Advies: doe meer samen met Europarlement

De Nederlandse regering zou in Europa veel meer kunnen bereiken door meer en beter met het Europees Parlement samen te werken. Dit stelt de Adviesraad Internationale Vraagstukken in een vandaag verschenen rapport aan het kabinet.

Volgens de raad maken andere lidstaten veel slimmer gebruik van het Europarlement, met name Duitsland en Frankrijk. Die hebben bijvoorbeeld permanente overlegorganen met hun Europarlementariërs opgezet. Nederland heeft zich „nog onvoldoende aangepast aan de nieuwe realiteit van een machtiger Europees Parlement”, stelt de Adviesraad. Sinds drie jaar geleden het Verdrag van Lissabon in werking trad, het ‘huishoudelijk reglement’ van de EU, heeft het Europees Parlement aanzienlijk meer bevoegdheden en zodoende meer macht gekregen.

Als voorbeeld noemt de raad de aanscherping van afspraken over onder andere het overheidstekort. Nederland pleitte voor scherpe sancties maar werd onvoldoende gesteund door andere lidstaten en legde zich neer bij een afgezwakte compromistekst. Vervolgens lukte het een meerderheid van het Europarlement wel om strengere sancties af te dwingen. In plaats van het parlement te steunen hield Nederland zich afzijdig.

Volgens voorzitter Elly Plooij van de adviescommissie is de EU na de jongste uitbreiding wezenlijk veranderd en speelt het eigenbelang een grotere rol. „We zitten met z’n allen in Europa, maar met 27 lidstaten is het wel meer ieder voor zich en god voor ons allen geworden.”