Nieuwe poging van Duitse staten om NPD te verbieden

Een verbod van de Duitse extreemrechtse NPD komt dichterbij nu vandaag ook de premiers van de zestien Duitse deelstaten daarmee zouden instemmen.

Gisteren al kwamen de deelstaatministers van Binnenlandse Zaken in het Noord-Duitse Rostock tot een gezamenlijke aanbeveling tot een dergelijk partijverbod. Buiten demonstreerden tientallen activisten van de partij, die op dit moment legaal is en net als andere politieke partijen subsidie ontvangt van de staat.

Een mogelijk verbod van de NPD, die volgens critici neonazistische trekjes heeft, is opnieuw actueel sinds vorig jaar duidelijk werd dat een ultrarechtse terreurgroep uit Jena verantwoordelijk was voor een reeks racistische moorden op Turkse restauranthouders. Vermoed wordt dat de leden van deze cel, die zich de Nazionalsozialistischer Untergrund (NSU) noemt, gelieerd was aan de NPD.

Maar het verbieden van politieke partijen ligt in Duitsland bijzonder gevoelig omdat dit herinneringen zou oproepen aan het nazi-regime van Adolf Hitler en aan de communistische DDR die geen tegenspraak duldden. Een eerdere poging om de NPD te verbieden in 2003 mislukte onder meer omdat bleek dat de kroongetuigen uit de top van de partij grotendeels tevens informanten waren van de inlichtingendiensten.

De ministers van Binnenlandse Zaken besloten gisteren om een strafzaak in te dienen bij het Constitutioneel Hof in Karlsruhe die moet oordelen of de NPD handelt in strijd met de Grondwet.

Bondsminister Hans-Peter Friedrich (Binnenlandse Zaken, CSU) zei gisteren te geloven dat „we nu betere bewijzen hebben tegen de NPD dan in 2003”. Maar hij sprak ook twijfels uit over de procedure. Hij zei te vrezen dat „een partij die bezig was weg te zinken in vergetelheid door dit verbod weer in de belangstelling komt te staan”.

NPD-voorzitter Holger Apfel heeft verklaard dat hij ervan overtuigd is dat het verbod wederom zal worden afgewezen door de rechters in Karlsruhe.