Dit is de column van Ad Scheepbouwer die FD-lezers niet mogen lezen

Het stond klein in een hoekje op pagina negen van Het Financieele Dagblad van vanochtend: De column van Ad Scheepbouwer is deze week om inhoudelijke redenen geweigerd door de hoofdredactie. Economieredacteur Philip de Witt Wijnen zocht uit waarom de column, die hier wél te lezen is, geweigerd is.

De mededeling op pagina 9 van Het Financieele Dagblad van vanochtend.

Het stond klein in een hoekje op pagina negen van Het Financiële Dagblad van vanochtend: De column van Ad Scheepbouwer is deze week om inhoudelijke redenen geweigerd door de hoofdredactie. Economieredacteur Philip de Witt Wijnen zocht uit waarom de column, die hier wél te lezen is, geweigerd is.

Met de nodige trots presenteerde Het Financiële Dagblad afgelopen zomer een bataljon nieuwe columnisten: Eurocommissaris Neelie Kroes, hoogleraar Heleen Mees, de eigen Eurocrisiswatcher Martin Visser – en voormalig KPN-topman Ad Scheepbouwer.

Eergisteren was FD-hoofdredacteur Jan Bonjer eventjes minder euforisch toen Ad Scheepbouwer zijn wekelijkse bijdrage naar zijn vaste eindredacteur doorstuurde. Het stukje haalde de krant niet. “De column van Ad Scheepbouwer is deze week om inhoudelijke redenen geweigerd door de hoofdredactie.”

Waarom? De column was een kritische beschouwing over berichtgeving in het FD zelf. Scheepbouwer zegt telefonisch vanuit Londen aan NRC:

“Kennelijk verdraagt de krant geen kritiek op zichzelf. Dat was precies de portee van mijn stuk want ik roep dat het FD in navolging van het NRC en de Volkskrant ook een ombudsman aanstelt.”

Scheepbouwer weigerde het verzoek van hoofdredacteur Bonjer om de column aan te passen. Volgens Bonjer bevatte die namelijk “veel feitelijke onjuistheden” en was die “onder de norm die we bij het FD hanteren. Dus heb ik het recht om hem te weigeren.”

In de gewraakte column uit Scheepbouwer kritiek op het coververhaal van het FD van afgelopen zaterdag over de bestuursvoorzitter van AkzoNobel, die wegens oververmoeidheid met ziekteverlof is. Verslaggever Pieter Couwenbergh reconstrueert daar nauwgezet hoe de raad van commissarissen begin september overvallen was door de ziekte van hun topman en hoe beleggers daar van schrokken.

De media, schrijft Scheepbouwer, betrachtten over deze kwestie ,”de nodige terughoudendheid in hun berichtgeving over de opvolger van Hans Wijers. […] Tot vorige week zaterdag uitgerekend het FD, de zakenkrant waarvan je juist een nuchtere toon verwacht, de remmen losgooide. Een alarmerende kop op de voorpagina: ‘Omgevallen’. En een onderschrift dat suspense moet suggereren.”

De voorpagina van het FD van vorige week zaterdag.De voorpagina van het FD van vorige week zaterdag.

Vervolgens blijft de tekst van het uitgebreide artikel in de ogen van Scheepbouwer “rijkelijk vaag”.

“Het aanwakkeren van ongezonde nieuwsgierigheid lukt nog net, maar het bevredigen daarvan lukt helemaal niet. Waar ken ik die stijl ook al weer van? Ach ja, natuurlijk, van de roddelbladen in de wachtkamer van de tandarts.”

De verwijzing naar de roddelpers schoot hoofdredacteur Bonjer in het verkeerde keelgat. “De column was op allerlei manieren een aanval op de redacteur en dus op het FD.”

Voor Scheepbouwer rechtvaardigt het stuk van Couwenbergh de benoeming van een ombudsman die journalistiek-ethische vragen aan de orde kan stellen over onder meer de “kernwaarden van het FD”.

Voor beide partijen is de geweigerde column geen aanleiding voor een breuk. “Wat mij betreft staat Ad volgende week weer in de krant”, zegt Bonjer. “We waren tot nog toe erg tevreden.” En Scheepbouwer is dat ook gewoon van plan. “We hebben geen ruzie hoor.”

De column van Ad Scheepbouwer

Lees hieronder de volledige column van Ad Scheepbouwer die geweigerd is door het FD.

