Eastwood weet knock-out te vermijden

CLINT EASTWOOD as Gus in Warner Bros. Pictures’ drama “TROUBLE WITH THE CURVE,” a Warner Bros. Pictures release.

Trouble with the Curve. Regie: Robert Lorenz. Met: Clint Eastwood, Amy Adams, Justin Timberlake, John Goodman. In: 20 bioscopen. ***

Clint Eastwood (82) regisseert in de 21ste eeuw alsof de dood hem op de hielen zit: een film per jaar. Acteren doet hij minder: sinds 2004 om de vier jaar een rol. Na Gran Torino gaf hij in 2008 aan ‘waarschijnlijk’ helemaal te stoppen. Je wilt geen bokser worden die te lang in de ring rond waggelt, zei hij.

Nu staat hij toch weer in de ring met Trouble with the Curve. Een honkbalfilm die deels een antwoord is op Moneyball. In die film ontketende Brad Pitt een revolutie in het honkbal door spelers te reduceren tot kille statistieken. Deprimerende managerslogica: als hoogbejaarde honkbalscout Gus belichaamt Eastwood nu de intuïtie en honkbaltradities die Moneyball zo grof opzij schuift. Je kunt een falende pitcher afschrijven om een nieuwe te zoeken op ‘interweb’, gromt Gus. Je kunt ook gewoon zijn moeder laten overkomen, want die knul mist haar. Zoiets moet je aanvoelen.

Gus is een gevoelsman, behalve als het om zijn eigen dochter Mickey gaat. Komt zij te dichtbij, dan trekt de oude schilpad zijn geplooide nek snel onder zijn schild. Maar hoe hard hij ook tegenstribbelt, Gus wordt blind en Mickey helpt hem op verzoek van oude vriend Pete (John Goodman) op zijn laatste scoutingsmissie. Zelf maakt de 33-jarige juriste krampachtig carrière; ’s avonds zit ze door verlatingsangst eenzaam in haar flatje aan de rode wijn. Tijd voor gezamenlijke traumaverwerking dus, waarbij de jonge honkbalscout Johnny (Justin Timberlake) met zijn malle baardje en vrolijke grijns zijn nut bewijst.

Eastwood zei ooit dat hij van elke film iets leert, maar dat kan bij Trouble With The Curve niet het geval zijn. De rol van Gus kan hij dromen: de eenzame dinosaurus Walt Kowalski uit Gran Torino (2008) gecombineerd met al die vermoeide professionals op hun laatste missie die hij al decennia speelt. Fijn dat Eastwood zijn eigen legende definieert, maar Trouble With The Curve is zo’n opeenstapeling van Eastwood-formules dat je al na een kwartier de afloop weet. Als we via flashbacks ontdekken waarom Gus zijn dochter in de steek liet, wordt het zelfs even potsierlijk.

Even: de film vermijdt een knock-out. Trouble With The Curve is een cadeautje van Eastwood aan debuterend regisseur Robert Lorenz, al sinds 1994 zijn assistent. Hij slooft zich werkelijk uit: kwetsbaar, zoals hij met bibberende onderlip op het graf van zijn vrouw ‘You Are My Sunshine’ zingt, was hij niet sinds Unforgiven (1992). En je kan je ogen niet afhouden van laatbloeier Amy Adams, die als koppige, behoeftige Mickey tegelijk een tango danst met Eastwood en een romantische komedie afwerkt met de charmante Timberlake. Want net als in die andere vader-dochterromance van Eastwood, Million Dollar Baby, draait het eigenlijk om de dochter.

Trouble With The Curve houdt zich staande met zeer mager materiaal, en dat is de verdienste van Eastwood en de sterke cast.