Nog elke dag tientallen Syrische doden. Welke kant gaat het op met de oorlog?

Syriërs in de noordelijke stad Al-Bab zoeken dekking tijdens luchtaanvallen van het Syrische leger. Foto AFP / Philippe Desmazes

Iedere dag komen er nog tientallen mensen om in de Syrische burgeroorlog. Maar de aandacht van de wereld verslapt. Hoe gaat het met de strijd in Syrië? En is er zicht op een oplossing? We zetten de drie belangrijkste trends in de burgeroorlog op een rij.

Eerst even terug naar maart 2011. Het conflict in Syrië duurt inmiddels al ruim anderhalf jaar en begon met protesten tegen het lokale bestuur in de zuid-Syrische stad Deraa. Deze protesten groeiden onder invloed van de opstanden in Egypte en Libië uit tot een grote volksopstand tegen president Assad. Burgers en gedeserteerde militairen namens in de maanden die volgden de wapens op tegen het regeringsleger.

De Syrische volksopstand zou langzaam uitgroeien tot een heuse burgeroorlog. De strijd tussen de rebellen van de oppositie en het Syrische leger gaat door en iedere maand vielen er weer honderden doden. Maar een beslissing op het militaire front blijft uit en ook een politieke oplossing lijkt niet dichtbij. Maar hoe gaat het de laatste weken in Syrië? Drie belangrijke trends op een rij.

Strijders van de oppositie nemen hun posities in in Aleppo, de tweede stad van Syrië. Foto AFP / Philip DesmazesStrijders van de oppositie nemen hun posities in in Aleppo, de tweede stad van Syrië. Foto AFP / Philip Desmazes

1. De rebellen zijn aan een opmars bezig

Het Syrische regime komt de laatste weken steeds meer in het defensief. De rebellen zijn de laatste weken namelijk aan een opmars bezig. Ze veroverden enkele strategische plaatsen, vooral in het noorden van het land, waar zij een dam en een aantal militaire bases van het regeringsleger wisten in te nemen. Onder de veroveringen was een helikopterbasis nabij hoofdstad Damascus.

Rondom Damascus, de machtbasis van het regime van Assad, is de afgelopen tijd flink gevochten. Dit weekend nog bestookte het leger voorsteden van de hoofdstad met straaljagers en raketten, omdat de rebellen de nationale luchthaven dreigden te bereiken. De gevechten rond Damascus waren de zwaarste gevechten sinds juli, toen de rebellen verschillende voorsteden onder controle kregen.

Geen van de twee strijdende partijen slaagt er in om een echte doorbraak te forceren in een oorlog die al aan meer dan 40.000 mensen het leven heeft gekost. Afgelopen week lag het internet er een paar dagen uit in het hele land. Dat was vermoedelijk een poging van het regime de communicatie tussen de rebellen te bemoeilijken. Analisten zeggen dat het Syrische leger overbelast is en dat de luchtmacht steeds vaker ingezet wordt in gebieden die het leger niet makkelijk kan bereiken.

Hoewel de rebellen geen hecht front vormen, raken zij steeds beter bewapend door het veroveren van militaire bases op het leger. Het lukt de opstandelingen steeds vaker helikopters of gevechtsvliegtuigen van het regeringsleger uit de lucht te schieten. Het is duidelijk dat de rebellen aan een opmars bezig zijn, zegt onze buitenlandredacteur Carolien Roelants:

“Je ziet overduidelijk de trend dat het regime steeds meer in het defensief raakt door de veroveringen van de rebellen. Dat de luchthaven van Damascus afgelopen week een paar dagen gesloten moest worden, is een teken dat de rebellen fors waren opgerukt. Nu lijkt de onmiddellijke dreiging voor Damascus overigens voorbij. Er is nog nergens een aanwijzing dat het regime aan opgeven denkt.”

