Verkleedpartijtjes

Een keer per jaar draaiorgelt de buurvrouw van nummer 3 het hele blok het bed uit. Het is maar een keer per jaar, en omdat dingen die maar een keer per jaar gebeuren veelal vergeten worden, wordt het haar ieder jaar weer vergeven. Toch moet ze een bijzondere stereo-installatie op het balkon hebben staan wil ze zelfs de buren op 23 – die nota bene in het achterhuis slapen – om 08.00 uur de straat op krijgen.

Bed uit. Trui aan. Deur of raam open.

Eenmaal achter het raam of op straat vergeven we buurvrouw meteen haar zonde. Zijn haar zelfs dankbaar voor de zoetsappige nostalgie waar ze ons ieder jaar weer op trakteert: Een grachten-Sinterklaas.

De setting: twee grachten die elkaar kruisen. Ochtendschemer, lampjes, en een brug vol met kleine dreumesen die uit volle borst meezingen op ‘toch niet stilletjes voorbij’. Tromgeroffel. Gejoel. Een piepklein gilletje. En ja hoor, daar staat ie, voorop in zijn notarisbootje, de zwarte pieten op het achterdek – hoe lang zou Piet nog zwart zijn en op het achterdek staan? – zo vanachter het raam beschouwd een heel serieuze Sinterklaas.

Even ben ik zelf weer een van die kinderen op de brug. Even voel ik weer dat sprookjesachtige genot van mijn schoen zetten en de kriebelende spanning die ik beleefde als ik ‘s nachts op mijn tenen door het huis sloop om te verifiëren of Sinterklaas ons niet vergeten was. Of om de borstplaat – Sinterklaas U weet nu toch wel dat ik dat niet lust! – die uit mijn laarsje stak in de laars van mijn Zus te stoppen en te verwisselen met de chocola of marsepein die uit haar laarsje stak, (sorry Zus).

Nu, 09.11 uur, is de brug weer leeg en de magie weer weggevaren op zijn notarisbootje. Wellicht liggen de jeukende mijter en baard al in een hoekje. Maar dat geeft niet. Even was hij er. Even betoverde hij ons, tilde ons boven de dag uit en liet hij ons voelen waarom verkleedpartijtjes zo veel meer dan verkleedpartijtjes kunnen zijn.

Is het al te laat voor m’n schoen?