Goudkoorts in Suriname

Suriname sloot deze week akkoorden met twee multinationals over commerciële goudwinning. De traditionele bevolking in het district Brokopondo ziet haar bestaan bedreigd.

Aan weerskanten van het licht glooiende asfalt ligt diepgroen oerwoud. De nieuwe weg door het hart van Suriname is aangelegd door honderden Chinezen uit de Volksrepubliek. Voor toeristen ligt er nu een snelle route naar recreatieoorden in de uitlopers van het Amazonewoud met z’n visrijke kreken en rivieren.

Druk is de weg niet. Wel passeren regelmatig ronkende quads en diepladers met graafmachines. Dit is district Brokopondo, het gebied van Saramaccaners en Aukaners – Surinaamse Marrongroepen en nazaten van slaven die in de 17de en 18de eeuw de plantages ontvluchtten.

Langs een bochtige zijweg, provisorisch verhard met roodkleurig lateriet wijkt na enkele kilometers het bos: een afgraving die zich over een kilometer uitstrekt. Af en toe klinkt het krijsen van papegaaien.

Een groepje mannen neemt het ervan, in hangmatten onder palmbladeren daken. „Dit is mijn bedrijf”, lacht Kensley Linja. Hij wijst naar de acht tot tien meter diepe afgraving met grote plassen. En naar twee graafmachines van Japanse makelij. Uit zijn dvd-speler klinken Braziliaanse ritmes, de BlackBerry laadt op, een generator ronkt, naast een schotelantenne.

Linja (43) is een Marron uit Brownsweg. Twintig jaar terug zocht hij nog naar goud met een baté – een ijzeren schaal. Nu werken er tien Brazilianen en één Surinamer voor hem. „De Brazilianen hebben ervaring”, zegt Linja. „Zij zijn onze leermeesters.” De Portugese taal is geen probleem: het Saramaccaans is verwant – erfenis van Portugees-Joodse slavenbezitters.

De graafmachines kostten Linja 180.000 euro. Er kwam geen bank aan te pas. „We zijn hier allemaal illegaal”, legt hij uit. Om alle machines (ook pompen, spuiten, transportbanden) te laten draaien is maandelijks 100 barrel diesel nodig.

Voor zuiveren van het goud wordt, illegaal, kwik gebruikt. Over gevolgen voor gezondheid of milieu maakt Linja zich geen zorgen. Bij een Parbobier en een

Marlboro vertelt hij dat hij méér dan drie kilo goud per jaar vindt, met de nadruk op méér. Hij bedoelt: een veelvoud. Drie kilo is nu zo’n 150.000 US dollar waard.

De goudkoorts brengt migratie teweeg. En ook conflicten over grond en milieuproblemen. Soms met geweld. In Frans Guyana werden in juni twee militairen door illegale goudzoekers doodgeschoten bij een poging hen te verwijderen; bij zo’n actie in Suriname vond dit jaar een goudzoeker de dood.

Volgens een schatting van de Surinaamse overheid werken zo’n dertigduizend mensen in de goudvelden – driekwart is Braziliaan. Ofwel: een kwart van de werkende bevolking. Er is een spin off van diensten – supermarkten (veelal gedreven door Chinezen), transportbedrijfjes, reparatiewerkplaatsen, bordelen (cabarés) en beautysalons. Goud is in het binnenland een geaccepteerd betaalmiddel.

Er zijn naar schatting 800 tot 1.200 illegale ‘goudmijnen’. Vorig jaar werd voor zo’n 750 miljoen euro illegaal goud gewonnen: 19.000 kilogram, volgens een officiële schatting. De omvang is bekend, omdat dit goud bij erkende opkopers in Paramaribo mag worden aangeboden.

De belastingopbrengst is met 2 procent minimaal: een hogere heffing zou smokkel naar buurlanden uitlokken. Het is een voorname reden voor de regering ‘ordening’ in de goudsector te brengen. Het Canadese Iamgold, verreweg de grootste legale exploitant, haalde in 2011 bijna 12.000 kilo goud uit Suriname.

In Compagnie Kreek laat Michel, een jonge Marron, zijn gloednieuwe Toyota zien. Vrouw en kinderen kijken op een flatscreen tv. Veel traditionele houten huizen, met palmbladeren daken, hebben hier plaatsgemaakt voor stenen woningen. Sommige met klassieke zuilen: symbool van verworven status.

Zoals de woning van Michel – z’n achternaam houdt hij geheim. In Paramaribo zat hij op de lagere technische school. Op z’n zeventiende werd de aantrekkingskracht van goud te groot. Sinds een paar jaar heeft hij eigen apparatuur. Hij werkt op een concessie van iemand uit Paramaribo. Dan start hij zijn Toyota. Er is een feest verderop. Sinds de goldrush valt diep in het oerwoud veel te beleven.

‘Hoofdkapitein’ Henk Finisie (63) uit Brownsweg zegt dat Marrons rechten hebben in het ‘gemeenschapsbos’. De traditionele gezagsdrager van het dorp – smartphone, fles rum (voor plengoffers aan voorouders) bij de hand – herinnert aan de vredesverdragen die Marrons eind 18de eeuw met het Nederlandse koloniale gezag sloten. De Marrons moeten wel afdragen aan hun dorp, maar doen dat lang niet altijd, beaamt Finisie.

