Parlement Sierra Leone loopt leeg

Het West-Afrikaanse land kreeg eerder deze maand lof voor de eerste op eigen kracht georganiseerde verkiezingen. Maar nu ligt de oppositie dwars.

Aanhangers van president Koroma hoorden deze week op de radio de uitslag van de verkiezingen: een meerderheid voor hen. Foto AP

De belangrijkste oppositiepartij van Sierra Leone heeft gisteren gezegd het nieuwe parlement te boycotten, uit protest tegen vermeende fraude bij de parlements- en presidentsverkiezingen van bijna twee weken geleden.

Volgens internationale waarnemers is de stembusgang op enkele incidenten na vrij en eerlijk verlopen. Er waren berichten dat de regeringspartij geld uitdeelde aan kiezers, maar volgens waarnemers ging het om kleine bedragen. Een handdruk, noemen Sierra Leoners dat.

„Waarnemers kijken alleen naar het proces”, zei Banja Tejan-Sie, secretaris-generaal van de SLPP, die denkt dat de politie en de rechterlijke macht betrokken waren bij fraude. „Als instituties samenspannen, is het moeilijk vast te stellen.”

Dat de SLPP de verkiezingsuitslag in twijfel trekt is een flinke tegenslag voor de nog jonge democratie van Sierra Leone. Het zijn pas de derde verkiezingen na de brute burgeroorlog (1991-2002) en de eerste die het land organiseert zonder buitenlandse hulp, hoewel 46 procent van het verkiezingsbudget van internationale donoren kwam.

President Ernest Bai Koroma is herkozen en heeft een ruim mandaat. Hij kreeg 58,7 procent van de stemmen, genoeg om zijn belangrijkste rivaal, Julius Maada Bio van de SLPP, in één ronde te verslaan. En met 67 van de 112 zetels heeft Koroma’s partij APC ook een meerderheid in het parlement.

„We richten ons op het scheppen van banen voor jongeren, en de opleiding van onze jonge mensen zodat ze de enorme kansen kunnen grijpen die we hebben in de bouw, de mijnbouw en de landbouw”, zei Koroma na zijn zege. Zo’n 70 procent van de jongeren heeft niet of nauwelijks werk en 50 procent is analfabeet.

Sierra Leone is een land van jongeren, ruim 35 procent van de bevolking is jonger dan 35 jaar. Velen zijn getraumatiseerd door de burgeroorlog die grotendeels werd uitgevochten door kindsoldaten. Na de oorlog bleven de meeste voormalige rebellen in de stad, omdat ze zich niet meer konden vertonen in hun geboortestreek. Daar hangen ze werkloos rond. Het is deze groep die de APC met een ‘handdruk’ heeft ingezet bij campagnebijeenkomsten en naar de stembus heeft gelokt.

Ook in 2007 beloofde de APC banen te creëren voor jongeren. En ook toen dansten jongeren op campagnebijeenkomsten en gingen ze massaal stemmen. Maar behalve een paar T-shirts van de partij en wat geld om te stemmen, heeft het hun niets opgeleverd. Niets wijst erop dat het na deze verkiezingen anders zal gaan.

Onder Koroma’s leiding is de economie de afgelopen jaren met gemiddeld 4,7 procent gegroeid, niet genoeg om de enorm hoge werkloosheid te verminderen. Koroma hoopt dat de investeringen in de mijnbouw – Sierra Leone is rijk aan diamant, bauxiet, goud, ijzererts en olie – de komende jaren vruchten afwerpen.

De inkomsten uit grondstoffen wil Koroma gebruiken om de infrastructuur te verbeteren. Hij heeft de afgelopen vijf jaar al vooruitgang geboekt: duizenden kilometers nieuwe wegen zijn aangelegd en het elektriciteitsnet is flink verbeterd. Maar zijn tegenstanders zeggen dat dit voornamelijk ten goede komt aan de etnische groep die hem van oudsher steunt: de Temnes in het noorden.

Een andere groot probleem is de omvangrijke corruptie. De anti-corruptiecommissie die Koroma heeft opgezet, wordt ervan beschuldigd zich uitsluitend te richten op kleine vissen, terwijl hoge regeringsfunctionarissen buiten schot blijven. Onder hen is vice-president Sam Sumana, die wordt beschuldigd van corruptie bij illegale houtkap.