'De atlas maakte me avonturier'

Als liefdesverklaring aan een boek deze week reisjournalist en schrijver Jelle Brandt Corstius over de Bosatlas.

Nederland, Amsterdam, 14-07-2010 Jelle Brandt Corstius (Bloemendaal, 9 april 1978) is een Nederlands correspondent, publicist en programmamaker. Hij is de zoon van schrijver Hugo Brandt Corstius en een broer van columniste Aaf Brandt Corstius. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Roger Cremers - 2010

‘Ik was een jaar of acht toen ik in de Bosatlas begon te bladeren. Uren staarde ik naar de kaarten, de uitgestrekte vlaktes. Als kind hield ik al van desolate plekken. Een tijdje lang fietste ik elke avond na het eten naar de A10 rond Amsterdam – nog in aanbouw en helemaal verlaten – en ging ik midden op de weg zitten. Vaak wel een uur. Dat uitzicht gaf hetzelfde gevoel als de kaarten van Siberië; desolaat en helemaal tevreden. Alles om je heen klopt.

,,De teksten in de atlas interesseerden me nooit ene biet, het ging me om de kaarten. Ik maakte er hele voorstellingen bij. De kaart van Oezbekistan had katoenpluimpjes. Ik zag velden vol witte bolletjes – de wind liet ze vliegen in de lucht. Of ik stelde me voor hoe de mensen ergens woonden, in een moeras bijvoorbeeld. Een beeld van houten planken, stank en overal het geluid van kikkers. Verbrande bomen, een beetje regen. Dat zat allemaal in mijn hoofd. Een atlas is meer dan de plaatjes, die vormen het beginpunt voor je fantasie. Ook in een roman verbeeld je je meer dan op de pagina staat, maar een roman dwingt je nog wel een richting op. De atlas daarentegen is ultieme vrijheid, zoals de ongebondenheid van poëzie of van reizen zelf.

,,De Bosatlas heeft de avonturier in mij opgewekt. De kern van een atlas is: daar wil ik zijn. Zoals de Beringstraat over, tussen Rusland en Amerika. Die schiereilanden aan beide zijden zijn zo enorm afgelegen. Ik zat daar te wachten tot er walvissen werden binnengehaald, tien dagen in een pick-up-truck met koffie en donuts. Een radiopresentator die zegt: ‘Als iemand luistert wil je dan alsjeblieft bellen, want dan weet ik dat ik het niet voor niets doe.’ Ha zulke plekken, dan is het echt bingo voor mij.

,,Kamtsjatka is de ultieme bestemming, en dat komt echt door de Bosatlas. Kamtsjatka is aantrekkelijk vanwege de vorm – wederom een schiereiland – maar bovenal de naam, de klank ervan.

,,Namen zijn belangrijk. Ik ging voor het eerst naar Rusland omdat het uitging met mijn vriendinnetje en ik tegen een vriend in wanhoop zei: we gaan naar Odessa. Alleen vanwege die prachtige naam, ik wist niet eens waar het lag. Dat heb ik ook met Antwerpen-Luchtbal, waar je doorheen komt met de trein, of Norg, in Drenthe. Maar naar Kamtsjatka ben ik nog niet geweest, het kan alleen maar tegenvallen.

,,Overal in de Bosatlas vind je verhalen. In de Sahara heb je een dorp dat ooit aan zee lag. Alleen heeft de zee zich verplaatst. Het wordt niet veel desolater dan een vissersstadje dat verlaten is door de zee. Of Mongolië. Dat heeft helemaal geen zee. Dat zijn áltijd rare landen. Geen toegang tot de zee, daar worden mensen gesloten van. Een eiland in een zee van landen. Zoals Oostenrijk, Hitler kwam er vandaan, ha! Of kijk naar dit stadje in Mongolië met twee namen, dan denk ik: daar zal wel ruzie worden gemaakt tussen verschillende volkeren. Nog steeds kan ik de atlas niet openslaan en ‘m al na twintig minuten weer dichtslaan.

,,Ik begrijp nu pas dat veel mannen toen ze jong waren door de atlas bladerden. Destijds dacht ik dat ik de enige was. Met vriendjes deed ik dat niet, ik kon me niet voorstellen dat iemand precies net zo lang als ik naar die ene kaart wilde kijken. Daar ben ik best fascistisch in, ik wil het dan ook op mijn manier. Zo bracht ik in mijn eentje een groot deel van de zondagen door in de Bosatlas.’’

De Grote Bosatlas. Noordhoff Uitgevers, 312 blz. € 69,95.