Een permaban voor Stapel

Het moment dat de commissie-Levelt een oordeel velde over voormalig doctor Stapel kon ik maar een ding denken: valsspeler. Of zoals gamers zeggen: cheater!

Ik ken zijn slag. Ik ben ze eerder tegengekomen. Tien jaar terug deed ik langdurig onderzoek naar schietspellen. Ik speelde vooral veel Counter-Strike, een pc-spel waarbij twee teams het online tegen elkaar opnemen. De terroristen moeten de bom plaatsen en de counterterroristen moeten dat voorkomen door de bom te demonteren, of alle tegenstanders neer te schieten.

Maandenlang had ik bijzonder veel lol in deze virtuele teamsport. Toen ging het mis. Sommige spelers konden opeens wel heel erg goed mikken en liepen rare routes naar tegenstanders. Alsof ze door muren konden kijken.

Dat konden ze dus ook. Opeens was het spel vergeven van cheaters. Met behulp van simpele software konden digitale vandalen met wallhacks door muren kijken en met aimbots automatisch mikken. Altijd raak.

In een klap was mijn hobby waardeloos. Elke goede speler was opeens verdacht. De teamspirit was weg. Nam je een onwaarschijnlijke route in het spel? Cheaterrrr!

De uitgever van Counter-Strike kwam met allerlei oplossingen. Zo konden server beheerders internetadressen blokkeren. Menig permaban, een soort virtuele doodstraf, werd net iets te willekeurig uitgedeeld aan betrapte en verdachte spelers.

Waar zit de lol in een overwinning zonder inspanning? Wat voor gevoel heb je als alle lof berust op fraude? Ik heb valsspelers nooit echt begrepen.

Sterker nog, ik veracht ze zoals ik Stapel veracht. In de woorden van historicus Johan Huizinga: „Zodra de regels overtreden worden, valt de spelwereld ineen. Er is geen spel meer.” Het gevolg van valsspelen is achterdocht en wanhoop, het spel wordt „zijn karakter ontnomen”. Opeens is iedereen verdacht. Een wetenschapper verzint zijn resultaten en alle wetenschappers zijn suspect.

En dus een permaban voor Stapel. Eeuwige en volledige verwijdering uit het wetenschappelijk spel.