China snapt Gaza niet

Soms is de Aarde een ver van China verwijderde planeet, althans in de ogen van veel Chinezen. Na een week die in het buitenland werd beheerst door de zoveelste, onbesliste Gaza-oorlog, euroleed en fiscale ravijnen, is het niet zo merkwaardig dat westerlingen volgens Chinezen niet alleen allemaal op elkaar lijken, maar ook ondoorgrondelijk en gewelddadig zijn.

Euro-gedoe uitleggen gaat nog, maar wie – op verzoek – tijdens journalistieke arbeid het Israëlisch-Palestijnse „conflict” moet duiden, botst al snel op een Grote Muur van onbegrip. Dat was mijn ervaring tijdens ontmoetingen met Chinese journalisten, studenten en professoren in Beijing en Shanghai deze week.

De uitleg dat in Palestina twee bevolkingsgroepen in de greep gehouden worden door geradicaliseerde machthebbers met extremistische religieuze denkbeelden roept alleen maar meer vragen op. Oorlog en religie sluiten elkaar in Chinees-boeddhistische of taoïstische ogen volledig uit.

Vertel dat in eindeloze, jarenlange bijeenkomsten alle oplossingen al een keer bedacht zijn, maar om machtspolitieke, militair-strategische en religieuze redenen nooit zullen worden uitgevoerd, en je oogst ongeloof. Trek echter een vergelijking met de Chinese claims op de Zuid-Chinese Zee en op eilanden in de Oost-Chinese Zee en zie het begrip voor de Palestijnen opbloeien. Ook Chinezen voelen zich nog steeds slachtoffers.

Voeg er aan toe dat China misschien maar eens een poging moet wagen hen bij elkaar te brengen omdat de Chinese belangen in het Midden-Oosten alleen maar groter zullen worden, en stuit op een stomverbaasde, afwerende lach. Toch winnen de argumenten aan kracht om meer te doen dan het Midden-Oosten voorzien van religieuze parafernalia en commerciële producten.

Volgens nieuw onderzoek van het Internationaal Energie Agentschap zal over twintig jaar 90 procent van de Arabische olie naar China gaan, de Amerikaanse afhankelijkheid van Arabische olie zal dalen naar bijna nul. China heeft dus een groot strategisch belang bij een stabiel Midden-Oosten en veilige aanvoerlijnen om de tweede, en tegen die tijd misschien wel eerste, economie van de wereld te voeden.

Dat daar in de calculaties van China over nagedacht wordt, is duidelijk. Voor het eerst riepen de autoriteiten deze week „vooral Israël” op zich te beheersen. Daar heeft Israël overigens niet meteen geagiteerd op gereageerd. Dat heeft te maken met het feit dat China steeds beter meewerkt aan het opvoeren van de druk op Iran om te stoppen met de zoektocht naar een atoombom, onder andere door de import van Iraanse olie en gas te verlagen.

De autoriteiten in Beijing hebben deze week ook een vertegenwoordiger van de Palestijnse Fatah-premier Mahmoud Abbas ontvangen. De Palestijnen zien voor China „een speciale bemiddelaarsrol” weggelegd. In Ramallah wordt gehoopt dat China als lid van de Veiligheidsraad het Palestijnse streven naar VN-lidmaatschap zal erkennen – wat waarschijnlijk ook zal gebeuren. Hiermee is niet gezegd dat China ‘shuttle diplomacy’ gaat bedrijven, zoals de Amerikaanse minister Clinton en haar voorgangers hebben gedaan. Maar de tijd dat China vanaf de zijlijn kan toekijken om te profiteren van Amerikaanse en Europese inspanningen, is aan het verstrijken. Die vreemde planeet Aarde komt namelijk steeds dichterbij.

Oscar Garschagen