Guess Who festival: bizarre pop

Pop

Le Guess Who-festival. Ekko, Tivoli, Acu in Utrecht. ****

Het bijzondere van het Le Guess Who-festival, dat van afgelopen donderdag tot en met zondag plaatsvond op diverse locaties in Utrecht, is dat het niet alleen obscure bands programmeert, maar ook alle genres van de popmuziek doorkruist: van verstilde singer/songwriters (Adrian Crowley), psychedelica (Allah-Las) en space-funk (Naytronix) tot dubstep (Lapalux) en lofi-folk (Birdt).

Temidden van zoveel onbekend talent moet de luisteraar zijn weg vinden.Het helpt als de artiesten zich opvallend presenteren, waarbij op zaterdagavond een zekere mate van gekte onontbeerlijk bleek.

Openingsband Team Ghost (een afsplitsing van het Franse M83, met zijn suizende elektronica) was braaf en ingetogen: vijf muzikanten die hun academische nummers reconstrueerden. Bij Kai Hugo, van Palmbomen, Sam France van Foxygen en het duo Ian Svenonius en Fiona Campbell van Chain and the Gang daarentegen was bezetenheid, humor en overgave aan de sfeer van de muziek onmiddellijk aanwezig. Daardoor drong het publiek al snel naar voren om te zien hoe Sam France in het eerste nummer van het podium dook, en er soepel weer op sprong om zijn bizarre popsongs voort te zetten.

Of hoe Svenonius en Campbell, allebei in fifties-outfit, hun gestileerde paringsdans uitvoerden, en hoe Kai Hugo, bleek als Pierlala, tussen twee muren van synthesizers zijn fantastisch groovende nummers tot leven wekte. Opvallend is het dat Hugo, uit Dordrecht, zijn liedjes werkelijk live speelt; wat je hoort zie je hem en zijn twee opzwepende begeleiders spelen. Bonkige ritmes worden aan elkaar gesmeed door Hugo’s meisjesachtige falsetstem en klepperende synthesizersmelodieën.

Het Amerikaanse Chain and the Gang speelt trashrock met een knipoog naar Blondie en de oerkreten van James Brown. Hun grappige Certain Kind of Trash was een nostalgische lofzang op oud afval. Nylonkousen, typemachine-lint: ”You just don’t see ‘em.”

    • Hester Carvalho