Fransen eten van landbouwsubsidie

Frankrijk ontvangt de meeste landbouwsubsidie van de EU. Tientallen miljoenen daarvan gaan naar voedselbanken en gaarkeukens in het land.

Er is rijst, pasta en couscous. En zelfs de cornflakes en de chocoladekoekjes dragen het logo van de Europese Unie. ‘Aide EU’, hulp van Europa, staat onder de blauwgele sterrenvlag op alle producten. Farida laadt haar boodschappentas-op-wieltjes ermee vol.

Dit is geen noodhulp voor Afrika, maar voedsel voor de armen van Frankrijk. Betaald uit de pot voor landbouwsubsidies van de EU. Niet individuele boeren, maar enkele grote bedrijven én vier netwerken van voedselbanken, vooral rond de grote steden, waren in 2011 in Frankrijk de grootste ontvangers van gelden uit het Europese landbouwbudget.

„Ik werkte in een magazijn, tot ik een ongeluk kreeg”, legt de gehoofddoekte vrouw met het boodschappenkarretje uit. „Het geld dat ik van de arbeidsongeschiktheidsverzekering ontvang, is al op als ik mijn huis en energiekosten heb betaald. Vandaar.” Zonder de Europese levensmiddelen, zegt ze, zou ze met een lege maag naar bed gaan.

Ze is niet de enige. Wekelijks trekken moeders en vaders van ruim dertig gezinnen uit Romainville, een industriedorp net buiten de ring van Parijs, naar het lokale depot van de hulporganisatie Secours Populaire Français om de Europese voedselhulp af te halen, vertelt mevrouw Giacalone, die in de schaduw van grauwe flatgebouwen het uitdeelpunt van Romainville leidt. Sommigen zijn dakloos, anderen door een scheiding of pensionering niet meer in staat om zelf eten te kopen.

Ongeveer 18 miljoen mensen in de EU zijn afhankelijk van de voedselhulp, waarvan 4 miljoen in Frankrijk, meldt een foldertje met handtekeningenlijst voor steunbetuigingen op haar bureau. „De crisis slaat hard toe”, zegt Giacalone. „Hoe kun je op voedselhulp korten als steeds meer mensen in de armoede belanden?”

Dat is de Franse minister van Landbouw Stéphane Le Roll met haar eens. Hij kondigde voorafgaand aan de EU-top deze week over de meerjarenbegroting in het katholieke dagblad La Croix aan dat wat hem betreft de voedselsteun, betaald uit de landbouwbegroting, gewoon blijft bestaan.

Het gemeenschappelijke landbouwbeleid, inclusief de speciale regeling voor de minderbedeelden, is voor links én rechts in Frankrijk heilig. President François Hollande is best bereid op de nieuwe begroting in te leveren, maar van de landbouwsubsidies, waarvan Frankrijk met jaarlijks zo’n 8 miljard euro de grootste ontvanger is, mag „geen euro” in mindering worden gebracht. Meer dan 20 procent van de landbouwsubsidies van de EU gaat naar Frankrijk.

Niet alleen dat enorme geldbedrag, ook culturele en historische argumenten verklaren Frankrijks onverzettelijkheid, zegt analist Thomas Klau, hoofd van het Parijse kantoor van de denktank European Council on Foreign Relations. „Voor de Fransen is het landbouwbeleid een van de steunpilaren van Europese integratie. Tijdens het prille begin van de Europese samenwerking openden de Fransen hun markt voor de Duitse industrie, in ruil voor financiële steun voor de landbouw.” Tegenwoordig hamert Frankrijk vooral op de leegloop van het platteland, de werkgelegenheid en de voedselveiligheid die in het geding zou zijn, zegt Klau.

Maar het zijn al lang niet meer vooral kleine boertjes die de meeste steun krijgen. Afgelopen jaar was de grootste Franse ontvanger van landbouwsubsidies de noodlijdende pluimveegigant Doux. Het bedrijf, hofleverancier van onder andere KFC, kreeg 54,9 miljoen euro. Andere miljoenenontvangers in 2011 waren volgens een onderzoek van dagblad Le Figaro onder meer enkele Franse suikermultinationals.

En steevast staat dus ook een aantal Franse hulporganisaties in de top tien. De Fédération Française des Banques Alimentaires, de koepelorganisatie van voedselbanken, kreeg in 2011 29,9 miljoen euro, Secours Populaire was goed voor 21,5 miljoen. Het bekendere Restos du Coeur, in 1986 als netwerk van gaarkeukens opgezet door de komiek Coluche, ontving in 2011 20,8 miljoen euro steun uit het landbouwbudget.

Het was Coluche die bijna dertig jaar terug Jacques Delors benaderde, toen de Franse voorzitter van de Europese Commissie. Ze kwamen overeen dat de landbouwoverschotten van de unie gebruikt konden worden om minderbedeelde Fransen bij te staan.

Overschotten zijn er tegenwoordig nauwelijks meer. Maar om de voedselbanken niet in de kou te laten staan is via een overgangsregeling in 2012 en 2013 nog altijd jaarlijks bijna 500 miljoen euro uit het landbouwbudget gereserveerd om gaarkeukens en voedselbanken in 19 van de 27 Europese lidstaten draaiend te houden. Deze regeling willen Duitsland, Nederland en een aantal andere landen vervangen door een geheel nieuw fonds voor de armen, waarin volgens critici minder geld voor voedsel beschikbaar komt.

„Natuurlijk is het raar dat die bijdrage uit de landbouwgelden komt”, zegt directeur Robert Thierry van Secours Populaire Français in de marge van een demonstratie voor de Assemblée Nationale, het Franse parlement. 50 procent van de inkomsten van zijn organisatie komt uit landbouwsubsidies. „Maar mij maakt het niet uit waar we het geld precies vandaan halen. Als het maar komt.”

Dat zijn de dames van het uitdeelpunt in Romainville met hem eens. „Het is weer tijd om solidair te zijn”, zegt een van hen, terwijl Farida een blikje kattenvoer in haar boodschappentas-op-wieltjes laadt.