Krokodillentranen? Het gelijk is nu even aan de niet-voetbalkenners

Voor iemand die niet van sport houdt is Mart Smeets een buitenaards wezen, een stadion een gekkenhuis en de reden om een grensrechter dood te schoppen onbevattelijk. Sportfanatisme is in dat licht een psychische aandoening.

Maar ja - is het eerlijk om de tranen van Smeets, het geschreeuw van vaders langs de lijn en de geweldsuitbarsting dit weekend van drie puberende amateurvoetballers op één hoop te gooien? Staat dit uitzonderlijke gedrag niet los van de voetballerij? Of is het wel degelijk een exces van de sfeer langs de lijn?

Woorden van Peter R. de Vries geven voeding aan dat laatste. “Feit is ook dat veel clubgrensrechters stuitend partijdig zijn en grenzeloos onsportief. Zie het elke week”, twitterde hij dinsdag. Iedereen viel over hem heen, ook voetballiefhebbers, maar het was - in al zijn onbeholpenheid - misschien wel de meest eerlijke opmerking in de publieke discussie die nu gaande is. De Vries doelde op de zogeheten thuisfluiters, scheids- of grensrechters die geneigd zijn in het voordeel van hun eigen club te beslissen. Terwijl de misdaadverslaggever in de reguliere media de oren werd gewassen, blijkt hij op voetbalforums een breed gedeelde ergernis aangestipt te hebben. De teneur: dat soort lui verdienen een uitbrander, maar geen stomp.

http://www.youtube.com/watch?v=yy8Cq9_uBrA

Wie verontwaardigd is over de tweet van De Vries, doet er dus goed aan die verontwaardiging breder te trekken. Waar ligt de grens tussen sportieve competitie en hatelijke strijd? Natuurlijk, een winnaarsmentaliteit krijg je niet als je het andere elftal als een gezelschap ballerina’s inbeeldt. Er mag best een onvertogen woord vallen of een iets te harde schouderduw uitgedeeld worden, maar getuige de incidenten die de media halen gaat het er regelmatig ruiger aan toe.

Tekenend is dat de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond (KNVB) al jarenlang campagne voert tegen geweld op amateurclubs. “De lieve woordjes en softe campagnes van de afgelopen jaren hebben helaas niet geholpen”, zei een woordvoerder eerder dit jaar in NRC Handelsblad. Dat het nu een maatschappelijk debat is, niet voor de eerste keer overigens, zegt ook wel iets: media zijn de spiegel van de samenleving en de samenleving, waaronder de mensen die de clubs bezoeken, hebben blijkbaar een probleem met de sfeer langs de lijn.

Sport en relativering gaan moeilijk samen

Interessant is de analyse van sportpsycholoog Frank Bakker. “Natuurlijk weet je dat je woede morgen is weggeëbd, maar die wetenschap helpt je niet”, zei hij in een artikel van NRC-redacteur Bas Blokker. “Je staat niet open voor relativering. De emotie is absoluut. Het is een gesloten ervaring. In sport komt daar nog iets bij: om in te gaan tegen het appèl dat een emotie op je doet, heb je energie nodig. Maar juist bij het sporten ben je door je reserves heen, je bent moe, het zit tegen, je haalt het niet. En dan vlagt de grensrechter ten onrechte voor buitenspel. Dan heb je niet meer de energie om tegen jezelf te zeggen: kom kom, het valt wel mee, of wat doet het ertoe? Nee, dan zit er geen stop meer op.”

Marcel van Roosmalen, columnist van nrc.next en oud-amateurvoetballer, gaf die analyse vanmorgen zeggingskracht: “Na iedere beslissing werd de scheidsrechter door spelers van beide teams bestormd. Dan sprintte hij al fluitend zo snel mogelijk richting middenlijn. Ik deed ook mee aan die achtervolgingen en de duw- en trek- en scheldpartijen. Ik geloof niet dat we hem daadwerkelijk in elkaar wilden slaan.” Nog treffender is zijn karakterschets van voormalig teamgenoten: vaders met keurige banen die zich op het veld en in de kantine uitleven. Of zoals een speler aan hem toevertrouwde: “Op dinsdag - de trainingsavond - en op zaterdag leef ik. De rest van de week kom ik bij.” Dat de KNVB zaterdag ‘een moment van bezinning’ wil (en alle amateurwedstrijden heeft afgelast), lijkt van Roosmalen dan ook een slecht idee. “Bezinnen kan thuis, daarvoor zitten ze niet op voetbal.” Het staat ook haaks op de slagzin van de KNVB zelf: ‘Voetbal is ons leven.’

Laat voetbalnitwits oordelen over geweld op het veld

Zo bezien is het niet vanzelfsprekend dat het tragische incident tijdens de voetbalwedstrijd ‘Buitenboys - Nieuw Sloten’ leidt tot een cultuuromslag. Simpelweg omdat strijd en geweldsretoriek (verdedigers, aanvallers) besloten liggen in het spel. Wie deze emotie uit de sport haalt, maakt de sport kapot - zoals een parodie van de Vliegende Panters duidelijk maakt. Met moreel gedelibereer krijg je de ballen niet in het doel.

Wel zou het misschien helpen om duidelijke afspraken te maken. 1. Geen onderscheid meer tussen een elleboogstoot op het veld en een elleboogstoot op straat, altijd aangifte. 2. Schakel een belediging aan het adres van een scheidsrechter gelijk aan het verbaal vernederen van een tramconducteur. 3. Voeg niet-voetbalkenners toe aan de tuchtcommissie van de KNVB.

Dat laatste is misschien een raar idee. Maar wie onbevangen naar gewelddadige overtredingen kijkt, zal het gedrag op zijn merites beoordelen. Pas dan kan de dood van grensrechter Richard Nieuwenhuizen nog tot iets positiefs leiden. Het gaat er niet om of hij wel of geen thuisfluiter was, maar dat hij slachtoffer is van een mishandeling met dodelijke afloop. Wie zulks op zijn geweten heeft, staat buitenspel.

Volg de auteur op Twitter

    • Steven de Jong