Zwarte Piet is zwart

Zodra Sinterklaas in het land is, barsten er twee rituelen los. Het ene behelst rode wangen, schoentjes bij de kachel en een berg cadeaus. Het andere bestaat uit taal: bittere woorden worden gesproken over de knecht van Sint Nicolaas. Die is zwart, dat is discriminatie en dat moet nou maar eens afgelopen zijn. Beide rituelen zijn vluchtig. Na de magische datum van 5 december heeft niemand het er meer over – zowel Sinterklaas als de morele bezorgdheid over zijn personeelsbeleid verdampt, alsof ze nooit bestonden.

Ook dit jaar is het raak. Een Amsterdamse wethouder heeft verklaard dat zij nu werkelijk van de zwart geschminkte knecht af wil, uit vrees voor belediging van gekleurde Nederlanders. Als ze even verder denkt, zal ze er ook vanaf willen dat Sint, als een ware slavenhouder, al zijn knechten aanroept met dezelfde voornaam. En wat te doen met Sints seksisme? Hij wil alleen met mannen werken.

Haar oproep leidde tot berichtgeving in de Amerikaanse media. Die verbaasden zich over de zwarte knecht. Ze informeerden zich en meldden ook dat ‘sinterklaas’ in de eerste plaats een kinderfeest is. Dat voor kinderen de Afrikaanse herkomst van Zwarte Piet geen rol speelt. Dat dat vooral een probleem is van sommige volwassenen.

Als het aan de wethouder ligt, doen de Pieten het bij de volgende intocht in Amsterdam met wat roetvegen over hun wangen. Daarmee schaart zij zich bij de groep die volhoudt dat Zwarte Piet zwart is van de kachelpijp – alsof knechten zich nooit wassen. Een tegengeluid luidt dat ‘Zwarte Piet’ geen man is maar de personificatie van de duivel – alsof die duivel zich braaf laat leiden door een katholieke heilige.

Beide versies zijn even hypocriet. Ieder kind dat nog vast gelooft in Sinterklaas, weet dat Zwarte Piet een zwarte man is. Niet van het roet of omdat hij eng is, maar omdat hij een gekleurde huid heeft. Leidt dat tot racisme bij zo’n kind, dan is het aan de ouders om het op te voeden. Stoort het kind zich eraan dat Piet per definitie een knecht is, dan kunnen zijn ouders het troosten met een verwijzing naar machtige zwarte mensen, zoals de president van de Verenigde Staten.

Intussen kijkt iedereen naar het Sinterklaasjournaal. Met Sinterklaas als directeur, maar de Hoofdpiet runt de zaken. (Vroeger speelde Piet Römer hem, tevens rechercheur De Cock, de vader van heel Nederland.)

Wie niet in Zwarte Piet gelooft, gelooft niet in Sinterklaas. Schrappen we Zwarte Piet dan verminken we Sint Nicolaas, al was het maar doordat dan ook de vele sinterklaasliederen met Zwarte Piet in de ban gedaan moeten worden. Het sinterklaasfeest wordt bleek, de kans bestaat dat de goedheiligman het zal het afleggen tegen de kerstman. En dat wil niemand.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.