Nederlands hulpgeld wordt weggeknald

Het Nederlandse Israëlbeleid hinkt op twee gedachten, betoogt Monique Samuel.

De regering van Netanyahu kwam met een vroeg cadeau voor Chanoeka dit jaar. Een hernieuwde poging om Hamas voor eens en altijd uit te roken. Het voorlopige staakt-het-vuren geeft beide partijen even een adempauze, maar het wachten is op de volgende raket of mortier die vanuit een of beide kampen wordt afgevuurd.

Ondertussen neemt Gaza de schade op. De laatste aanvallen zijn ronduit rampzalig. Niet alleen wakkeren ze het extremisme in de hele regio aan, ook zal blijken dat net als bij de vorige grote aanval in de winter van 2007-2008 veel wederopbouwpogingen teniet zijn gedaan.

Toen werd er een Nederlands-Franse haven vernietigd waar de Nederlandse overheid en het Nederlandse bedrijfsleven 40 miljoen gulden in hadden geïnvesteerd. De door Nederland gesteunde aanleg van een vliegveldje werd eveneens teniet gedaan. Toch zag de Nederlandse overheid zich niet genoodzaakt het disproportionele geweld dat 409 Palestijnse levens kostte te veroordelen of Jeruzalem de rekening toe te sturen van het in rook opgegane Nederlandse belastinggeld. Wel stelde de Nederlandse overheid uit solidariteit met het berooide volk 4 miljoen euro aan extra steun beschikbaar.

Ditmaal zegt de Nederlandse overheid 3 miljoen euro toe. Eén miljoen gaat naar het Rode Kruis voor acute hulp aan burgerslachtoffers. Daarnaast wordt de contributie aan UNWRA, de VN-hulporganisatie voor Palestijnse vluchtelingen, met 2 miljoen verhoogd naar 15 miljoen euro.

Afgesneden van familie en vrienden in Oost-Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever en regelmatig beroofd van elektriciteit, schoon drinkwater en medische hulpverlening, leeft ongeveer de helft van de inwoners van Gaza ver beneden de armoedegrens. Volgens UNWRA is 80 procent van de Gazaanse gezinnen afhankelijk van voedselhulp. De tekorten en afhankelijkheid worden grotendeels in stand gehouden door Israëlische blokkades, landjepik en het kunstmatig opdrijven van prijzen door restricties op transport, import en checkpoints.

Ondertussen blijft de internationale gemeenschap de rekening van de bezetting betalen evenals de noodzakelijke wederopbouwpogingen na de volgende aanval van Israël. Een echte uitkomst wordt er niet gezocht.

Ook het beleid van de Nederlandse overheid hinkt op twee gedachten. Enerzijds verstrekt zij tevergeefs financiële steun aan de Palestijnse bevolking, anderzijds blijft zij een van de meest pro-Israëlische lidstaten van Europa dat elke poging om Israël tot redelijkheid te brengen frustreert. Zo wees Nederland als enige EU-lid eerder dit jaar een gezamenlijk Europees veroordeling van de bouw van illegale nederzettingen af.

Onder het mom van „het recht op zelfverdediging” volgt Nederland nu opnieuw de Amerikaanse lijn en schaart zij zich net zoals Obama onvoorwaardelijk achter Israël. Ondertussen mag zij wel de portemonnee trekken, zeker als straks de schade is opgemaakt. Het is verbijsterend dat de Nederlandse overheid, die zich zo voorstaat op de promotie van internationaal recht, zonder enige vorm van protest z’n eigen investeringen plat laat bombarderen. Boem! Daar gaat straks weer een miljoen belastinggeld.

Monique Samuel (23) is politicoloog en auteur.