‘Ik red me altijd, wat er ook gebeurt ’

Saskia Dekkers (52) is Europacorrespondent voor Nieuwsuur. Sinds augustus 2010 reist ze met partner, tevens cameraman, door Europa.

Foto Maurice Boyer

Erfenis

„Mijn vader was leraar, maar reizen was zijn leven. Iedere schoolvakantie gingen we zo ver mogelijk weg. Ik herinner me het gelukzalige gevoel van onderweg zijn. Hoe ik door het raampje van de Volkswagen de heuvels langzaam hoger zag worden. Hoe mijn vader zich boog over de landkaart op de motorkap. Dat heeft zich in mijn ziel genesteld.”

Passie

„Als kind las ik alles wat los en vast zat. Mensen zeiden: jij wordt vast journalist. Ik schilderde en wilde graag naar de Gerrit Rietveld Academie. De afwijzing kwam hard aan. Na een jaar op de School voor Journalistiek ging ik radio en televisie doen. Toen barstte het vuur in me los: ik kon zo veel te weten komen!”

Vertrouwen

„Mijn moeder heeft me ingeprent: je bent een zondagskind. Zij gaf me het diepe vertrouwen dat ik me altijd red, wat er ook gebeurt, waar ik ook ben. Bij tegenslag ben ik haast verbaasd, omdat het geluk even wordt doorbroken. Misschien verklaart dit mijn aversie tegen vooruit kijken. Ik hoef niet te weten waar ik over een jaar sta. Ik leef nú.”

Vrijheid

„Ik werkte voor het Jeugdjournaal toen iemand me wees me op de vacature van correspondent in Frankrijk. Ik had destijds een Franse liefde, een diplomaat. Er is geen baan die beter bij me past. Ik word ongelukkig als ik lang moet stilzitten of vergaderen. Als correspondent weet je ’s ochtends niet bij wie je ’s avonds aan tafel zit. Geweldig.”

Kans

„Vanuit de NOS kwam weleens de vraag: wat wordt je volgende standplaats? Ik mocht kiezen, maar alle mogelijkheden benauwden me. Toen de hoofdredacteur van Nova, later Nieuwsuur, me polste als Europacorrespondent, wist ik: dat is het! Meer landen, meer diepgang en dat samen met mijn partner, cameraman Pieter Nijdeken. Ik kon het niet geloven. We begonnen in augustus 2010. Ons tweede verhaal ging over de enorme staatsuitgaven van Griekenland. Ik realiseerde me direct dat het helemaal mis was.”

Verdieping

„De eerste tijd waren we toeschouwers, inmiddels beginnen we de landen te kennen en de parallellen te doorzien. We zoeken het kleine verhaal om het grote te vertellen. In elk land hebben we journalisten die ons helpen. ’s Avonds bij een etentje horen we van economen wat ze voor de camera niet durven te vertellen. Dat onderzoeken we dan verder. Vermoeiend? Ik krijg er zo veel energie van. We voelen dat we onderdeel zijn van de geschiedenis.”

Kinderen

„We hadden graag kinderen gewild, maar het is niet gelukt. Toen was dat pijnlijk, nu realiseren we ons dat we daardoor dit leven kunnen leiden. We hebben één kat en daarvoor is het al lastig om een oppas te regelen.”

Identiteit

„Ik herken veel in de Fransen. Ik ben niet zo precies met de tijd en vind het belangrijker hoe mooi of lekker iets is, dan wat het kost. Toch blijf ik ook Nederlands. Vrij denken, ongevoelig voor autoriteit, dat kennen de Fransen niet. Eigenlijk voel ik me steeds meer Europeaan. Ik kan me makkelijk verplaatsen in andere culturen. Ik denk omdat ik gewend ben om de wereld door een niet-Nederlandse bril te bekijken.”