Gezocht: een ombudsman (m/v)

De Volkskrant heeft een ombudsvrouw (Margreet Vermeulen) en de NRC een ombudsman (Sjoerd de Jong). Wekelijks buigen zij zich over kritische reacties van lezers die zich afvragen of het belang van privacy van de betrokkenen voldoende in acht is genomen. Was het nou nodig om de boerderij van Jasper S. zo duidelijk in beeld te brengen? Is het geoorloofd om in de krant te citeren uit de privé e-mails van een Kamerlid? Duidelijk is wel dat deze kranten hun privacyregels uiterst serieus nemen. Als een bekende advocaat zich er in een televisieprogramma over beklaagt dat in een NRC-artikel de woonplaats van zijn vader wordt onthuld, maakt de ombudsman daar meteen werk van.

Zou het geen goed idee zijn als het FD ook een ombudsman zou aanstellen? Deze vraag kwam bij me op na lezing van het omslagartikel in de zaterdagkrant over Ton Büchner, de oververmoeide topman van Akzo Nobel.

Tot voor kort stelden alle betrokkenen partijen zich heel correct op. Het bedrijf bracht in september een keurig persbericht naar buiten waarin het openhartig meldde dat de topman door te hard werken tijdelijk oververmoeid is. Het oogstte daarmee zelfs de lof van Cees van Riel, reputatie manager en hoogleraar aan de Erasmus Universiteit. ‘Niets menselijks is ceo’s vreemd. Eindelijk eens een onderneming die dat eerlijk durft te communiceren.’

Daarop betrachtten de media op hun beurt de nodige terughoudendheid in hun berichtgeving over de opvolger van Hans Wijers. So far, so good, althans wat de verslaggeving betreft. Tot vorige week zaterdag uitgerekend het FD, de zakenkrant waarvan je juist een nuchtere toon verwacht, de remmen losgooide. Een alarmerende kop op de voorpagina: ‘Omgevallen’. En een onderschrift dat suspense moet suggereren: ‘De dag dat Akzo Nobel zijn zieke CEO ‘kwijt’ was. Een reconstructie.’

De vrijdag ervoor was deze ‘scoop’ al aangekondigd. Maar wat weet je zaterdagochtend na lezing van het stuk wat je de dag ervoor nog niet wist? Er worden veel feiten op een rij gezet, maar als lezer word je daar niet veel wijzer van.

‘Het is iets mentaals’, wordt opgemerkt. Daarop volgt een aantal vragen. ‘Is het overspannenheid, het chronisch vermoeidheidssyndroom of een burn-out?’ Maar het antwoord wordt niet gegeven, want ‘over wat hem mankeert, blijven betrokkenen ook nu nog terughoudend.’ En dat pleit voor die ingewijden. Het pleit niet voor de redacteur die maar blijft doorvragen. Wat zou je als journalist dan willen horen? Dat je wel even mag bladeren in het medische dossier?

Die kans wordt de redacteur in elk geval niet geboden en daarom blijft de tekst rijkelijk vaag. Het aanwakkeren van ongezonde nieuwsgierigheid lukt nog net, maar het bevredigen daarvan lukt helemaal niet. Waar ken ik die stijl ook al weer van? Ach ja, natuurlijk, van de roddelbladen in de wachtkamer van de tandarts.
Voor de nog niet bij het FD aangestelde ombudsman heb ik nog de volgende vragen.Is het passend om iemand die even ziek is zo in de spots te zetten? Waar draagt deze reconstructie toe bij? Past die bij de missie en kernwaarden van het FD, zo die er al zijn?

De media besteden momenteel terecht veel aandacht aan het belang van privacy. Daar waar die aangetast dreigt te worden, klimmen journalisten in de pen om daar op te wijzen. Zo schrijft Folkert Jensma in de NRC over het recht om de gordijnen te mogen sluiten. Minimale bescherming van de persoonlijke levenssfeer is het laatste houvast van de beschaving zo maakt hij duidelijk.

Dat paparazzi zich daar niets aan gelegen laten liggen en juist bij voorkeur achter de gordijnen kijken is een fact of life. Maar van een kwaliteitskrant als het FD mag je verwachten dat het zich daar verre van houdt. Natuurlijk kan het gebeuren dat een redacteur in zijn ijver wel eens door schiet, maar dan is het aan de ombudsman om vast te stellen of de krant over de schreef is gegaan. Wanneer staat de vacaturemelding in de krant?