Congo, gewelddadig magazijn van de wereld

Wie de gevechtsronde in Oost-Congo wil begrijpen, tast al snel naar Congo, een geschiedenis van David Van Reybrouck. Het is een toegankelijk, uitstekend geschreven boek, dat toont hoe belangrijk Congo voor de wereld is geweest de afgelopen honderd jaar. Zijn rubberplantages voedden de 19de-eeuwse auto-industrie , zijn uranium werd gebruikt voor de atoombom op Hiroshima en zijn coltan is cruciaal voor computers en mobiele telefoons.

Van Reybroucks verhaal begint subliem honderd kilometer buitengaats, op de plaats in de zee waar de laatste vleugjes bruin water van de Congorivier nog zichtbaar zijn en waar de eerste blanke kolonisten Congo in het vizier kregen. De auteur hangt zijn verhaal op aan personages, onder wie een meer dan honderd jaar oude Congolees die nog kon vertellen over de Amerikaanse ontdekkingsreiziger Stanley, die Congo „veroverde” voor de Belgische koning Leopold. Van Reybrouck bezoekt vrienden van de legendarische eerste premier Patrice Lumumba, wiens lichaam vermoedelijk door Belgische huurlingen in de zuidelijke regio Katanga in stukken werd gesneden en in chemicaliën opgelost.

De beste actuele kennis staat op het blog van Congo-expert Jason Stearns: congosiasa.blogspot.com. Hij publiceerde vorig jaar Dancing in the glory of monsters, dat wil verklaren waarom Congo sinds 1996 in een eindeloze cyclus van oorlog gevangen zit. Ook hij duikt steeds vanuit een actuele plaats de geschiedenis in. Stearns kent de details die zo nodig zijn om ingewikkeld Afrika te begrijpen. Hij weet van economische, tribale en politieke factoren en duidt die op een wijze waarvoor in de vaak haastige journalistiek geen ruimte is.

Congo is het grootste land in Afrika ten zuiden de Sahara, een continent op zichzelf. De huidige crisis in het oosten heeft evenveel met Congo als met het gebied van de Grote Meren te maken, waarbij ook Rwanda en Oeganda horen. Kenner van dit gebied is de Franse historicus Gérard Prunier. Zijn boek From genocide to continental war: the Congolese conflict and the crisis of contemporary Africa is een must voor een ieder die de historische context wil vatten.

Het leukste Congoboek is The African dream, een dagboek van Ernesto Che Guevara. De Zuid-Amerikaanse revolutionair wilde de Cubaanse revolutie naar Oost-Congo exporteren. Na maanden tussen dronken rebellen gaf hij het op en verklaarde Congo ‘nog niet rijp’. Dat is vermoedelijk nog steeds zo, bij gebrek aan echte bevrijdingsbewegingen. Che Guevara had nog het meeste vertrouwen in Laurent Kabila, een jongeman die drank en wapens smokkelde. Kabila werd in 1997 president, na een lange mars vanuit Uvira in Oost-Congo, via Goma en Bukavu naar Kinshasa. Nu regeert zijn zoon Joseph, een zwakke figuur.