‘Links is een conservatieve kracht’

Filosoof Alain Badiou is de goeroe van de Occupy-beweging, maar gelooft niet dat die de wereld kan veranderen. Zondag opent hij een Nexus-conferentie over het thema ‘How to change the world?’

Frans filosoof Alain Badiou, Parijs, 1998: ‘We leven in een interval’ Foto Ulf Andersen/Getty Images

‘Men houdt ons dagelijks voor dat we de wereld moeten veranderen en hervormingen moeten doorvoeren. Maar wat men dan bedoelt, is dat we ons moeten plooien naar de wereld zoals hij is. ‘Veranderen’ lijkt een doel op zich geworden, binnen de kaders van de bestaande samenleving, met haar ordening van de productiemiddelen, warencirculatie, geld en financiële instituties. Ik noem dat geen verandering. Het is aanpassing.”

De Franse sterfilosoof Alain Badiou (75) werkt in zijn bescheiden werkkamer in het 13de arrondissement van Parijs aan de toespraak waarmee hij overmorgen in de Amsterdamse Stadsschouwburg de Nexus-conferentie How to change the world? opent. Het thema lijkt hem op het lijf geschreven.

Badiou’s tijd als ster is eigenlijk pas net begonnen, als een bekende naam voor bewegingen als Occupy of de Spaanse ‘indignados’ – hedendaagse strijders tegen de uitwassen van het kapitalisme. Een ster binnen zekere grenzen evenwel: een uitnodiging om bij de linkse president François Hollande op het Elysée te komen dineren, heeft hem nog niet bereikt en zou hij niet aannemen. „Het is niet goed om als filosoof de geur van de macht te willen aannemen. Dat leidt tot geestelijke corruptie.”

Badiou was zeker niet de enige jonge Franse filosoof met uitstekende academische kwalificaties die zich na mei 1968 aansloot bij een maoïstische beweging om te proberen vanuit revolutionair perspectief de kloof tussen intellectuelen en arbeidersklasse te dichten. Maar hij was wel een van de weinigen die dit streven lang trouw bleef – anders dan maoïstische filosofen als Bernard-Henri Lévy en André Glucksmann, die zich al in de jaren zeventig tot nieuwrechtse medialievelingen ontwikkelden, en door Badiou als ‘renegaten’ worden veroordeeld. Parlementair links kan evenmin op Badiou’s genade rekenen, links is volgens hem weinig meer dan een instrument van de bestaande orde. „Links liegt altijd dat het de wereld zal veranderen, terwijl iedereen weet dat het dat niet kan. Links is een kracht van behoud, omdat het de mensen verzoent met het systeem die misschien goede redenen zouden hebben het te veranderen.”

De filosoof ziet in hedendaagse linkse protestbewegingen dan ook bepaald geen revolutionaire toekomst gloren. „Ze hebben geen idee waaruit de verandering die zij zeggen na te streven, zou kunnen bestaan. Hun protest blijft binnen het bestaande systeem.”

Bewegingen als Occupy hebben dus behoefte aan theorie. Hoe daarin te voorzien?

„Misschien moeten we teruggaan naar een niveau van grote abstractie. Zo is Marx ook ooit begonnen: bij de abstracte filosofie van Hegel, die vér van de praktische wereld afstond. Pas van daaruit heeft hij zijn theorieën op het vlak van economie, filosofie en politiek ontwikkeld. Ik vergelijk onze situatie nu graag met die van de jaren 1840, tijdens de eerste opbloei van het moderne kapitalisme. Toen waren er ook protestbewegingen, bijvoorbeeld van arbeiders die machines saboteerden. Maar net als nu waren die protesten volledig negatief. Ze hadden geen toekomst, door het ontbreken van een idee over de richting van verandering. En op de burgerlijke revolutie van 1848 volgde de zwarte reactie onder Napoleon III.”

Waaraan is de huidige ideeënarmoede te wijten?

