Agenten mikken niet op de benen

Het schietincident waarbij dit weekend een jongen omkwam, krijgt veel aandacht. Toch overlijden er meer mensen door optreden van de politie. Rishi C. is de vijfde dit jaar.

NOVUM59:POLITIE DOET NIEUW ONDERZOEK SCHIETINCIDENT.:DEN-HAAG;26NOV2012-De 17-jarige jongen die zaterdagochtend werd neergeschoten door de politie op station Den Haag Hollands Spoor, droeg geen vuurwapen. Novum/ph/str.Peter Hofman Novum PETER HOFMAN

Stadsverslaggever Den Haag

Den Haag. Veel is nog onduidelijk over de dood van de 17-jarige jongen die afgelopen zaterdag door de politie werd neergeschoten op station Hollands Spoor in Den Haag. Het onderzoek is nog in volle gang, reden waarom het Openbaar Ministerie (OM) naar eigen zeggen „terughoudend” is met mededelingen.

Maar de volgende feiten zijn bekend.

Zaterdagochtend kreeg de politie een melding van een incident op perron 4 van Hollands Spoor. Een man werd, naar later bleek, door de 17-jarige Hagenaar Rishi C., bedreigd. Hierbij zou volgens de politie „sprake zijn geweest van een vuurwapen”.

Uit een verklaring van het OM blijkt dat Rishi C. geen gehoor gaf aan de instructies van de politie, die daarop een schot loste. Welke instructies dat waren wil justitie niet zeggen. Bij het schietincident, dat plaatsvond rond 06.25 uur, waren drie politieagenten betrokken. De jongen overleed in het ziekenhuis aan zijn verwondingen.

Bij de 17-jarige Rishi C. is geen vuurwapen aangetroffen, aldus het OM. Justitie onderzoekt nog wat er precies is gebeurd en zal daarna beoordelen of „de politieambtenaar heeft gehandeld binnen de kaders van de ambtsinstructie voor de politie”. Afgelopen weekend heeft de rijksrecherche getuigen en de betrokken agenten gehoord. Ook zijn er camerabeelden „veilig gesteld” en is er sectie verricht op het lichaam van de overleden jongen.

De forensische opsporing van een ander politiekorps, Hollands Midden, heeft onderzoek op Hollands Spoor gedaan. De agent die het fatale schot loste geldt als verdachte. Een woordvoerder van het OM benadrukt dat politieambtenaren vaker als verdachte worden aangemerkt. „Dit zegt nog niks over de uitkomsten van het onderzoek.”

Deskundigen en vakbondsmensen willen niet op deze specifieke zaak ingaan, omdat het onderzoek nog loopt en er nog te veel onduidelijk is. Wel willen ze iets zeggen over het gebruik van vuurwapens door politieagenten. Agenten moeten zich houden aan de Politiewet en de ambtsinstructie. Die schrijven voor dat agenten geweld mogen gebruiken, zij het ‘proportioneel’.

Bij dreiging van een delict waarop een celstraf van meer dan vier jaar staat mag een agent gericht schieten om zijn eigen veiligheid te waarborgen. Bedreiging met een vuurwapen is zo’n delict. „Er is dan sprake van noodweer. Het klinkt hard, maar je schiet dan om iemand te raken, om hem uit te schakelen”, zegt Walter Welting, voorzitter van politiebond ANPV.

Jaap Timmer, universitair hoofddocent politiestudies aan de Vrije Universiteit Amsterdam: „In dit geval was er ten tijde van de melding sprake van een bedreiging met een vuurwapen. Geen vrolijke ongewapende fietsendief dus.” Met die informatie kwamen de drie agenten aan op Hollands Spoor. „Het was een aardig delicate situatie. En als een verdachte niet doet wat je zegt, wordt er van je verwacht dat je optreedt”, zegt Timmer.

Gerrit van de Kamp, voorzitter van politievakbond ACP, vindt het nog te vroeg om conclusies in deze zaak te trekken, maar hij wil wel een „wijdverspreid misverstand” uit de wereld helpen. „Agenten worden niet getraind om op benen te mikken, omdat die heel lastig te raken zijn. Daarom leren politiemensen om iemand in zijn middenrif te raken. En als je in een stress-situatie een pistool hanteert gaat dat omhoog.”

Het schietincident krijgt veel aandacht, maar zo uniek is het niet dat mensen overlijden door een optreden van de politie. Rishi C. is de vijfde dit jaar, blijkt uit een evaluatie van Timmer. Op jaarbasis vallen gemiddeld twee tot drie doden en vijftien gewonden door politiekogels, zegt Timmer op basis van eigen onderzoek. In de periode 1979-2012 zijn „zo’n dertig tot veertig” agenten vervolgd wegens schietincidenten, van wie er elf schuldig zijn bevonden. Van hen kregen tien agenten een straf opgelegd, zoals taakstraffen en geldboetes. Timmer: „In 1996 heeft een agent een celstraf van twee jaar gekregen voor een schietincident. Dat is zover ik weet de enige.” De vijf doden door politiekogels tot nu toe dit jaar passen volgens Timmer „binnen de marges van een tot zeven”.

    • Brian van der Bol