Znaider is wat stramme dirigent

Klassiek

Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Nikolaj Znaider. Gehoord: 28/11 Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 29/11. Deels ander programma: 30/11, 2/12 (live 14.15 uur, te horen op Radio 4 ). ***

Rolverwisselingen te over bij het Koninklijk Concertgebouworkest. De Deens-Israëlische topviolist Nikolaj Znaider dirigeert voor het eerst vier concerten in Amsterdam.

Gregor Horsch, eerste cellist van het orkest, is twee keer de solist in Schelomo van Ernest Bloch. En concertmeester Liviu Prunaru soleert twee keer in het Vioolconcert van Dvorák. Er is nog een rolverwisseling: het Pianokwartet op. 25 van Brahms klinkt in de orkestratie van Arnold Schönberg (1937).

Znaider (1975) dirigeerde al eerder in onder andere Sint Petersburg, München, Dresden en Los Angeles. Hij is een wat stramme dirigent met een redelijke directietechniek en blijft nog verre van een topprestatie bij een toporkest. Hij streeft vaak naar een fel stralend klankbeeld met blikkerende blazers. Het ontbreekt vooral aan balans, soepele tempi en raffinement. Zo klonk het eerste deel van Brahms àl te robuust, massief en luid.

In Schelomo, met de cello als de stem van de sombere en gekwelde Salomo, produceerde Horsch een fraaie, soms diep ronkende toon. Vooraf, in Kodály’s Dansen van Galánta, en in het spectaculaire slotdeel van Brahms’ Pianokwartet voor orkest klonk veel zigeunermuziek. Dáár klopte hoorbaar het hart van Znaider.