„De ineenstorting na 1989 van de landen van het ‘reëel bestaande socialisme’ speelt een belangrijke rol. Natuurlijk dienen er uit die ineenstorting lessen te worden getrokken, maar die zijn voor onze actuele situatie niet van onmiddellijk belang. We leven in een interval: de grote revolutionaire ideeën van de 19de eeuw hebben in de 20ste eeuw maatschappelijke constructies, opstanden, burgeroorlogen en doctrines opgeleverd. Maar die oude ideeën zijn dood, en de nieuwe nog niet geboren.”

Marx is dood?

„De betekenis van Marx is geweest dat hij een verbinding heeft gelegd tussen een precieze en geleerde analyse van het kapitalisme en een nauwkeurig politiek programma, dat van de klassenstrijd. Die verbinding heeft anderhalve eeuw diensten bewezen. Maar nu is dit werktuig kapot.”

Waarom?

„De klassenstrijd is niet alleen een strijdconcept, maar ook een negatief programma: de nieuwe wereld zou aanbreken door de vernietiging van de oude. De socialistische landen zijn in die vernietiging blijven hangen: bij elk nieuw probleem werden nieuwe vijanden gevonden die vernietigd konden worden. Al die landen waren politiestaten, en een positief einddoel raakte volledig op de achtergrond.”

Beschouwt u zichzelf nog wel als marxist?

„Ik geloof niet dat een terugkeer naar Marx, zoals sommigen bepleiten, iets kan brengen. Mijn filosofische leermeester Louis Althusser beschouwde het historisch materialisme als een wetenschap, maar dat idee had me midden jaren zestig al verlaten. Er bestaat geen wetenschap van de geschiedenis met een grote G. En dat is misschien maar goed ook, want het zijn meestal de verkeerde mensen die denken dat de Geschiedenis in hun voordeel werkt.

„Aan de andere kant behouden sommige marxistische deeltheorieën wel hun waarde. De gedachte bijvoorbeeld dat de globalisering van het kapitalisme een voorwaarde zou zijn voor de opkomst van een emancipatoire beweging van arbeiders. Misschien is de globalisering van thans ook wel de wieg van een nieuw idee van emancipatie. Misschien. Op dit moment werkt de mondiale kapitalistische crisis vooral in het voordeel van de bestaande orde.”

Maar waar kan verandering anno 2012 dan wél vandaan komen? Wat zou onder de huidige omstandigheden ‘een revolutie’ dan kunnen zijn?

„Dat is op dit moment volkomen duister. In mijn boek Le réveil de l’histoire (Het ontwaken van de geschiedenis) onderscheid ik wel de categorie ‘oproer van historische betekenis’. Anders dan bewegingen als Occupy, die niet meer zijn dan een getuigenis, heeft het oproer in de Arabische landen vorig jaar wel degelijk de mogelijkheid van echte verandering geschapen. Er is in Egypte een periode Mubarak, en een periode post-Mubarak.”

De Egyptische revolte, schrijft u dan, moet om zijn historisch potentieel te realiseren wel afstand nemen van westerse voorbeelden, van democratie bijvoorbeeld.

„Uiteraard. Als men westerse modellen kopieert kun je bezwaarlijk van een nieuwe wereld spreken. Neem het hedendaagse China, waar ze ook steeds meer doen zoals wij. Niemand reist nog naar China om te bestuderen welke interessante politieke vergezichten ze daar ontwikkelen.”

Recent verscheen van Alain Badiou in het Nederlands een selectie van essays: Inesthetiek: filosofie, kunst, politiek. Octavo, 336 blz. € 19,90

De Nexus-conferentie met als thema ‘How to change the world’ wordt op 2 december gehouden in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Sprekers zijn o.a. Margaret Atwood, Roger Scruton, Parag Khanna, Rory Stewart, John Gray, Agnes Heller en Evgeny Morozov. De conferentie is uitverkocht. www.nexus-instituut.nl.