Weer een strafrechter in verdachtenbankje

Wegens valsheid in geschrifte staat oud-strafrechter Henk de Graaff voor de rechter. Het OM vraagt vrijspraak.

Hoe dat nu voelde om als voormalige strafrechter opeens zelf als verdachte in de beklaagdenbank te zitten? Dat vroeg de president van de rechtbank in Arnhem gisteren aan ex-collega Henk de Graaff. Hij stond terecht voor valsheid in geschrifte. Hij wordt ervan verdacht in 2010 als rechter een valse beschikking te hebben laten opmaken om te voorkomen dat een verdachte uit voorarrest zou worden vrijgelaten.

De verdachte rechter, die zich niet liet bijstaan door een advocaat, noemde het een vervreemdende situatie. „Een gigantische belasting. Het verlamt mijn bestaan”, zei De Graaff. Door de vervolging is de rechter, die vorig jaar met vervroegd pensioen ging, zelfs niet in staat vrijwilligerswerk te krijgen. „Deze strafzaak is een geweldige aanslag op mijn integriteit en zelfbeeld. Mijn twee zoons worden er ook voortdurend op aangesproken.”

De 64-jarige De Graaff is de derde Haagse rechter die dit jaar voor de strafrechter staat. De Graaff is theoloog en jurist. Hij werd op latere leeftijd officier van justitie, maakte furore als aanklager in de zogeheten Clickfonds-fraudezaak en werd in 2003 rechter. In 2010 behandelde hij een pro-formazaak tegen een verdachte van een roofoverval. De zitting verliep chaotisch en eindigde in een wrakingsverzoek. Uit het proces-verbaal van de zitting bleek dat de rechtbank had nagelaten te zeggen voor welke termijn de zaak werd geschorst. Dat had als consequentie kunnen hebben dat de verdachte vrijuit zou gaan.

De Graaff heeft daarop weken later op eigen houtje besloten het zittingsverslag aan te passen omdat hij dacht dat hij de zogeheten schorsingsformule wel had uitgesproken. Collega’s en andere getuigen, zoals de griffier en officier van justitie, delen die lezing niet. „Ik wilde een omissie herstellen”, zei De Graaff gisteren.

Maar iedereen maakt toch wel eens een fout, vroeg een van de rechters. Dat is toch niet zo erg?

„Dat vind ik een dooddoener”, zei De Graaff. „Ik stel altijd hoge eisen aan mezelf.”

De rechtbank liet blijken verbaasd te zijn dat De Graaff over de exacte gebeurtenissen op de zitting niet de griffier heeft geraadpleegd die destijds aanwezig was. De Graaff zei niet te weten waarom hij hem en de zittingsaantekeningen niet had geconsulteerd. De verdachte van de roofoverval deed vorig jaar aangifte tegen De Graaff wegens valselijk opmaken van een verbaal. Het OM seponeerde de zaak maar moest na een beklag in opdracht van het hof de zaak toch behandelen.

Officier van justitie J. Grijns meent dat aannemelijk is dat De Graaff een onjuiste beschikking heeft laten opstellen. Hij heeft onzorgvuldig gehandeld en „het beeld van de rechterlijke macht geschaad”. Wel wees de officier van justitie erop dat De Graaff een blanco strafblad heeft. En het OM vindt dat niet kan worden bewezen dat De Graaf opzettelijk fout heeft gehandeld. Het eist daarom vrijspraak.

De verdachte van de roofoverval eiste gisteren een schadevergoeding van ruim 10.000 euro van De Graaff. Dat betreft vergoeding voor juridische kosten en 5.000 euro immateriële schadevergoeding. „Door bewust onzorgvuldig handelen van de rechter is cliënt het vertrouwen in de rechtspraak volledig kwijt”, zei de advocaat van de man, Hajé Weisfelt. Eiser wil dat De Graaff smartegeld overmaakt aan het Rode Kruis. Hij wil het geld niet zelf ontvangen en ziet het als „bloedgeld”.

De rechtbank in Arnhem doet op 19 december uitspraak.