Waar is de bank als je krediet nodig hebt?

Voor bankiers worden geen standbeelden opgericht. Toch staat in Den Haag een bank met een beeldengroep. Drie mannen. Eén heeft de spreekwoordelijke paraplu die banken u graag lenen als de zon schijnt, maar terugeisen als het gaat regenen. Zij staan voor NIBC, voorheen de Nationale Investeringsbank (NIB), opgericht als de Herstelbank (1945).

De Herstelbank was een doorbraakbank. De bank gaf langlopende leningen aan industrie en bedrijfsleven toen andere banken dat niet deden. Doel: economisch herstel. Vandaar de naam.

De tweede doorbraak was dat de staat de basis legde en commerciële financiers, zoals banken en verzekeraars, de rest van het kapitaal stortten. De bank was een cruciale financier in twee fases waarin andere banken het vanwege de risico’s lieten afweten. Dat was meteen na de oorlog en in de overgang van een industriële naar een dienstverlenende economie (1975-1985).

Nu zit Nederland weer in zo’n fase: eenderde van de bedrijven voelt zich belemmerd in zijn financiering, zoals krediet, blijkt uit een peiling van het Centraal Bureau voor de Statistiek. „Beschikbaarheid van krediet is dus een potentieel knelpunt voor economische groei”, erkende minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) vorige week in een brief aan een verontruste Tweede Kamer. De Kamer vreest de stapeling van 38 overheidsmaatregelen die een krach à la 2008 moeten voorkomen.

Knappe economen en werkgeversorganisatie VNO-NCW willen extra kredietruimte creëren met oprichting van een nieuwe hypotheekbank. Die moet leningen kopen van de banken. Zij kunnen op hun beurt dan krediet geven aan bedrijven. Zou het echt?

De partij van Dijsselbloem had, evenals de SP, een puik idee. Een nieuwe Nationale Investeringsbank. Goed voor krediet én concurrentie. Maar ambtenaren van het ministerie van Financiën zeiden tijdens de informatie: njet. In een notitie aan de informateurs redeneren zij: in de slechte jaren rond 1980 had de NIB bijna alleen maar slechte kredieten uit de staatssteun aan de noodlijdende industrie. Foute boel. En in de latere betere jaren leek de NIB wel een commerciële bank. Dat vindt Brussel (staatssteun!) fout. Kortom: „Om bovengenoemde redenen lijkt oprichting van een NIB niet opportuun”. De vindplaats van de notitie zet ik morgen op mijn twitteradres @menno_tamminga.

De politici negeren echter drie argumenten. Ten eerste: wetenschappelijk onderzoek van drie economen (Bertay en Demirgüç van de Wereldbank, Huizinga van Universiteit van Tilburg) suggereert juist dat een staatsbank een fase van schrale kredietverlening kan overbruggen.

Twee: de concurrentie tussen banken neemt gestaag af gezien hun Europese afspraken na de staatssteun én de fase van conjunctuur én de opeenstapeling van kredietbeperkende overheidsmaatregelen. En drie: SNS Reaal wordt straks door één van de drie grote banken gered. Dan valt een concurrent weg.

Als de SP de PvdA nog wat wil jennen, moet zij een initiatief wetsontwerp maken. Tijd voor een nieuwe Herstelbank.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.