Brief over huizenprijzen in Wassenaar

Winst van 380 procent is geen ‘miljoenenverlies’

Het artikel ‘De huizenprijzen dalen nu overal: van Waspik tot Wassenaar’ (NRC Handelsblad, 24 november) geeft onbedoeld een belangrijk probleem van de stagnerende huizenmarkt weer. De eigenaar van een villa in Wassenaar, in 1996 gekocht voor 3,3 miljoen gulden, dacht hier in 2007 9,5 miljoen euro voor te kunnen vragen.

Geheel ten onrechte noemt het artikel termen als miljoenenkorting, prijsdaling en verlies. Deze eigenaar maakt met zijn nieuwste vraagprijs nog altijd een winst van 380 procent op zijn aankoopprijs. Is deze winst opeens verlies als je een winst van 640 procent dacht te maken? De auteur van het artikel, Philip de Witt Wijnen, geeft een spetterend voorbeeld waarom de extreem gestegen prijzen zo langzaam omlaag gaan: weerzin om minder winst te maken.

Bij wie leidt de prijsdaling wel tot acute problemen? Eigenaren die kochten op de top van de markt, volledig financierden, niets aflosten en nu moeten verkopen hebben een probleem, net als in 1980. Dit geldt dubbel voor de eigenaren van twee huizen, soms allebei onder water. Dit is een klein deel van de 700.000 eigenaren met een huis onder water.

Het is zaak om aflossing maximaal te stimuleren, om deze zorgengroep niet te laten groeien. Op termijn wordt elk huis weer verkocht.

Voor eigenaren die niet hoeven te verkopen en door de prijsdaling minder overwaarde hebben, is deze prijsdaling juist een zegen. De jarenlange waardestijging heeft voor hen alleen maar geleid tot een hogere OZB, zonder dat de eigenaar van een beter huis profiteerde.

Julius van Dam

Zwolle

    • Julius van Dam