Eurofilm viert moeizaam feest

De European Film Awards willen maar geen feestje worden, ondanks veel enthousiasme en prijzen. Kauwboy was de beste ontdekking van 2012 en Carice van Houten mocht op Malta een prijs overhandigen.

De ambiance voor de jaarlijkse European Film Awards kan zich op het eerste gezicht alleszins meten met de jaarlijkse uitreiking van de Oscars in Los Angeles.

Drie uur duurde zaterdag de ceremonie in ‘La enfermeria’, het ziekenhuis van de Orde van Malta in de Malteser hoofdstad Valletta – een slordige vijf eeuwen keken neer op het in black tie verzamelde puikje van de Europese filmwereld. Wie zich onderscheiden zag, liet niet na – mits voorhanden – echtgenoot, vader of moeder te bedanken. Bekende filmpersoonlijkheden mochten de envelop met de naam van de winnaar openmaken – de Nederlandse actrice Carice van Houten, gehuld in een wolk van witte tule en belast met de bekendmaking van ‘beste actrice’, stal met gemak de show voor uitbundigste uitmonstering.

De van de Oscaruitreikingen bekende flauwe grappen waren er ook, met Duitse nadrukkelijkheid gedebiteerd door cabaretière Anke Engelke. Wanneer een Europese filmpersoonlijkheid werd geëerd voor zijn levenswerk – dit jaar de Britse actrice Helen Mirren en de Italiaanse regisseur Bernardo Bertolucci – stond de hele zaal op voor een minutenlange staande ovatie.

Zo doen ze het in LA ook. Toch gaat er iets katterigs uit van dit evenement, georganiseerd door de European Film Academy, waarvan de 2.700 leden mogen stemmen. Is het misschien het feit dat in geen enkel land behalve gastheer Malta, de ceremonie live op zaterdagavond prime time werd uitgezonden? Zelfs de Europese cultuurzender Arte, een belangrijke sponsor van het gebeuren, stelt zich tevreden met een tot anderhalf uur teruggesneden samenvatting op de late zondagavond.

Natuurlijk, vooral voor beginnende filmmakers is zo’n Europese prijs een geschenk uit de hemel – hij vestigt je naam en is een argument bij de financiering van je volgende film. De Nederlander Boudewijn Koole (Kauwboy) was dus zichtbaar verguld met zijn prijs voor ‘beste ontdekking van 2012’. En de Tsjechische animator Tomas Lunak (Alois Nebel) was in de wolken met de prijs voor zijn in Tsjechië omstreden film, over pijnlijke episoden uit de tijd van het nazisme.

In de nopjes was ook de crew van de Vlaamse komedie Hasta la vista, die volkomen onverwacht de ‘people’s choice award’ won. Al werd links en rechts gemompeld dat de stemprocedure voor het gewone publiek op de website van de filmawards eens onder de loep genomen moet worden – de Vlaamse vreugde was er niet minder om. De producer bedankte – zoals gebruikelijk – zijn levenspartner voor morele steun en vroeg haar vanaf het podium ook stante pede ten huwelijk.

Hoe hoger je komt in de pikorde van de Europese film, hoe duidelijker echter wordt dat deze Europese filmprijzen meer als een vorm van beleefdheid, dan als een lifechanging event worden gezien. Neem Michael Haneke, met zijn jongste film Amour de grote winnaar van de avond: beste film, beste regie, beste acteur (Jean-Louis Trintignant), beste actrice (Emmanuelle Riva). Voor beste Europese film waren verder genomineerd: Barbara van Christian Petzold, Cesare deve morire van de gebroeders Taviani, Intouchables van Olivier Nakache en Eric Toledano, Jagten van Thomas Vinterberg, en Shame van Steve McQueen.

Winnaar Michael Haneke, nooit een erg gezellig man bij dit soort bijeenkomsten, stond er op zijn dankwoorden niet in het Engels – voertaal van de avond – te houden, maar in Oostenrijks-Duits, en had ook daarin eigenlijk niets te vertellen. Bertolucci mopperde aan het begin van zijn dankwoord dat hij een te droge keel had om veel te kunnen zeggen.

Merkwaardig is ook dat van deze groots opgezette prijsuitreiking iets defensiefs uitgaat. Tussen de feestelijkheden door waren korte interviews te zien over de stand van de Europese cinema, van onder andere Costa Gravas, Istvan Szabo, Ken Loach, Maria Medeiros en Fatih Akin. Overbekende jeremiaden passeerden de revue: over Europese films die op de wereldmarkt worden verdrongen door het Amerikaans product, over Amerikanen die in hun eigen land geen niet-Engelstalige films verdragen, over Europese cultuurverschillen die in de macht van de wereldmedia ten onder dreigen te gaan etc. Je zou haast vergeten dat in heel wat Europese landen heel wat Europese films te zien zijn, zowel in de bioscoopzalen als op filmfestivals.

Ook de Duitse regisseur Wim Wenders, die de European Film Academy en de prijsuitreikingen 25 jaar geleden heeft gegrondvest, schuwt geen waarschuwende woorden. In deze tijd van crisis en culturele kaalslag, betoogde hij, is de Europese cinema nog het enige wat voor de vorming van een Europese identiteit kan zorgen. Beleefd applaus. Vermaning en feest vormen een moeizaam koppel.

    • Raymond van den Boogaard