Saevis tranquillus in Undis II

Vier weken geleden verscheen de regeringsverklaring van het kabinet Rutte-Asscher. Ik wijdde aan twee punten daaruit mijn column. In de laatste zinnen stond: „Het komt erop aan of beide partijen elkaar vertrouwen en vasthouden. Het avontuur samen aangaan. Vooral ook perspectief bieden. [...] Saevis tranquillus in undis”, naar een tekst van oud-minister-president Colijn.

Die wens bleek een vrome. Dat kon ook niet anders. De dagen daarna, toen doordrong wat de consequenties van met name de gemaakte afspraak over de ziektekostenpremies waren, ontstond grote ophef. Het zouden de roerigste weken worden die ik in de bijna vijftig jaar dat ik lid van mijn partij ben, heb meegemaakt.

De coalitie probeerde de schade beperkt te houden. De PvdA stemde in met het schrappen van die inkomensafhankelijke ziektekostenpremie, maar wilde daar een nivellerende aanpassing van de inkomstenbelasting voor terug. Ook werd er 250 miljoen euro per jaar in de komende kabinetsperiode uitgetrokken voor een verzachting van de versobering van de werkloosheidsuitkeringen. Op zich een goed besluit.

Zeker in een tijd als deze, met een stijging van de werkloosheid en het moeilijk kunnen vinden van een andere baan, is het regeerakkoord van de coalitie van VVD en PvdA hier zeer ingrijpend.

Wie z’n baan kwijtraakt, zou nog een jaar een echte WW-uitkering en daarna een bedrag op bijstandsniveau krijgen.

Afgelopen weekend kwam de Algemene Vergadering van de VVD bijeen. Die verliep goed. Vertrouwen terugwinnen en aan de slag, zei Rutte terecht.

Kortgeleden noemde de minister-president zijn kabinet „Dreesiaans”. Met groot respect denken wij terug aan de staatsman Drees, die een grote rol heeft gespeeld bij de wederopbouw van ons land.

Hij groeide uit tot een man die ook buiten zijn partij zeer gezien was. Vadertje Drees. Dat duurde overigens wel even, want in het begin van de jaren vijftig werden bij Drees’ spreekbeurten in het zuiden de microfoons in de zaal weleens onklaar gemaakt door aanhangers van coalitiegenoot KVP.

De tijd waarin Drees aan het roer stond, was wel heel anders dan de onze. Toen kwam ons volk uit een oorlog, vol verwoesting, honger, armoede en nog erger. Maar met de hoop op herstel, wederopbouw, op weg naar een wenkend perspectief op een betere toekomst.

De inkomensverschillen werden ook toen kleiner. Maar iedereen ging erop vooruit, dan voelt dat anders.

En: de kabinetten-Drees werden gesteund door trouwe kiezers en door een ruime meerderheid in Tweede en Eerste Kamer.

Nu leven we in een tijd van grote onzekerheid. Maatschappelijk, economisch en politiek. Met een regering die een veel minder brede basis in het parlement en een beperkt vertrouwen bij de kiezers heeft. Het uitsteken van de hand in en buiten het parlement, zoals de regering heeft beloofd, is dus een goed gebaar, waar zeker inhoud aan gegeven moet worden. Misschien wordt het dan echt saevis tranquillus in undis.

Hans Wiegel is oud-leider van de VVD. Deze wisselcolumn op woensdag verzorgt hij beurtelings met SP-voorzitter Jan Marijnissen.