Israëlische vergelding valt slecht bij bondgenoten

De Palestijnen werden dit weekend gestraft voor hun aanvraag bij de VN voor erkenning van Palestina. Israël keert belastingen niet uit en gaat nieuwe nederzettingen bouwen.

Correspondent Israël

Tel Aviv. De Palestijnen wisten dat ze gestraft zouden worden voor hun aanvraag voor erkenning van de Palestijnse staat in de Verenigde Naties, die vorige week donderdag met een ruime meerderheid werd goedgekeurd. Dat maakt de pijn die de straf doet er echter niet minder om.

Gisteren besloot Israël bijna 100 miljoen euro aan voor de Palestijnen ingehouden belastingen niet uit te keren. Met het geld zal Israël onder andere een oude Palestijnse schuld aan een Israëlisch elektriciteitsbedrijf inlossen. De Palestijnse autoriteiten, die door de Israëlische bezetting grote financiële problemen hebben, kunnen hierdoor de salarissen van tienduizenden ambtenaren niet uitbetalen.

Vrijdag besloot het Israëlische kabinet al om 3.000 nieuwe huizen te bouwen in Joodse nederzettingen in Palestijns gebied en in geannexeerd Oost-Jeruzalem, de beoogde hoofdstad van de nieuwe Palestijnse staat. Bovendien keurde het kabinet een plan goed voor 4.000 nieuwe huizen in het gebied tussen Jeruzalem en de nederzetting Ma’ale Adumin, wat het Palestijnse verkeer tussen Oost-Jeruzalem en Palestijnse steden op de bezette Westelijke Jordaanoever zou belemmeren.

De strafmaatregelen zijn een directe reactie op de Palestijnse aanvraag voor de erkenning van Palestina, aldus het Israëlische kabinet, dat het VN-besluit gisteren unaniem veroordeelde. Volgens het kabinet is de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever geen Palestijns, maar „betwist gebied” waarop „het Joodse volk van nature recht heeft”.

De Israëlische straf is slecht gevallen in de Verenigde Staten. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton zei dat het besluit voor nieuwbouw in bezet gebied een negatief effect zal hebben op het vredesproces tussen Israël en de Palestijnen. Dat liep in 2010 vast omdat de Palestijnen weigeren met Israël te onderhandelen zolang het blijft bouwen in Palestijns gebied.

De Israëlische premier Benjamin Netanyahu had Washington in 2009 beloofd niet te zullen bouwen in het gebied tussen Jeruzalem en Ma’ale Adumin. De VS stemden donderdag op zijn verzoek tegen de erkenning van de Palestijnse staat, net als Israël, Canada, Tsjechië, Panama en vier microstaatjes.

Het stond vooraf vast dat de Palestijnse aanvraag een grote meerderheid zou krijgen in de Algemene Vergadering. Ruim 130 landen hebben Palestina immers al bilateraal erkend. Maar het geringe aantal nee-stemmers, met name in Europa, is uitermate pijnlijk voor Israël, dat vergeefs grote druk op Europese landen heeft uitgeoefend om tegen te stemmen.

Dit weekeinde hekelden Groot-Brittannië en Frankrijk opnieuw het nederzettingenbeleid van Israël. „Israëlische nederzettingen zijn illegaal volgens internationaal recht”, zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken William Hague, die zich „extreme zorgen” maakt over de nieuwbouwplannen.

Ook de Palestijnse autoriteiten veroordeelden de bouwplannen. „Dit is Israëlische agressie tegen de Palestijnse staat en de wereld moet haar verantwoordelijkheid nemen”, aldus de Palestijnse prominente Hanan Ashrawi. Zij kondigde voor de stemming in de VN aan dat de Palestijnen de nieuwe VN-status zullen gebruiken om naar het Internationaal Strafhof in Den Haag te gaan als Israël zijn nederzettingenbeleid doorzet. Het is nog onduidelijk of en wanneer de Palestijnen daadwerkelijk naar Den Haag gaan.

Vorige week zei Ashrawi tegen buitenlandse journalisten dat de Palestijnen eerst maatregelen zullen moeten treffen om om te gaan met de voorspelde Israëlische straf. Waarschijnlijk zullen de Palestijnen een beroep doen op Arabische landen voor hulpgeld. Een tweede prioriteit is eenheid creëren, aldus Ashrawi, tussen de rivaliserende Palestijnse facties Fatah en Hamas.

De strijd tussen Fatah en Hamas ontaardde na de verkiezingen van 2006 in een korte, hevige burgeroorlog, waarna Fatah de macht greep op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever en Hamas de geblokkeerde Gazastrook overnam. Sindsdien zijn er gesprekken over toenadering, zonder concrete resultaten. Door het Israëlische offensief tegen de Gazastrook, dat vorige week eindigde in een staakt-het-vuren, zijn de partijen echter dichter bij elkaar gekomen, zeggen ze.

Nabil Shaath, een hoge Fatah-leider, kwam tijdens de oorlog naar Gaza en zei: „Dit drama is een aanmoediging voor verzoening. Die is aanstaande.” Donderdag mochten Fatah-leden voor het eerst sinds jaren in Gaza demonstreren. En Hamas-leider Ismail Haniyeh zei over de Palestijnse gang naar de VN, wat een initiatief was van Fatah-leider Abbas: „Mijn regering steunt elk voostel om een Palestijnse staat te creëren in de bezette Palestijnse gebieden.”

De Palestijnse leiders beseffen dat interne eenheid een vereiste is voor een onafhankelijke staat. Maar de formele standpunten van de rivalen zijn onverzoenbaar. Zo zweert Fatah gewapend verzet tegen de bezetting af en Hamas niet. Fatah neemt genoegen met een staat op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook (22 procent van het historische Palestina), Hamas ziet dat als een tussenstop en streeft naar verovering van heel het oude Palestina, waar nu ook Israël ligt.

Al zouden de facties erin slagen zich te verenigen en samen één koers te varen, dan nog is een onafhankelijke Palestijnse staat ver weg. Ook dat weten de Palestijnen, aldus Ashrawi. „We beseffen dat de bezetting niet hier stopt en dat we uiteindelijk met Israël moeten onderhandelen.”

    • Leonie van Nierop