Een man uit Aleppo rouwt in een moskee om zijn zoon, die is omgekomen bij een aanval van het Syrische leger. Foto AFP / Fabio Bucciarelli Een man uit Aleppo rouwt in een moskee om zijn zoon, die is omgekomen bij een aanval van het Syrische leger. Foto AFP / Fabio Bucciarelli

2. De Syrische oppositie radicaliseert steeds verder

Hoewel de gevechten in Syrië onophoudelijk doorgaan, zet de buitenwereld met name de Syrische oppositie onder druk om één front te vormen zodat het een alternatief kan worden voor het regime van Assad. De belangrijkste oppositiegroepen hebben zich vorige maand verenigd in de Syrische Nationale Coalitie voor Oppositionele en Revolutionaire Troepen. De groep kreeg onlangs al een ambassadeur in Frankrijk.

De Syrische Nationale Coalitie werd door Frankrijk en Groot-Brittannië al erkend als “enige wettige vertegenwoordiger van het Syrische volk”. De Verenigde Staten en ook Nederland hebben zo ver nog niet willen gaan. Daar zijn een aantal redenen voor. Zo is de Syrische oppositie nog altijd verdeeld. De oppositie bestaat uit moslimfundamentalisten, maar ook uit christenen en liberalen die van Syrië absoluut geen islamitische staat willen maken.

Politicoloog Hala Naoum Néhmé, van Syrische origine, schreef onlangs in de Volkskrant dat de nieuwe leider van de Syrische oppositie “veel minder gematigd is dan wordt beweerd”. Ahmad al-Khatib zou in het verleden antisemitische uitspraken hebben gedaan. En de oppositie die hij leidt is volgens Naoum Néhmé “gekaapt door groeperingen die hun land willen omvormen tot een islamitische staat”.

De Syrische documentairemaker Orwa Nyrabia vindt dat het Westen medeverantwoordelijk is voor de radicalisering van het Syrische verzet, zo zei ze donderdag in NRC Handelsblad:

De eerste zes, zeven maanden was de revolutie pacifistisch, en iedereen hoopte op democratie en pluralisme. De activisten stonden allemaal dicht bij de idealen van liberalisme en secularisme. Maar ze kregen geen steun. Het Westen bleef zitten toekijken. Daarentegen kreeg het kleine aantal radicale moslims een hoop geld en steun uit het buitenland.

De Syrische president Assad in een moskee in Damascus tijdens een gebed voor het Offerfeest. Foto AP via SANADe Syrische president Assad in een moskee in Damascus tijdens een gebed voor het Offerfeest. Foto AP via SANA

3. Diplomatiek zit ’t muurvast

Hoewel de Syrische oppositie minder verdeeld is dan voorheen, is een politieke oplossing in Syrië nog niet veel dichterbij. Het regime van Assad gokt dat het kan overleven en heeft zich in de twintig maanden dat het conflict nu duurt geen enkele keer serieus werk gemaakt van hervormingen. Hoewel het regime vorige week erkende dat de opstand groeit, lijkt het niet van plan plaats te maken voor een overgangsregering.

Het regime van Assad kan overleven omdat Rusland de Syrische machthebbers blijft steunen. Moskou levert wapens aan Damascus en vindt dat Syrië het recht heeft de aanvallen en aanslagen van de rebellen te bestrijden. Iran is al jarenlang een trouwe bondgenoot van Syrië en steunt het regime-Assad ook met militaire en financiële middelen. China zit op de lijn van Rusland en blokkeerde samen met Moskou resoluties in de VN-Veiligheidsraad die Assad hadden kunnen schaden.

Het Westen ergert zich al maanden aan de onwrikbare opstelling van Rusland. De VS en de belangrijke Europese landen vinden dat Assad moet opstappen en dat er in Syrië een overgangsregering moet worden gevormd waarvan de oppositie onderdeel is. Door de verdeeldheid in de VN-Veiligheidsraad lijkt er echter weinig terecht te komen van een politieke oplossing.

VN-gezant Lakhdar Brahimi, die aan zo’n oplossing moet werken, beklaagde zich vorige week nog over de verdeeldheid binnen de internationale gemeenschap. Brahimi zei dat hij weliswaar beschikt over de elementen van een mogelijk vredesplan, maar dat die “niet in elkaar kunnen worden gepast totdat de raad bijeenkomt en bereid is om een resolutie aan te nemen die de basis zal zijn voor een politiek proces”.

    • Pim van den Dool