Onbehaaglijke theatertrip daagt jonge kijkers uit

Het festival Jonge Harten richt zich met jonge theatermakers op een jong publiek. Deze editie biedt onder meer eng theater en roerende dans.

Drie dansers zoeken op een kartonnen vierkant van twee bij twee meter voorzichtig hun plek door langzaam om elkaar heen te draaien. Daarna bevrijden ze zich om de beurt van de groep en zetten buiten het vlak een nieuwe, eigen beweging in. Zo veroveren ze een nieuwe grote speelplaats. De minimalistische bewegingen ontwikkelen zich tot acrobatische breakdance, waarbij de dansers elkaar imiteren, uitdagen, opvangen en voor de gek houden.

Dansvoorstelling O Snap (12+) van de in Nederland werkende Amerikaanse choreograaf Erik Kaiel is de openingsvoorstelling van het Groninger Jonge Harten Festival, dat een theaterfestival van en voor jongeren wil zijn. Vrijdag ging de vijftiende editie van start. Tot en met zaterdag zijn er dertig voorstellingen te zien.

„Kunst is dood- en doodeng”, zei directrice Marga Kroodsma in haar openingsspeech. „Kunst is onvoorspelbaar, het zorgt voor verrassingen, je kan geraakt worden.” Toch wil het festival geen concessies doen en voorstellingen niet aanpassen aan de jonge doelgroep. „We willen geen hapklare brokken aanbieden.”

Toegankelijk is O Snap wel. Het thema vriendschap en volwassen worden sluit netjes aan bij de belevingswereld van jongeren. De scène waarin de dansers elkaar steeds proberen te omhelzen is ontroerend. Telkens deinzen ze op het laatste moment verlegen een stukje terug, maar ze komen bij elke poging ook dichterbij.

Ook de bewegingstheatervoorstelling I fink U freeky behandelt een herkenbaar thema. Aan het begin van deze fysieke voorstelling slaan negen jongeren van 16 tot 20 jaar van de JeugdTheaterschool Groningen illustratief kartonnen dozen stuk. Ze willen niet in een hokje geduwd worden en lappen alle geschreven en ongeschreven jongens- en meisjesregels aan hun laars. In hun gelijke kleding transformeren ze van übermannen naar barbiepoppen en terug. Ze giechelen, gillen, laten spierballen rollen, trutten voor de spiegel, huilen en krabben aan hun kruis.

Regisseur Willemijn Zevenhuijzen bouwde de voorstelling duidelijk op aan de hand van improvisaties van de jongeren. Ze had daar een iets duidelijkere dramaturgische lijn in kunnen aanbrengen. Maar het spelplezier van de jonge, talentvolle acteurs spat er wel van af.

Echt eng wordt het tijdens het openingsweekend bij de voorstelling Grind. Choreograaf en danser Jefta van Dinther, lichtontwerper Minna Tiikkainen en geluidsontwerper David Kiers dompelen de bezoeker 50 minuten lang onder in een intensieve en overprikkelende theaterervaring.

Bij binnenkomst worden bezoekers gewaarschuwd. De voorstelling is absoluut niet geschikt voor epileptici, migraine- en hartpatiënten. Het is geen overbodige mededeling. Snijdende (stroboscopische) lichtflitsen en bewegende lampen doen in de verduisterde zaal nabeelden opdoemen. In de overweldigende soundscape wisselen onaangename boor- en motorgeluiden elkaar af. En de bassen dreunen ondertussen door je hele lichaam.

In de verte is een mysterieuze man zichtbaar, die tijdens lichtflitsen uitdagend het publiek aankijkt en in de weer lijkt met een snoer. Hij maakt van de voorstelling meer dan een verzameling licht- en geluidseffecten. Hij intrigeert en jaagt angst aan. Als bezoeker wil je of dichterbij komen of wegrennen. Maar voor beide opties is het te donker, waardoor er niets anders op zit dan je over te geven aan de trip. Een onbehaaglijke, maar bijzondere ervaring.

T/m za 1 dec. Inl: jongeharten.nl