Waar is het eigenlijk goed voor dat de rijken steeds rijker worden?

Rosanne Hertzberger vraagt zich in haar column af waarom het uitmaakt dat Nederlandse rijken rijker worden, zolang de laagste inkomens het goed genoeg hebben (Opinie&Debat, 17 november).

Wat is er verkeerd aan om geld af te romen bij rijken die hun geld alleen hebben kunnen verdienen doordat ze hun handen vrij hadden, doordat mensen met lagere inkomens ander werk voor hen opknapten? Hadden ze ooit rijk kunnen worden als ze hun eigen omgeving hadden moeten bouwen en schoonhouden, de orde in hun eigen woonplaats hadden moeten handhaven, hun eigen kinderen hadden moeten onderwijzen en bijvoorbeeld hun eigen te verkopen producten in elkaar hadden moeten zetten?

Wat is er verkeerd aan om wat extra geld af te romen dat anders toch niet allemaal geconsumeerd kan worden en dan moet renderen via banken, zodat die dat enorme surplus van de rijken – bij gebrek aan een alternatief – te risicovol uitlenen aan behoeftige particulieren, organisaties en landen, waardoor je sneller terechtkomt in enorme financiële crises?

Waar is het eigenlijk goed voor dat vooral de rijken steeds rijker worden en de rest nauwelijks of niet?

Ik kan niets bedenken.

R.J.H. Maartens

Utrecht

Met geringe verschillen begrijpen we elkaar beter

Rosanne Hertzberger vraagt zich af wat het uitmaakt dat de rijken rijker worden. Wel dit: het is maar heel weinig mensen gegeven goed te kunnen communiceren met mensen die leven in een totaal andere inkomens- of vermogenssituatie dan zijzelf. Dit geldt voor armen, rijken en alles daartussenin.

Het beste contact en vooral begrip is tussen mensen die kunnen leven op ongeveer dezelfde manier. In een land met veel private rijkdom en grote publieke armoede is er weinig begrip voor elkaars situatie. Armen zijn dan inderdaad tomeloos jaloers op rijken, die de armen op hun beurt lui vinden.

Er zijn genoeg landen waar Hertzberger naartoe kan gaan om hier voorbeelden van te zien. De vraag is of het haar dan nog steeds niks uitmaakt.

H. Jellema-van de Kamp

Haarlem

Leven van laagopgeleiden acceptabel? Wat arrogant!

Ik verbaas me geregeld over de columns van moleculair microbioloog Rosanne Hertzberger. Ze schrijft over zaken buiten haar vakgebied alsof ze er verstand van heeft.

Ik neem aan dat ze weleens heeft gehoord van Karl Popper. Ik neem aan dat ze zijn stelling onderschrijft dat de uitkomst van wetenschappelijk onderzoek waar is totdat het tegendeel is bewezen. Haar opmerking dat je net zo goed zou kunnen beweren dat obesitas de oorzaak van allerlei maatschappelijke ellende is, is geen bewijs van de onjuistheid van Wilkinsons bewering. Het is slechts een verdachtmaking.

Hertzberger hoort duidelijk niet tot de laagstbetaalden. Heeft zij wetenschappelijk bewijs dat „de laagste inkomens een alleszins acceptabel leven leiden”? Ik ben evenmin een ervaringsdeskundige op dat gebied, maar ik zou mezelf mateloos arrogant vinden als ik zoiets zou beweren.

Boosheid lijkt soms veroorzaakt door jaloezie, maar dat maakt het nog niet rechtvaardiger dat iemand in tien jaar tijd 40 miljoen euro bij elkaar mag graaien en tegelijkertijd duizenden mensen mag ontslaan. Werklozen krijgen vanuit de belastingen een uitkering. Het is rechtvaardig dat mensen als genoemde heer extra moeten bijdragen.

J.W.H. de Vries

Dalen