Grootste probleem is dat de overheid sinds de jaren ’90 alle goudrijke gebieden aan particulieren en bedrijven in concessie gaf. Corruptie en vriendjespolitiek speelden een voorname rol.

Het Canadese Iamgold verwierf exploratierechten voor bijna 300.000 hectare. De concessie voor daadwerkelijke exploitatie beslaat tot nu toe 17.000 ha, waarbij de staat voor 5 procent participeert.

Brownsweg ligt in exploratiegebied. Nieuw Koffiekamp is zelfs geheel omsloten door exploitatiegebied, waardoor dorpsbewoners geen kostgronden meer hebben voor eigen voedselvoorziening. Nog altijd is er het trauma van een halve eeuw terug, toen de bevolking moest verhuizen voor het stuwmeer. Nu vrezen sommigen een nieuwe verhuizing.

Het financiële belang voor de Surinaamse overheid is groot: vorig jaar stortte Iamgold bijna 100 miljoen US dollar aan dividend, royalty’s en inkomstenbelasting (van bijna tweeduizend werknemers) in de staatskas. Dat was bijna 10 procent van de overheidsinkomsten.

De regering-Bouterse zette begin 2011 een commissie voor ‘ordening’ van de goudsector aan het werk. Doel: illegale goudzoekers uit de illegaliteit halen door registratie. Die verloopt traag; van meer belastingheffing komt nog weinig terecht.

Het World Wildlife Fund (WWF) werkt mee aan deze aanpak. WWF-coördinator in Paramaribo Laurens Gomes verwerpt kritiek dat zijn organisatie zich hiermee ongeloofwaardig maakt. „Ervaringen in Frans Guyana leren dat het met harde hand verwijderen van illegale goudzoekers weinig resultaat oplevert”, zegt hij. Het WWF stimuleert Marronjongeren in coöperatief verband samen te werken.

Gomes noemt kwik het „grootste probleem”, omdat het zich via rivieren en kreken over grote oppervlakten verspreidt – tot ver buiten de goudgebieden. Topambtenaar John Courtar, hoofd medisch bureau van het milieuministerie en lid van de goudordeningscommissie, erkent het probleem. „Er komt een scholingsproject voor kwikvrije goudwinning”, onderstreept hij. Het WWF is daar ook bij betrokken.

Het WWF, dat ook in de buurlanden actief is, maakte dit voorjaar luchtfoto’s over verwoestingen door goudzoekers in het beschermde Natuurpark Brownsberg. Er werden vijftig illegale mijnen gevonden, waar vele honderden mensen werkten.

Tegen de directeur van de Stichting Natuurbehoud Suriname (de beheerder) loopt een strafklacht. Hij zou zich hebben laten omkopen. Enkele jaren geleden bleek dat ook Ronnie Brunswijk – in de jaren ’80 leider van het Junglecommando in de strijd tegen het militaire regime-Bouterse – in het park actief was. De zaak verdween in de doofpot – Brunswijk, zelf Marron, behoorde als parlementariër tot de coalitie van toenmalig president Venetiaan.

Er zijn harde aanwijzingen dat Dino Bouterse, zoon van de huidige president, in het gebied actief was. Een bestuurder uit Brownsweg, basja (baas) Wim Amiemba, zegt ervan te weten: „Ja, ik heb hem er gezien. Dino had een groep in het park.” Autoriteiten zeggen, volgens een ingewijde, er „niets aan te kunnen doen”.

Marrons wantrouwen de ordeningscommissie. „Er zijn machtige mensen die er belang bij hebben de zaak niet op te lossen”, zegt Hugo Jabini. Hij werd tot parlementariër gekozen voor Bouterse’s NDP met de belofte de grondrechten voor Marrons te realiseren.

Jabani stond aan de basis van een proces om erkenning van hun grondrechten bij het Inter-Amerikaanse Hof. Het leidde in 2007 tot een veroordeling van Suriname – het enige land in Latijns-Amerika dat geen wettelijke regeling kent voor de grondrechten voor tribale volken en Inheemsen.

Volgens Jabini zouden velen „flauwvallen als ze zagen wie goudconcessies hebben”. Die namenlijst is niet openbaar. Hij bevestigt dat de concessiehouders ook in zijn partij zitten.

Jabini wil dat een deel van de goudconcessies wordt ingetrokken. Dan komt er plek voor Marronjongeren. De overheid is op grond van de mijnwet (uit 1986) verplicht elke twee jaar een kwart van het exploratiegebied van concessiehouders terug te nemen. Maar zij past die regeling, bedoeld om ontginning te stimuleren en monopolies te voorkomen, niet toe.

Reden? Zo’n ingreep raakt niet alleen aan belangen van invloedrijke Surinamers, maar ook aan die van exploitanten als Iamgold. De huidige en ook de vorige regering onderhandelden juist met de Canadese multinational over een grotere (en dus lucratievere) overheidsparticipatie. Ook met het Amerikaanse concern Alcoa/Newmont is gesproken over nieuwe goudexploitaties in het oostelijke Nassaugebergte.

Het IMF voorziet voor Suriname een verdubbeling van de commerciële goudproductie, dus verveelvoudiging van staatsinkomsten. Juist deze week werd bekend dat Suriname met beide multinationals overeenstemming heeft bereikt over miljardeninvesteringen.

Details ontbreken nog. Maar president Bouterse voorspelt alvast dat Suriname „een gouden Kerst tegemoet gaat”.