Column

Theo’s werkplaats

Coby Frits en haar hondje Rocus kwamen aanlopen over de zandwal, die de Haagse vinexwijk Ypenburg scheidt van de A13. Bovenop die wal staat de werkplaats van kunstenaar-ingenieur Theo Jansen. Zijn ‘strandbeesten’, die mysterieuze, van pvc-buizen geconstrueerde wezens die zich op eigen benen kunnen voortbewegen in de wind, zijn wereldberoemd. Zie ook het magazine DeLuxe bij deze krant, zaterdag. The New Yorker zond vorig jaar nog een redacteur naar Ypenburg voor een lyrisch verhaal. In Japan is Jansen een soort rockster.

In Ypenburg belandde hij acht jaar geleden, toen bij een nieuwbouwwijk nog een kunstbudget hoorde. Zijn oude strandbeesten staan nog altijd buiten en niemand heeft ze vernield, wat de politie destijds verwachtte.

Vorig jaar was ik hier even op bezoek. Toen zag ik enkele buurtbewoners, van PvdA tot PVV, met hun hondjes bij „Theo’s werkplaats” voor koffie komen. Is Jansen op reis, dan gaat het ritueel door. Coby Frits heeft de sleutel en past intussen een beetje op de boel.

Gisteren stonden de strandbeesten, in de luwte van een haag, bijna wat verlegen in de storm: neuzen naar de grond, ruggen in de wind. Coby maakte de werkplaats open en zette weer koffie.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau constateert in een nieuw rapport dat de status van vinexwijken wat stijgt – maar die stijging hangt wel samen met „de aanwezigheid en toename van koopwoningen”. Hoe gaat het daar intussen met de mensen in de sociale woningbouw? Coby Frits heeft het als geen ander geprobeerd, met Ypenburg. Toen ze hier in 1998 als een van de eersten kwam wonen, werd ze meteen lid van de bewonersvereniging en actief in het vrijwilligerswerk. Een fijne buurt is helemaal van levensbelang als je van 1.100 euro per maand leeft en nauwelijks geld over hebt om soms weg te gaan. Met vakantie ging ze nooit. Coby’s uitje is een wandeling naar de Henricuskade verderop, waar nog een paar boerderijen staan. „Heerlijk lopen genieten van flora en fauna”, schrijft ze daarna op Facebook.

Buiten de werkplaats heeft laagbetaald Ypenburg nog altijd nauwelijks plaatsen waar je iemand kunt ontmoeten. Ze snakten naar een bruin café, zoals ze kenden uit de Schilderswijk. Maar nu er dan onlangs eindelijk eentje is geopend, de De Iep, kunnen veel bewoners zich door de crisis geen biertje of glaasje fris meer permitteren, zei Coby.

Ze sprak met die traagheid van mensen die iets heel zwaars op zich voelen drukken. Was ze eenzaam? Ja, zei Coby meteen. De zondagen waren het ergst, dat wisten alle eenzame mensen.

Theo Jansen had hier zelf even gewoond en had gezegd: „Ypenburg heeft geen gelegenheid gehad om te ontstaan.”

Coby Frits knikte en zei: „Hier groeit het niet.”

Margriet Oostveen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Christiaan Weijts.