Worden de restanten van De Walcheren ooit nog gevonden?

Het Zeeuwse vlaggenschip De Walcheren, zoals het er in de zeventiende eeuw moet hebben uitgezien.

Duikers van de Defensie Duikgroep zijn deze week voor de kust van Vlissingen opnieuw aan het zoeken naar restanten van het admiraalsschip De Walcheren. Dit Zeeuwse vlaggenschip van ruim veertig meter verging in 1689 voor het oog van duizenden toeschouwers in de haven van Vlissingen.

Bijnaam luitenant-admiraal was Keesje de Duvel

De Walcheren wordt wel eens de Costa Concordia van 1689 genoemd. Op 27 september van dat jaar stonden duizenden mensen op de kade te wachten op de terugkeer van het rijk versierde oorlogsschip van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden uit Engeland. Het grootse onthaal eindigde in een drama. Met mogelijk iets teveel bravoure voer het schip, onder leiding van luitenant-admiraal Cornelis Evertsen, richting de haven. Met vol zeil raakte het schip de pier van de haveningang. De Walcheren sloeg om en zonk vrijwel direct. Daarbij kwamen 24 mensen om het leven.

Fred Groen van de wrakduikstichting De Roompot is al jaren bezig met de zoektocht naar het admiraalsschip, maar de vergelijking met de Costa Concordia gaat volgens hem niet helemaal op.

“Natuurlijk, de bijnaam van Evertsen was niet voor niets Keesje de Duvel. Het was een man van bravoure en duizenden mensen kwamen naar de haven omdat ze wisten dat hij kwam aanvaren met dat prachtige schip. Of hij toen echt teveel risico heeft genomen? Ik denk gewoon dat hij heel veel moeite heef gehad om het schip onder controle te houden door de harde wind. Uit documenten blijkt dat alle schepen het lastig hadden. Alleen De Walcheren liep op de klippen.”

De plek waar het schip op het Westerhavenhoofd botste. De Walcheren voer nog even door, voordat hij onder water verdween. Rechts het zoekgebied.De plek waar het schip op het Westerhavenhoofd botste. De Walcheren voer nog even door, voordat hij onder water verdween. Rechts het zoekgebied.

Deze zomer toch géén doorbraak

De zoektocht van Groen naar het schip begon in de jaren tachtig met het verzamelen van archiefstukken en de eerste dieptemetingen. De afgelopen jaren is het onderzoek in een stroomversnelling gekomen. In 2010 en 2011 heeft Groen zelf voor het eerst gedoken naar de restanten en deze zomer werd er voor het eerst samengewerkt met de marine. Met een onderwaterrobot, sonar en duikers werd gezocht in het gebied ter hoogte van de voormalige ingang van de Nieuwe Haven (zie kaart).

Even leek er een doorbraak te zijn in de zoektocht naar De Walcheren. Er werden scheepsbalken en een eeuwenoud bakstenen muurtje, mogelijk van een broodbakoven, gevonden. Er kon echter niet worden aangetoond of het daadwerkelijk om resten van de Walcheren zou gaan. De zoektocht wordt deze week voortgezet. Joost Margés van de Koninklijke Marine:

“In de zomer hadden we niet zoveel tijd. Nu hebben we wat meer dagen, hoewel het weer nog niet echt meezit. Er is teveel wind, waardoor het duikvaartuig niet in actie kan komen. Wij werken hier graag aan mee omdat het toch ook een zoektocht naar onze eigen marine-historie is. En het past goed binnen het opleidingsprogramma van onze duikers.”

De scheepsbalken die deze zomer uit het water werden gevist. Er kon niet worden vastgesteld dat het daadwerkelijk om resten van de Walcheren zou gaan. Foto Koninklijke MarineDe scheepsbalken die deze zomer uit het water werden gevist. Er kon niet worden vastgesteld dat het daadwerkelijk om resten van de Walcheren zou gaan. Foto Koninklijke Marine

Nog tientallen ‘kanons’ op de zeebodem

Vanaf het duikvaartuig Cerberus zoeken de marineduikers deze week met sonarapparatuur de Scheldemonding voor de rede van Vlissingen af. Zowel sonar- als magnetisch onderzoek tonen hier veel verstoringen in de bodem, wat kan duiden op restanten van De Walcheren. Groen is er echter van overtuigd dat de resten van de Walcheren er moeten zijn. Zo moeten er nog genoeg kanons - alleen landrotten zeggen kanonnen - op de zeebodem liggen.

“Volgens de overlevering had het schip zeventig kanons aan boord. Daarvan zijn er 34 geborgen en naar de rest zijn we op zoek. Hier aan boord van de Cerberus heerst een gezonde spanning. Bij mij en bij iedereen. Ieder moment kunnen we op iets stuiten en kunnen we zeggen: we hebben hem. Dat zou geweldig zijn.”

Het is echter een flinke uitdaging en het is allesbehalve zeker dat de duikers, die op de plekken waar volgens de sonarapparatuur flinke verstoringen in de bodem zijn, ook wat zullen aantreffen. Het zich onder water is slechts dertig centimeter en wat er allemaal nog precies ligt is onzeker. Margés:

“We weten waar het schip ongeveer is gezonken, maar omdat het scheepswrak de toegang van de haven blokkeerde is het restant ooit met buskruit opgeblazen. Dan gaat de stroming ook zijn werk doen, dus de restanten kunnen over de hele zeebodem zijn verspreid. Daarnaast is de kans groot dat de restanten nu onder vier meter zand liggen en lastig zijn te vinden.”

De Walcheren is het vlaggenschip van Zeeland

Waarom is het eigenlijk belangrijk dat er delen van het schip uit 1689 boven water komen? Groen:

“Het is het vlaggenschip van Zeeland, zoals de Zeven Provinciën die van Holland was. Het schip is hier in Zeeland gebouwd en over die manier van bouwen weten we eigenlijk heel weinig. Mochten we een keer een kanon aantreffen dan kunnen we die ook niet zomaar uit het zand trekken, want dan maak je alles kapot. Het gaat juist om die scheepsarchitectuur, dus we moeten niks overhaast doen. Mogelijk is er nog een hele zijde van het schip intact.”

De zoektocht van de marine duurt nog tot en met volgende week.

Bekijk hier de reportage die de NOS deze zomer maakte.

    • Lex Boon