Zomaar een slachtoffer

Syrians and Jordanians bury the body of Emara al-Zoabi, 7-months-old, who was killed from Syrian government forces shelling in Ramtha City, north Amman, Jordan, Sunday, Dec. 2, 2012. Al-Zoabi was killed in Tafas village, in the Syrian city of Daraa, on Dec. 1. (AP Photo/Mohammad Hannon) AP

Nieuws is volgens een bekende definitie alles wat afwijkt van het gewone. Een land dat een buurland binnenvalt – nieuws. Een bevolking die de wapens opneemt tegen een dictator – nieuws. Maar als een oorlog maandenlang voortduurt, wordt dat de status quo.

In maart 2011, toen de opstand in Syrië begon, zou deze foto alle voorpagina’s hebben gehaald. Geen beeld drukt het oorlogsleed beter uit dan een moeder die haar kind begraaft. Emara al-Zoabi, zeven maanden oud, is gisteren begraven. Ze overleed door een raketaanval.

Nu, meer dan anderhalf jaar later, is Emara al-Zoabi een van de velen die dit weekend omkwamen door het gewelddadige optreden van het Syrische leger: tien mensen bij een raketaanval in Deir al-Asafir, vijftien mensen bij een bomexplosie in Homs. Als een van de velen schuift de foto van Emara al-Zoabi langs de ogen van de beeldredacteur.