Machtsstrijd in Jemen steeds sektarischer

Een nationale dialoog zou tot verkiezingen moeten leiden in Jemen. In plaats daarvan vechten partijen overal om de macht. Is een oorlog onafwendbaar?

Vrouwen liepen vrijdag mee in de wekelijkse demonstratie voor democratie in de Jemenitische hoofdstad Sana’a. Foto Reuters

De Jemenitische oud-president Ali Abdullah Saleh vertrok een jaar geleden van het toneel. Dat leidde tot een machtsstrijd die steeds sektarischer dreigt te worden.

„Nee tegen geweld, nee tegen sektarische verdeeldheid”, staat er op de muur van een vervallen gebouw van de universiteit van Sana’a. Klinkt goed, maar dat is het volgens student Jabr Ghazeer (24) helemaal niet. „De Islah heeft dat hier opgehangen nadat studenten tegen de partij hadden gedemonstreerd. Ze beweren dat wij Houthi’s [shi’itische rebellen, JS] zijn, en dat we uit zijn op sektarisch geweld.”

De universiteit is al maanden een speelbal van de politiek. De fundamentalistische Islah-partij, tegenstander van het oude regime, wil dat de nieuw aan te stellen rector uit haar gelederen komt.

De Motamar, de oude regeringspartij, wil haar eigen man aan het hoofd van Jemens grootste onderwijsinstituut. Studenten als Ghazeer willen geen politiek op hun campus, en al helemaal geen leger.

Want dat is een ander probleem: aan de randen van het universiteitsterrein wemelt het van de militairen van het legeronderdeel van generaal Ali Mohsen, die tijdens de revolutie in 2011 overliep naar het anti-Saleh kamp. Of beter gezegd: naar het Islah-kamp. „Islah wil de macht over de universiteit omdat het zo zijn ideeën in de hoofden van studenten kan plaatsen”, zegt Ghazeer.

De universiteit is illustratief voor het hele land. Overal vechten partijen om de macht, vaak met hulp van dat deel van het leger dat aan hun kant staat. Het centrale gezag legt hun geen strobreed in de weg, dat is te zwak.

Na Salehs vertrek werd zijn vicepresident, de nietszeggende Abd Rabbu Mansour Hadi, tot president verkozen. Dat gebeurde in verkiezingen waarbij hij de enige kandidaat was. Hadi moet nu binnen twee jaar het land naar eerlijke verkiezingen leiden. Een nationale dialoog zou het pad daartoe moeten effenen.

Die dialoog zou al begonnen moeten zijn, maar in de voorbereidingen gaat het telkens mis. De shi’itische Houthi’s willen niet om de tafel zitten met de Amerikaanse ambassadeur (die ook bij de dialoog betrokken is), de zuidelijke afscheidingsbeweging wil helemaal niet meedoen en de leden die wel met elkaar willen praten, zijn het niet eens over de onderwerpen die behandeld moeten worden.

De gewone Jemeniet haalt intussen zijn schouders op. „Die dialoog is gewoon weer een speeltje van de elite die dit land al jaren bestuurt. Praten, praten, praten, niks doen. Waarom krijgen we niet gewoon verkiezingen”, vraagt lerares Belqis Alwail (29). Anderen weten niet eens dat er een dialoog wordt voorbereid.

Toch zijn er genoeg optimisten die denken dat de dialoog een succes gaat worden, dat het leger wordt geherstructureerd, dat er een oplossing komt voor het achtergestelde zuiden en dat de oude garde dan voorgoed uitgespeeld is. Er zijn ook pessimisten die denken dat burgeroorlog onafwendbaar is.

Die zou dan grofweg gaan tussen aan de ene kant Islah, de radicalere salafisten en Al-Qaeda, en aan de andere kant de Houthi’s en het oude regime. In religieuze termen tussen de sunnieten en de shi’ieten, want de voormalige regerende elite bestaat voornamelijk uit zaïdieten, een shi’itische stroming. Dat zou uniek zijn, Jemen kende nooit sektarische verdeeldheid en was daar trots op.

Maar Jemen lijkt nu te worden meegezogen in de strijd tussen sunnitisch Saoedi-Arabië en shi’itisch Iran die zich momenteel in het Midden-Oosten afspeelt. Veel Jemenieten denken inderdaad dat hun land op afstand wordt bestuurd door Iran en Saoedi-Arabië, dat op zijn beurt weer aan de leiband loopt van de Verenigde Staten.

Ook uniek zou een alliantie zijn tussen de Houthi’s en de oude regering. Tussen 2004 en 2010 bevochten die elkaar in een reeks oorlogen in het noorden van het land. Maar dat soort schuivende loyaliteiten verbaast hier niemand. „Uiteindelijk gaat het erom waar het meeste geld te halen is”, zegt student Ghazeer.

Precies zoals het was onder het 33-jarige regime van Ali Abdullah Saleh, die achter de schermen nog steeds zijn patronagenetwerk aanstuurt. Dat is ook niet al te moeilijk; de voormalige president woont nog gewoon in zijn gigantische huis midden in de hoofdstad Sana’a en heeft nog altijd talloze familieleden op strategische militaire en zakelijke posten.

Aan de universiteit wordt nu bijna dagelijks gedemonstreerd. Saleh zei destijds: „iedereen mag zeggen wat hij wil, ik doe wat ik wil”. De Islah-partij en generaal Ali Mohsen kunnen zich wel vinden in die pseudo-democratische strategie van hun gehate tegenstander, ze hebben al gezegd zich niets van de demonstraties aan te trekken.