Armzalig hoopje kussen

Koning van Katoren. Regie: Ben Sombogaart. Met: Mingus Dagelet, Abbey Hoes, Hans Leendertse, Frits Lambrechts. In: 114 bioscopen.

Zullen de velen die het boek Koning van Katoren van D66-politicus Jan Terlouw in hun jeugdjaren verslonden met hun eigen kroost naar de verfilming gaan? Dat is natuurlijk wat de makers hopen. Maar de grote gok ligt bij de jongeren: gaan zij de film omarmen? Zij groeiden op met Potter en Pixar. Films met een veel groter budget dan Koning van Katoren, dat een wat armoedige indruk maakt. De schaal is te klein, de inhoud oubollig, de verbeeldingskracht mager.

De climax is tekenend. Daarin moet hoofdpersoon Stach, die vijf opdrachten moet uitvoeren om koning van Katoren te worden, van een hoge toren springen. De duizenden kussens die in het boek zijn val breken, zijn hier een vrij zielig hoopje. Ook een transformatie van tonnen chemisch afval tot draak is eerder lachwekkend dan imposant. Regisseur Ben Sombogaart probeert er met een dynamische staccatomontage de vaart in te houden. Toch bekruipt je als kijker al snel de vraag: hoeveel opdrachten nog? Terwijl er van de zeven opdrachten in het boek nog maar vijf over zijn.

Er werkten vier componisten aan de film, wat een constant muzikaal tapijt van bigbandjazz en popliedjes oplevert. Ook inhoudelijk voel je een worsteling. Enerzijds behoudt de film het D66-gedachtegoed, met waarschuwingen tegen vervuiling, religieuze twist en machtsmisbruik. Anderzijds is er behoefte de bron te moderniseren. Hoofdpersoon Stach is de belichaming van de internetgeneratie: arrogant en onwetend tegelijk, vat hij de opdrachten op als een soort talentenjacht. Er wordt actie gevoerd via sociale netwerken en het meisje Kim (Abbey Hoes), dat Stach volgt, houdt ‘een blogje’ bij, wat lessen en sleetse grappen oplevert over ‘echte’ journalistiek. Want uiteindelijk wil het toch al moraliserende Koning van Katoren de jeugd vooral wat nederigheid bijbrengen.

    • André Waardenburg