Alles wat mis kon gaan, ging ook faliekant mis

Vandaag verschijnt het rapport van de commissie die de ondergang van mbo-instelling Amarantis onderzocht. Iedereen faalde: bestuurders, ministerie, accountants.

De bruidsschat was een miljoenentekort. Het huwelijk kort en liefdeloos. De scheiding pijnlijk. En of de kinderen op eigen benen kunnen staan, valt nog maar te bezien.

Vandaag verschijnt het rapport van de Commissie onderzoek financiële problematiek Amarantis. De commissie onderzocht een half jaar de ondergang van de onderwijsreus en heeft aanmerkingen bij het optreden van alle betrokkenen: het college van bestuur, de raad van toezicht, de accountant, de onderwijsinspectie en het ministerie van Onderwijs.

Na lezing van het rapport kan maar één conclusie getrokken worden: de fusieschool met 30.000 leerlingen kende vanaf het begin grote financiële en organisatorische problemen die alleen door zeer kundige bestuurders konden worden opgelost. En die waren er niet.

2007 – de bruidsschat

Het begon allemaal met de bruidsschat. Amarantis ontstond in 2007 uit een fusie tussen ROC ASA uit Midden-Nederland en de Interconfessionele Scholengroep Amsterdam (ISA). ROC ASA bood voornamelijk middelbaar beroepsonderwijs aan, ISA vooral voortgezet onderwijs. Vrijwel meteen na fusie werd duidelijk dat ISA een financieel probleem had. In de huisvestingsportefeuille zat een gat van 7,6 miljoen euro en er werden voor nog eens 20,6 miljoen euro overschrijdingen verwacht op lopende bouwprojecten.

Dit lijk viel vrijwel direct na de fusie uit de kast, maar het tekort was daarvoor niemand opgevallen. PwC, de accountant van ISA, meldde er niets over bij controle van de jaarrekeningen. In de rapportage die KPMG voor de fusie opstelde , het zogenoemd due dilligence onderzoek, werd er ook geen melding van gemaakt. Koos Janssen, burgemeester van Zeist en van 2007 tot 2012 voorzitter van de raad van toezicht van Amarantis, zei hierover tegen de commissie: „Als de raad van toezicht van ROC ASA er kennis van had gehad dat ISA in zo’n deplorabele staat was, dan had zij pas met een fusie ingestemd nadat er door ISA gesaneerd was op de huisvestingsportefeuille.”

Veel te dure gebouwen

Maar er was meer aan de hand dan verkeerd begrote bouwprojecten. Want de scholengroep had niet alleen te dure gebouwen, zoals een bestuursgebouw met een jaarhuur van 450.00 euro, ze had er ook te veel. Uit een overzicht dat begin dit jaar werd opgesteld, blijkt dat Amarantis 311.000 vierkante meter aan ruimte beschikbaar had, terwijl er slechts voor 211.000 vierkante meter bekostiging werd ontvangen. De begrote huisvestingskosten voor 2012 bedroegen 30 miljoen euro, terwijl 17 miljoen had moeten volstaan.

Het college van bestuur van Amarantis wilde het probleem van de overtollige huisvesting deels oplossen door flink te groeien. Het doel was dat zich ieder jaar vier procent meer studenten zouden aanmelden dan het jaar ervoor. In werkelijkheid kromp het aantal studenten met ongeveer een procent.

De raad van toezicht van Amarantis was hierover ongerust, aldus raadslid Yasemin Tümer tegen de onderzoekscommissie. „De raad van toezicht heeft (...) steeds haar zorgen geuit over de aanhoudende aanname dat er gemiddeld vier procent leerlingengroei zou zijn. Het college van bestuur gaf aan dat het hier en daar wel tegenviel.” Maar de prognose structureel naar beneden bijstellen, wilde het college niet.

Amarantis werd vanaf het begin dus geconfronteerd met een benarde financiële positie. Dit leidde tot verstoorde verhoudingen tussen de fusiepartners. De tekorten werden namelijk eerlijk verdeeld over alle eenheden. Goedlopende onderdelen van ROC ASA voelden zich opgezadeld met de problemen van de ISA-scholen. Voorzitter Janssen van de raad van toezicht heeft tegenover de onderzoekscommissie verklaard dat het college van bestuur „jarenlang te lankmoedig heeft geopereerd naar schooldirecties, die jaar in, jaar uit forse overschrijdingen hadden. (...) De directies die hun bedrijfsvoering wel op orde hadden, realiseerden zich dat ze moesten bloeden voor de zwakke broeders en zusters, die niet tot de orde werden geroepen door het college van bestuur.”

Een ongelukkig huwelijk dus.

Dat het niet lukte om Amarantis financieel weer gezond te maken, was mede het gevolg van de bestuurscultuur binnen de instelling. Het ontbrak bestuurders aan „bestuurlijke volwassenheid”, aldus de onderzoekscommissie. Binnen het college van bestuur was sprake van een „gebrek aan chemie” en „spanningen tussen de leden”. Dit leidde er bijvoorbeeld toe dat bestuurslid financiën René s’Jacob achter de rug van collegevoorzitter Bert Molenkamp om een brief aan de raad van toezicht schreef waarin hij noteerde dat Amarantis aan de rand van de afgrond stond.

In het algemeen kan, aldus de commissie, gesteld worden dat het college van bestuur op autocratische wijze opereerde. „Reële inspraak en zeggenschap worden in feite niet geduld.” Sommige gesprekspartners van de commissie hadden het over een „angstcultuur”.

Een bijzondere directeur

Een bijzondere positie was binnen Amarantis weggelegd voor de directeur Huisvesting, Jan van Setten. Hoewel hij verantwoordelijk was voor de portefeuille die de scholengroep zoveel problemen bezorgde, was hij koning in zijn eigen rijk. Begrotingen werden soms „op de achterkant van een bierviltje” ingeschat. Collegelid René s’Jacob wilde dat Van Setten met pensioen ging, net als de raad van toezicht. Van Setten weigerde echter, met instemming van collegevoorzitter Molenkamp. De twee kenden elkaar uit hun tijd bij ROC ASA.

Aldus verslechterden de verhoudingen, net als de financiële situatie. De tekorten liepen op, mede doordat het niet lukte de kosten voor personeel te drukken, vast én ingehuurd. Instellingsaccountant Deloitte keurde echter elke jaarrekening tussen 2007 en 2011 goed, zonder toelichting. Hoewel de accountant wist dat de solvabiliteit van de instelling op de voor Amarantis zo gunstig mogelijke manier werd berekend en van incidentele baten de indruk werd gewekt dat ze structureel zijn.

2011 – definitief mis

In mei 2011 ging het definitief mis, toen de bank een langlopende lening van 50 miljoen euro alleen wilde voortzetten als kortlopende lening, tegen een ongunstiger tarief. Creatief boekhouden hielp niet meer. Er dreigde een acuut liquiditeitsprobleem. Amarantis vroeg in december hulp bij het ministerie. De meeste leden van het college van bestuur en de raad van toezicht hadden tegen die tijd het veld geruimd, of zouden dat snel doen.

Amarantis bestaat nu niet meer. De fusie is tenietgedaan. Interim-bestuurder Marcel Wintels heeft de school in vijf delen opgesplitst. daarbij zijn 200 banen verloren gegaan. Het was een flitsscheiding, zodat alle 30.000 leerlingen na de afgelopen zomervakantie een school hadden waar ze naartoe konden. Of de vijf nakomelingen van Amarantis levensvatbaar zijn, moet nu blijken.

    • Bart Funnekotter