Jorts rijke stinkerds

Het was een mooie double bill gisteravond: de soms wat al te gemakkelijke observaties van door de crisis getroffen Amerikaanse nieuwe rijken in Lauren Greenfields documentaire The Queen of Versailles (VPRO), voorafgegaan door een aflevering van Jort Kelders wekelijkse hommage aan de oude adel in Hoe heurt het eigenlijk? (AVRO).

Wisselde Kelder in eerdere antropologische lifestylestudies als Bij ons in de PC (KRO) de aandacht voor nieuwe en oude geldadel in gelijke porties af, nu kiest hij met Amy Groskamp-Ten Have in de hand toch echt voor de oude elite. Er zit als contrast altijd nog wel een haringparty in het Hilton of een liefdadigheidsveiling met Doutzen Kroes tussen, maar overwegend geeft Jort etiquetteles en zoekt hij naar graven en jonkheren bij Christie’s, in de Tweede Kamer of op het circuit van Zandvoort.

Heel nuttig is Jorts historisch onderricht dat een beetje markies ooit ook begon als struikrover die beloond werd omdat hij een klusje voor de koning had verricht. Schrijver Marjolijn van Heemstra, die zich geen barones meer noemt, maar wel een boek schreef over de voorafgaande duizend jaar van haar familie, leidt Jort rond in de grafkelder van het kerkje in het Friese Kimswerd, waar de Van Heemstra’s van oudsher rusten. Traditioneel worden de botten van de in 1694 overleden Yda van Heemstra nog jaarlijks geïnspecteerd door bestuurders van een weeshuis in Franeker, op aanwijzing uit haar testament. Dat die edelen ongekist in een kelder werden bijgezet, bezorgde ze de scheldnaam van ‘rijke stinkerds’, legt Van Heemstra uit. Jort is épris, ook al omdat de achternicht van Marjolijns grootvader Audrey Hepburn was.

Te midden van het permanent buigen van de publieke omroep voor de smaak van de gewone man en vrouw, is Hoe heurt het eigenlijk? meer dan vermakelijk. Het biedt een broodnodig soort van cultuuroverdracht, voordat iedereen het vergeten is.

Hoe je Russische namen hoort uit te spreken, dat valt makkelijk op te zoeken. Toch was er veel verwarring over de tegenstander van PSV in de Europa League. Dione de Graaff had lang geoefend, aangemoedigd in Nieuwsuur door collega Twan Huys, en kwam ook gisteren weer uit op Dnjepr Dnjeprópetrovsk, met de klemtoon op de eerste o. In het NOS Journaal hield Jeroen Overbeek het op een klemtoon op de tweede o. Dat ligt dichter bij de waarheid. En kunnen we dan van de zomer ook eens ophouden met tennisser Maria Sjarapóva? Het is Sjarápova en die o is toonloos. Het spijt me, maar zo hoort het nu eenmaal.