'Geen leider in de Golf is immuun'

De Arabische Golfstaat Koeweit gaat stemmen te midden van onrust. „Het is niet zo gemakkelijk de uit-knop in te drukken.”

Supporters of arrested Kuwaiti former opposition MP Mussallam al-Barrak rally outside the National Assembly in Kuwait City to demand Barrak’s release, and to protest against the emir's decision to amend the electoral law on October 30, 2012. Barrak, considered the main figure leading the opposition in Kuwait, broke decades-old taboos on October 15 by warning the emir against changing the electoral law. AFP PHOTO/YASSER AL-ZAYYAT AFP

De meeste Arabische Golfstaten zijn tot dusverre ontsnapt aan grote volksprotesten. Alleen in Bahrein haakte de shi’itische oppositie meteen massaal in op de succesvolle demonstraties in Noord-Afrika – en werd met Saoedische militaire hulp weer ver teruggedreven.

Maar ook in Koeweit gist het. Wijzigingen in de kieswet waaronder morgen parlementsverkiezingen worden gehouden in het emiraat hebben geleid tot protest van de oppositie, die claimt erdoor te worden benadeeld, en straatdemonstraties. Eerst bleven de betogingen tamelijk klein. Maar eind vorige maand kwam het tot het grootste protest in de geschiedenis van Koeweit, met zo’n 100.000 betogers (op een bevolking van 3 miljoen, van wie de helft buitenlanders).

De Koeweitse monarchie zit al jaren in de problemen, zegt politiek commentator Sultan Sooud al-Qassemi uit de Verenigde Arabische Emiraten. „De emir heeft het parlement vijf keer ontbonden en het kabinet acht keer ontslagen. De premier heeft moeten aftreden. Maar vroeger werd het parlement ontbonden en dan eindigde de discussie. Nu zit het hele parlement op Twitter en discussieert iedereen door alsof het parlement niet naar huis is gestuurd. Het is niet meer zo makkelijk de uit-knop in te drukken.”

Raakt de emir in echte problemen?

„Niemand heeft opgeroepen tot de val van de emir. De koninklijke familie vormt de bijna onzichtbare verbinding tussen alle elementen van de maatschappij. Tenzij de Koeweiti’s haar denken te kunnen vervangen door een ander model dat werkt, zie ik hen niet in de nabije toekomst het einde van de monarchie eisen. Bedenk dat de Koeweitse monarchie altijd pragmatischer is geweest dan elk ander Golfregime. Ze introduceerde verkiezingen in 1961, ze heeft de meest vrije media. Koeweit gaat nu door de kinderziekten waarvan we in het Golfgebied allemaal zullen leren. Het betaalt de prijs omdat het de pionier is.”

Niemand vroeg vorig jaar om het einde van de monarchie in Jordanië, en nu wel.

„Ja, en in Bahrein vroegen ze er aanvankelijk ook niet om. Ja, als ze niet luisteren naar de bevolking en niet hervormen, dan gaan de eisen escaleren. Niemand is immuun.”

Hoe bezorgd zijn andere Golfstaten over wat in Koeweit gebeurt?

„Ze willen in elk geval niet dat bij hen hetzelfde gebeurt. Koeweit is de boeman. Regeringsfunctionarissen zeggen tegen ons off the record dat ze dat voorbeeld niet willen navolgen. Koeweit heeft een heel actieve maatschappij en de anderen willen die niet in eigen land gereproduceerd hebben. Bedenk dat Koeweit de oudste maatschappelijke organisaties heeft. De vrouwen wonnen in 2005 zelf stemrecht. Ze voerden zelf campagne. Het werd hun niet door de regering geschonken. Koeweit is daarin heel uniek. Maar bovendien is Koeweit economisch in slechte vorm en daarom ook een slecht voorbeeld om na te volgen. Niemand gaat investeren als je zaak te maken krijgt met nieuwe wetten en regels die je niet verwachtte.”

De vorsten in de Golf worden wel als contrarevolutionair geduid. Terecht?

„Dat is in sommige gevallen correct. Saoedi-Arabië was publiekelijk erg tegen verandering in Egypte; Qatar was aan de andere kant voor. In Libië was Qatar erg voor revolutie, ook in Syrië. Saoedi-Arabie is in Bahrein tegen revolutie, maar in Syrië erg voor. Het hangt af van hun belangen.”

In Syrië steunen de Golfleiders de revolutie niet omdat ze zo voor democratie zijn, maar tegen Iran, dat er een steunpunt heeft.

„Deels waar. Sinds de Golfoorlog in 1990 zijn de Golfstaten het niet eens over één gemeenschappelijke lijn. Met Iran hebben ze allemaal verschillende relaties. Oman houdt gemeenschappelijke legeroefeningen met Iran. Saoedi-Arabië en de VAE beschouwen Iran als hun grootste vijand. Qatar heeft zeer strategische economische belangen in Iran. Saoedi-Arabië steunt de Syrische revolutie wegens Iran. Maar in het Qatarese geval gaat het niet om Iran maar om de betere banden die ze hebben met de Syrische Moslimbroederschap die een belangrijke rol in de oppositie speelt.”

Kunnen de Golfleiders in eigen land democratische verandering tegenhouden?

„Vijf belangrijke groepen verzetten zich tegen verandering. De geestelijkheid, de zakenwereld – want die is erg tevreden met de monopolies die ze heeft en haar kinderen trouwen in de koninklijke families. Dan zijn er intellectuelen die tevreden zijn met de status quo omdat ze van de regering profiteren. De stammen, die zeer invloedrijk zijn. En ten slotte vinden de buurlanden het niet leuk als een ander democratiseert.”

Hoe lang kunnen ze weerstand bieden?

„Dat hangt ervan af hoeveel geld ze hebben. Armere landen als Oman en Bahrein zijn vatbaarder dan Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië. Als een land 100, 200 miljard dollar cash beschikbaar heeft, kan het altijd geld gooien naar het probleem. Dan verdwijnt dat een paar jaar.

„Maar als er geen hervormingen komen, krijgen ze een hoop moeilijkheden. Misschien zullen sommige regimes dat niet overleven.”