De film houdt zich staande dankzij Eastwoods inzet

Trouble with the Curve

Regie: Robert Lorenz. Met: Clint Eastwood, Amy Adams, Justin Timberlake, John Goodman.

Clint Eastwood (82) regisseert in de 21ste eeuw alsof de dood hem op de hielen zit: een film per jaar. Acteren doet hij minder, sinds 2004 om de vier jaar. Na Gran Torino gaf hij in 2008 aan „waarschijnlijk” helemaal te stoppen. Je wilt geen bokser worden die te lang in de ring rond waggelt, zei hij.

Nu staat hij toch weer in de ring met Trouble with the Curve. Een honkbalfilm met Eastwood als hoogbejaarde honkbalscout Gus. Je kunt een falende pitcher afschrijven om een nieuwe te zoeken op ‘interweb’, gromt Gus. Je kunt ook gewoon zijn moeder laten overkomen, want die knul mist haar. Zoiets moet je aanvoelen.

Eastwood zei ooit dat hij van elke film iets leert, maar dat kan bij Trouble with the Curve niet het geval zijn. Zijn rol kan hij dromen: een vermoeide professional op zijn laatste missie, die speelt hij al decennia. Fijn dat hij zijn eigen legende definieert, maar dit is zo’n opeenstapeling van Eastwood-formules dat je al na een kwartier de afloop weet. Als we via flashbacks ontdekken waarom Gus zijn dochter in de steek liet, wordt het zelfs even potsierlijk. Even, want de film vermijdt een knock-out. Trouble with the Curve is een cadeautje van Eastwood aan debuterend regisseur Robert Lorenz, al sinds 1994 zijn assistent. Hij slooft zich uit: zo kwetsbaar, als hij met bibberende onderlip op het graf van zijn vrouw You Are My Sunshine zingt, was hij niet sinds Unforgiven (1992). En je kan je ogen niet afhouden van Amy Adams, die als koppige, behoeftige Mickey tegelijk een tango danst met Eastwood en een romantische komedie afwerkt met de charmante Justin Timberlake.

De film houdt zich staande met zeer mager materiaal, en dat is de verdienste van Eastwood en de sterke cast.