Nee joh, bij AZ geen crisis

Het gaat niet goed, maar bij AZ blijven ze rustig. Het wachten is op een nieuwe ‘succesbeleving’.

Utrecht. Goed of slecht, Piet Keur is altijd kritisch als hij vanaf de perstribune met AZ-collega’s Nick van Aart (keeperstrainer) en Kees Verver (videoanalist) de wedstrijd becommentarieert. In de Galgenwaard was de oud-spits voor zijn directe omgeving gisteren woord voor woord te volgen. Vooral in de eerste helft was er veel aan te merken op AZ. Dat gaat zo.

Over spits Jozy Altidore, die treuzelde. „Wat duurt dat toch lang!” Over centrale verdediger Etiënne Reijnen, toen niemand de opstormende FC Utrecht-speler Tommy Oar opving. „Etiënne, stap nou uit. Tjonge, jonge.” Over de ploeg AZ, een weifelend geheel. „Zie je? De ene helft zegt: we gaan vooruit. De andere helft zegt: we gaan achteruit.” En de hele tijd klonken woorden van de strekking: „Dúrf nou eens man!”

Het gaat niet goed met AZ. Trainer Gertjan Verbeek gelooft heilig in ‘succesbeleving’. Ofwel: van winnen komt winnen. Helaas voor hem is het omgekeerde ook waar. „Het uitblijven van succes creëert een negatief gevoel. En gevoelens leiden tot gedachten”, zei Verbeek gisteren na de 2-1 nederlaag tegen FC Utrecht. „Spelers hebben op dit moment last van de uitslagen van de afgelopen weken.”

AZ won dit seizoen nog maar drie keer in de competitie. En de laatste ‘succesbeleving’ – een 2-1 zege bij Vitesse – is alweer zes wedstrijden geleden. „Dan krijg je ook nog zo’n wereldgoal tegen”, zei Verbeek over het winnende doelpunt van Utrecht, een magnifieke volley van Jacob Mulenga. „Dat is de fase waarin we zitten.”

Niemand bij AZ dramatiseert. Verliezen van FC Utrecht kan gebeuren. Het ging al beter dan de twee afgelopen seizoenen in Utrecht (3-0 en 5-1). „Dus wat dat betreft is er sprake van ontwikkeling”, grapte Verbeek. En hij vond nog de ruimte om tegen een persmedewerker van FC Utrecht over de koffie te klagen. „Hij is één: niet lekker. En twee: hij is koud.”

Maar Verbeek heeft wel degelijk zorgen. AZ staat nog vier punten voor op Willem II en Roda JC, die de laatste plaats delen. Vorig jaar stond AZ begin december fier aan kop. Na een vol speelprogramma – onder meer de kwartfinale van de Europa League werd bereikt – eindigde AZ uiteindelijk als vierde in de competitie.

Het vertrek van bepalende spelers als Rasmus Elm, Simon Poulsen en Niklas Moisander laat zich dit seizoen voelen. „We hebben niemand die de baas is op het veld”, zei Verbeek vorige week in Voetbal International. „Dat gaat ten koste van punten.” Adam Maher is bijna wekelijks de beste AZ’er, maar is nog maar 19 jaar. Verdediger Etiënne Reijnen haalde dit seizoen enkele vreemde capriolen uit en heeft, aldus Verbeek in VI, „zijn handen vol aan zijn eigen toko”. En de onberekenbare Jozy Altidore, goed voor negen goals dit seizoen, had tegen Utrecht geen toegevoegde waarde. In de slotfase kopte de spits volledig vrij recht in de handen van Utrecht-doelman Robbin Ruiter. Keur: „Kies nou een hoek, man!”

Verbeek wil niet spreken van een crisis zolang de subtop in beeld blijft. Maar door de nederlaag tegen Utrecht is het gat met die club, de nummer zes van de eredivisie, al elf punten. AZ staat twaalfde. Volgende week komt Willem II op bezoek.

Maar crisis? Technisch directeur Earnest Stewart straalde gistermiddag optimisme uit. „Hier wanhoopt niemand. Zag je Thomas Lam spelen? Wat een fantastisch debuut. Hoe rustig hij is aan de bal, heel knap.” Het lag inderdaad niet aan de jonge rechtsback uit de eigen jeugd. Maar dat was niet het verhaal gisteren. Stewart: „Wij richten ons op de positieve dingen.” Glimlach.

De onrust bij AZ blijft uit. Dat kan worden uitgelegd als: zie je wel, het is geen topclub. Of noem het gewoon: verstandig beleid. Verbeek gaat nu op de trainingen „voorwaarden scheppen voor succesbeleving”. Hij liet in het midden hoe. Keur besloot zijn commentaar gisteren in elk geval met een positieve noot. „We spelen nog niet eens zo slecht, de tweede helft.”