Meer groen meer fraude , nog veel

We kijken te veel met een wereldvreemde bril naar alle duurzame initiatieven. Achter de schermen groeit de milieufraude, schrijft André Mikkers.

3Naarmate er meer duurzame initiatieven starten, neemt de kans op fraude toe. Ging het in het verleden bij milieufraudes vooral om illegale stortingen en misbruik van subsidies, tegenwoordig breken computerhackers in systemen voor emissiehandel in en stelen voor tientallen miljoenen euro’s aan emissierechten, worden duurzame keurmerken vervalst en wordt er gesjoemeld met de herkomst van her te gebruiken grondstoffen.

De schade neemt daardoor astronomisch toe en loopt volgens ruwe schattingen in de miljarden per jaar in Nederland alleen al. Minstens zo erg is dat een grootschalige toepassing van deze vorm van economische criminaliteit het noodzakelijke verduurzamen van onze natuur, economie en samenleving frustreert. Dat vraagt om ingrijpen.

Groene fraude is allang geen incident meer, maar big business voor steeds beter georganiseerde misdaadsyndicaten. Zo kraakten cybercriminelen begin vorig jaar het elektronische systeem voor emissiehandel in diverse Europese landen – dit systeem is de hoeksteen van het Europese klimaatbeleid. Het systeem moest na de cyberaanval wekenlang worden stilgelegd.

Ongeveer tegelijkertijd waarschuwde de Algemene Inspectiedienst (AID) voor grootschalige fraudes met biogasinstallaties en andere duurzame verwerkingsystemen. Steekproeven wezen uit dat geknoeid wordt met afvalpapieren, en dat er allerlei brandstoffen (ook niet duurzame) op deze manier worden verwerkt.

Een derde voorbeeld is het inventariseren en verwijderen van asbest. Volgens schattingen van marktpartijen wordt minstens de helft van de geconstateerde asbestgevallen verwijderd door niet-gecertificeerde bedrijven. Dit betekent dat op grote schaal wordt gesjoemeld met de verplichte inventarisatie en melding van deze kankerverwekkende stof en dat deze niet volgens de normen wordt opgeruimd en verwerkt. Omdat alle gebouwen van vóór 1993 asbestverdacht zijn, ligt hier een immense fraude- en corruptiemarkt braak, die uitnodigt tot meer en steeds omvangrijkere criminele activiteiten.

Groene fraude kent nog meer verschijningsvormen en dagelijks komen er nieuwe bij. Niemand weet precies wat er zoal in deze niche van de fraude- en corruptiemarkt omgaat noch bestaat er een eenduidig antwoord hoe hierop moet worden gereageerd.

Een belangrijke verklaring is dat duurzaamheidinitiatieven nog te veel door een optimistische, en soms ook ietwat wereldvreemde groene bril worden bekeken en gewaardeerd. Het gevaar van fraude en corruptie wordt daardoor in veel gevallen onderschat of simpelweg ontkend. Daarnaast staat het nog (te) laag op de politieke en justitiële agenda’s.

Het OM roept weliswaar dat milieufraude meer aandacht krijgt, maar in de praktijk blijkt dat het daar aan specifieke kennis, expertise en menskracht ontbreekt om in het huidige fraudelandschap effectief te kunnen zijn. Hetzelfde geldt voor de milieupolitie en andere betrokken opsporingsinstanties (zoals de AID, de ECD en de FIOD). Ze zijn onderbezet, ze werken te versnipperd en ze hebben niet de middelen om gelijke tred te houden met de professionaliseringslag van de groene fraudesyndicaten.

Het valt daarom te hopen dat de brede maatschappelijke aandacht voor het verduurzamen van onze wereld zich ook snel vertaalt in meer aandacht voor de schaduwkanten ervan. Daarnaast is aanpassing van de betreffende wet- en regelgeving noodzakelijk om de kans op misstappen in de toekomst met succes te kunnen verkleinen.

Zo moet er een Europese standaard komen waaraan keurmerken moeten voldoen om zich duurzaam te mogen noemen. Nu is dat nog vooral in nationale wet- en regelgeving vastgelegd, waardoor deze per land verschillen. Er moeten eenduidige afspraken worden gemaakt tussen de lidstaten over wat nu precies als te recyclen afval mag worden beschouwd, en onder welke voorwaarden dat hergebruik moet plaatsvinden. Het intra-Europese vervoer van afvalstromen moet worden geregeld en er dient één centraal register voor emissierechten te komen. De verslaggevingeisen voor ondernemingen op het gebied van de verduurzaming van hun processen en producten moet worden gepreciseerd en beter internationaal vergelijkbaar worden gemaakt. Op nationale schaal wil ik pleiten voor een Asbest- en Afvalautoriteit. Zij moet alle toezichttaken op het gebied van het inventariseren, verwijderen en hergebruiken van asbest en ander afval naar zich toe trekken en direct sancties kunnen opleggen bij overtredingen.

Dit is nog maar een greep uit de vele aanpassingen die in bestuurlijke, organisatorische en wetgevende zin nodig zijn om de verduurzaming van onze leefomgeving niet te laten frustreren door economische criminelen.

André Mikkers is fraudeonderzoeker en partner bij adviesbureau PricewaterhouseCoopers

    • André Mikkers