VVD”, zegt hij. Tot zijn verrassing stelt Rutte kort daarna voor de volledige aftrek voor woon-werkverkeer te schrappen. De forenzentaks is geboren, opbrengst 1,9 miljard. „Ik dacht: ik zeg niks, Mark staat straks in de storm.”

Als hetzelfde plan, na de val van Rutte I, tijdens de Lenteonderhandelingen op tafel ligt, zijn de drie oppositiepartijen in hun nopjes. De VVD zwijgt en stemt nog steeds toe. Totdat het plan, na goedkeuring in de Kamer, onder vuur komt te liggen. Buma: „Pas toen zei Mark – zwwwiep! – ineens: nee, we doen het toch maar niet.”

Tijdens het sluiten van het regeerakkoord met de PvdA betrekt de premier de eigen partijgenoten nauwelijks bij de onderhandelingen. Het brengt Rutte na het regeerakkoord intern in conflict met minister Edith Schippers (Volksgezondheid). Voor Buma is het geen verrassing. Tijdens het Catshuis-beraad belt hij geregeld met Schippers om de haalbaarheid van bezuinigingen op de zorg te bespreken. „Ik had de indruk dat Mark haar nooit belde.” In kringen rond Schippers wordt dit tegengesproken.

Rutte wil in zulke onderhandelingen zo graag een akkoord bereiken, vertelt Wilders, dat hij voortdurend het gevaar loopt zichzelf en zijn partij uit het oog te verliezen. „Ik was helemaal niet verbaasd door de toestand over de inkomensafhankelijke zorgpremie”, zegt de PVV-leider. „Hij kan alles weggeven, niet goed nadenken, politieke gevolgen niet overzien, vooral denken: we moeten er snel uitkomen voor de financiële markten.”

Wilders is ervan overtuigd dat het Rutte niets kon schelen dat de PvdA wilde nivelleren. „Als de PvdA had gevraagd alle lantaarnpalen rood te verven had hij acuut gezegd: prima idee! Als hij maar aan de macht blijft.” Rutte is er aan gewend geraakt dat zijn aanstekelijke enthousiasme hem overeind houdt, zegt Wilders. „Net als op de hockeyclub, vlak voor de finale.”

De controlfreak:

‘Hij trok bijna de gordijnen van de muur’

Maar soms wordt het zelfs Rutte te veel. Zijn woedeaanvallen komen onverwacht en worden nooit openbaar. Wilders weet nog dat Rutte twee jaar geleden, aan het einde van de formatie van zijn eerste kabinet, „de gordijnen bijna van de muren trok”. De onderhandelingen van VVD, CDA en PVV lopen op hun einde. CDA-leden moeten in een congres over deelname aan de coalitie beslissen, de spanning loopt op. Wilders is uitgenodigd in New York een anti-islamtoespraak te houden. „Ik had hem al verteld dat ik zou gaan.”

Maar als de PVV-leider uitlegt dat hij zijn plan doorzet, verliest Rutte zijn zelfbeheersing. „Een wonder dat die gordijnen er nog hingen”, zegt Wilders.

De PVV-leider maakt begin dit jaar een soortgelijke woede-uitbarsting van de premier mee, tijdens het Catshuis-beraad. Wilders zinspeelt er eind maart al op dat hij eruit stapt, en Rutte trekt het ineens niet meer. Hij dreigt Wilders’ partij tot de grond toe af te breken. „Mark is een controlfreak”, zegt de PVV-leider. „Hij explodeert als hij ergens geen greep meer op heeft.” Het is genoeg om zijn woede te koelen. „Na een half uur is hij het kwijt en lacht hij weer”, zegt Wilders.

Maar Rutte laat Wilders nooit het achterste van zijn tong te zien. Buma stelt het vast als er augustus 2011 overleg in de coalitie is over extra bezuinigingen. Doorrekeningen van het CPB laten koopkrachteffecten zien die Wilders niet bevallen. „Geert zei gewoon: zo kan het niet. En weigerde een alternatief te noemen.”

Bij CDA en VVD worden ze radeloos van dit gedrag, en Buma is erbij als Rutte in een nazit over de PVV verzucht: „Dit doe ik dus nooit meer.”

De liberaal:

‘Het vernis is eraf’

Mark Rutte, Mann ohne Eigenschaften? „Het contact met hem is nooit diep ideologisch”, vertelt SGP-leider Kees van der Staaij, die aan het einde van het Catshuis-beraad met VVD, CDA en PVV mee onderhandelt. „Mark heeft geen geharnast VVD-profiel. Het is geen scherpslijper.”

„Ik denk dat hij cultureel liberaler is dan hij zich voordoet”, zegt Buma. „Hij had het in 2010 over een kabinet waarbij rechts zijn vingers af kon likken. Harde teksten over minimumstraffen, criminelen keihard aanpakken, immigratie. Bekende VVD-thema’s. Maar vónd hij die dingen ook?”

Ook Pechtold zegt dat hij in de premier lange tijd de JOVD’er zag die Rutte was toen hij bekend werd. Een man die in 2006 bij de Stemwijzer niet toevallig op D66 uitkwam, en daarna de gevangene werd van conservatief-rechtse krachten in zijn partij. Wilders denkt dat Rutte „in zijn hart, op het financiële na, een linkse jongen is”. Volgens de PVV-leider is dit ook zichtbaar aan het gemak waarmee hij nu belastingverhoging verdedigt. „Alsof hij het zelf verzonnen heeft. Zijn fractievoorzitter Halbe Zijlstra kijkt erbij alsof hij moet kotsen.”

Het prettige van zijn pragmatisme en compromisbereidheid is dit jaar overgegaan in het ongemakkelijke gevoel dat Rutte misschien wel „nergens” voor staat, zegt Slob. Hij is geen man van inhoudelijke vergezichten, dat vindt Slob al jammer. Maar eigenlijk is het probleem groter. „Je wéét niet wat hem raakt.”

De partijleiders krijgen de vraag voorgelegd wat ze Rutte op zijn verjaardag cadeau zouden doen. De meesten moeten erkennen dat ze het niet weten. Ook Wilders niet, die hem van iedereen het langste kent: „Moeilijk te zeggen waar hij blij mee zou zijn... Eigenlijk kén ik hem dus helemaal niet.”

Rutte voerde een „platte” campagne, zegt Buma, en wekte die dagen vaak het idee dat hij „helemaal niet voorbereid” op debatten verscheen. De ellende die hij sinds de vorming van het kabinet over zich heen kreeg, was te verwachten. „Als je op het rode lampje tegen steun voor Griekenland drukt, en iedereen weet dat het binnen de kortste keren op groen zal springen, dan roep je het allemaal over jezelf af.”

Pechtold ziet ook voordelen aan de veelheid van coalities in het afgelopen jaar, en de recente problemen die dat opleverde. „Het vernis is eraf, hij wordt mens”, zegt hij. „Hij heeft butsen opgelopen, hij kan fouten toegeven. Dat is geloofwaardiger dan altijd maar vrolijk en joviaal ronddartelen.”

Mark Rutte wilde niet aan dit verhaal meewerken. Dat geldt ook voor Diederik Samsom, fractieleider van de PvdA, coalitiepartner.

    • Tom-Jan Meeus
    • Derk Stokmans