Morsi vluchtte niet, heet het

Door zich boven de wet te plaatsen heeft president Morsi grote woede gewekt. Gisteren gingen 100.000 Egyptenaren betogen bij zijn paleis.

De menigte die gisteren naar het Egyptische presidentieel paleis in Kaireense wijk Heliopolis is getrokken om te protesteren tegen president Morsi’s nieuwe, bijna onbeperkte bevoegdheden, aarzelt wanneer zij op de Nadilaan voor een politieversperring komt te staan. Maar al snel worden de rollen prikkeldraad vertrapt en weggehaald door de betogers. Even hangt er spanning in de lucht. Maar dan geeft de politie het gewoon op. Terwijl de menigte richting paleis rent, wordt nog een drietal traangasgranaten afgevuurd. Ze hebben weinig effect.

Of de politie orders had om niet hard op te treden, of dat ze het zelf niet zo begrepen heeft op president Mohammed Morsi, die zich vorige maand per decreet boven de wet plaatste, is onduidelijk. Maar minuten later plakken de betogers anti-Morsi-stickers op de uniformen van breed glimlachende politieagenten. „Het volk en de politie zijn één hand”, klinkt het, net als tijdens de revolutie vorig jaar over het leger werd gezegd.

Even later zitten er betogers bovenop de toegangspoort van het paleis. De politie is niet meer te bespeuren. Het bericht komt dat de president het paleis heeft verlaten. Geen vlucht, zeggen zijn woordvoerders, hij had een afspraak. Maar de beelden van een president die zijn paleis verlaat onder bescherming van de ordetroepen terwijl betogers om zijn vertrek roepen, zijn niet te wissen.

In de loop van de avond groeit de massa uit tot zo’n honderdduizend. (Morsi’s fundamentalistische Moslimbroederschap houdt het op tweeduizend.) Veel mensen hier zijn gegoede burgers; het percentage ongesluierde vrouwen is opvallend groot. Arme mensen zijn nauwelijks te bekennen. Een belangrijk deel van de menigte bestaat uit felool: het scheldwoord waarmee de mensen worden aangeduid die tijdens de revolutie van vorig jaar trouw bleven aan president Mubarak.

De laatste keer dat 49-jarige Badr Kamal, in een witte Dolce & Gabbana-vest met bonten kraag, naar een betoging ging was in juni om Ahmed Shafiq te steunen, de presidentskandidaat die gold als de man van het oude regime. „Ja, veel mensen hier hebben ongetwijfeld voor Shafiq gestemd,” geeft Kamal toe.

Toch komt hij nu op voor de revolutie. „We kunnen niet toelaten dat één partij, de Moslimbroederschap, alles voor het zeggen heeft in Egypte. Wij kunnen niet toelaten dat onze revolutie wordt gestolen. Dat zijn we verplicht aan al die jongeren die er hun leven voor hebben gegeven.”

Dat de felool nu aan dezelfde kant staan als de revolutionairen is een probleem, zegt de 24-jarige Mahmoud Hashem voor de poort van het paleis. „Het is normaal dat zij hier zijn. Niemand haat de Moslimbroeders zo erg als de felool.” Maar hij vreest dat een alliantie met de felool contraproductief zal zijn. „Dat de vijand van mijn vijand mijn vriend is, gaat in tegen alle principes van de revolutie.”

Ondertussen stroomde ook het Tahrirplein opnieuw vol met anti-Morsi-betogers. In Alexandrië, Assiut en – voor het eerst – in de toeristische steden Sharm al-Sheikh en Luxor werd eveneens actie gevoerd tegen Morsi.

Bij het paleis werden gisteravond laat de eerste tenten opgetrokken voor wat een zitstaking moet worden. De eisen zijn onduidelijk: moet Morsi aftreden, of volstaat het dat hij het decreet intrekt waarmee hij de rechterlijke macht buiten spel heeft gezet? Die laatste zou van plan zijn geweest om de commissie te ontbinden die aan de nieuwe grondwet werkte. Op 15 december moeten de Egyptenaren zich in een referendum uitspreken over die grondwet.

De verleiding is groot om het conflict rond de grondwet te zien als religieus versus seculier. Daarbij wint religieus het altijd. Maar in Heliopolis houdt een vrouw in een zwarte gezichtssluier met haar zoontje een groot spandoek omhoog. „Ik ben hier om tegen de grondwet te protesteren”, zegt ze. „Wij willen in een vrije rechtsstaat leven. Het kan niet dat de Moslimbroederschap alles voor het zeggen heeft in Egypte.”