Geen wollige verhalen, niets mooier doen voorkomen dan het is

Jarenlang in de Tweede Kamer, vertrouweling van Mark Rutte. Nu is Stef Blok minister voor Wonen en Rijksdienst, een portefeuille speciaal voor hem. Hervormen moet. „Yummie yummie.”

Nederland, Den Haag, 20-11-2012 Stef Blok is een Nederlands VVD politicus. Sinds 5 november 2012 is Blok minister voor Wonen en Rijksdienst in het kabinet-Rutte II. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Roger Cremers - 2012

Een beloning? Zo zou Stef Blok zijn ministerschap niet willen noemen. „Dat klinkt zo van, nou, omdat je de partij jaren nederig hebt gediend, mag je nu minister worden. Zo zie ik het niet.”

Maar een bekroning? „Dat kun je zeggen.”

Veertien jaar zat Blok voor de VVD in de Tweede Kamer. Hij maakt deel uit van de top van de VVD, hoort bij het kernteam van Mark Rutte, – met partijvoorzitter Benk Korthals en Loek Hermans, fractievoorzitter in de senaat.

De laatste tweeënhalf jaar was Blok fractievoorzitter, daarvoor voerde hij het woord over „bijna alles”. Van integratie tot pensioenen, van jonggehandicapten tot de rijksuitgaven. „Ik was wel klaar als Kamerlid”, zegt hij daar nu over. En dus was bij de onderhandelingen in 2010, over het kabinet-Rutte I, de verwachting dat Blok minister zou worden. Hij werd het niet. Nu wel. Blok is minister voor Wonen en Rijksdienst. Dat werd al in de eerste week van de formatieonderhandelingen beklonken, zegt hij. Met een lachje: „Maar dat heb ik voor me gehouden, natuurlijk.”

U bent nu minister, op een voor u gecreëerde post. Terwijl uw partij zo min mogelijk ministers en ministeries wil.

„Ik vond het belangrijk dat we in ons vorige kabinet naar minder ministeries gingen. Maar als Kamerlid zag ik ook dat op Binnenlandse Zaken wonen en de rijksdienst onvoldoende aandacht kregen. Daarom hebben we gezegd: als er per saldo niet méér bewindslieden komen, is het wel goed dat er voor deze hervormingsdossiers een minister komt.”

En dat ú dan die minister werd, dat deed er toch ook toe?

Blok slaat zijn armen over elkaar. Semi-plechtig zegt hij: „Zéker. Wie anders dan ik zou dit moeten doen?!”

Dan serieus: „Deze onderwerpen passen bij wat mij drijft. Wat de woningmarkt betreft: als ik érgens in thuis ben, dan is het in die sociaal-economische hoek. En ik ben bedrijfskundige van huis uit. De rijksdienst hervormen betekent voor mij een ontzettend leuke klus. Dus van beide zeg ik: yummie yummie.”

Blok werd in 1964 geboren in Emmeloord. Hij heeft één zus. Vader ingenieur, moeder lerares. Hij studeerde bedrijfskunde in Groningen, ging daarna voor ABN Amro werken, onder andere als bankdirecteur in Nieuwkoop. Belangrijk en leuk werk, zegt hij: hypotheken verstrekken, kredieten beoordelen.

Wanneer dacht u eigenlijk: de politiek is leuker dan een leven als bankdirecteur?

„Van huis uit heb ik de insteek meegekregen dat als het goed met je gaat, je moet proberen een bijdrage te leveren aan de samenleving. Dus toen ik op mijn achttiende het huis uit ging, werd ik lid van de VVD en Natuurmonumenten. En dat ben ik allebei nog steeds.”

Hoe ging dat dan bij u thuis?

„Met Kerst stonden de dozen met Unicef-agenda’s bij ons in de gang, omdat mijn moeder kennelijk het verzameladres was. Die agenda’s werden verkocht.. Mijn ouders werkten allebei, maar deden ook bestuurswerk en maatschappelijke dingen. Mijn moeder had haar ‘oude mannetjes’, bejaarden die geen familie meer hadden, bij wie zij één keer per week op de koffie ging. Terwijl ze overdag voor de klas stond als lerares Engels. En mijn vader zat in het bestuur van het bejaardenhuis. Mijn eerste functie was bankdirecteur in Nieuwkoop, en dan word je ook gelijk penningmeester van de tennisvereniging en van de ondernemersvereniging. En toen de plaatselijke afdeling vroeg of ik raadslid wilde worden, bleek het zoveel leuker om vanuit de politiek te werken. Zelf dingen regelen, zelf iets kunnen betekenen als er problemen zijn.”

U zei ooit dat politici ambitie, idealen en ijdelheid bezitten. Hoe ligt dat bij u?

Blok denkt even na. „Allemaal ongeveer op een derde. Ik ben niet iemand die voortdurend op de voorgrond treedt. Maar als het nodig is, doe ik het. Natuurlijk is politiek een combinatie van persoonlijke ambitie, het nut inzien van wat je doet, én dat spel leuk vinden. Ik ben vooral inhoudelijk gedreven.”

Aandacht om de aandacht, dat hoeft van Stef Blok niet. Hij houdt niet van ‘futiele’ Kamervragen. In zijn veertien jaar als Kamerlid vroeg hij welgeteld één spoeddebat aan, over de enorme stijging van het aantal jonggehandicapten. „Ik heb meer lol in initiatiefwetten, problemen oplossen of mijn eigen partij in beweging krijgen op inhoudelijke punten dan in het spelletje ‘Wie is het meest op tv’.”

Bij voormalige collega-Kamerleden heeft Blok geen vrolijke reputatie, althans, de afgelopen twee jaar dat hij fractievoorzitter was niet. Ze omschrijven hem als bits, nurks, stug.

Klopt dat beeld dat anderen schetsen?

„Dat lijkt me niet van belang. Ik denk dat je objectief kunt vaststellen dat ik drie grote verkiezingscampagnes en een fractie geleid heb. Dat kun je alleen succesvol doen als je slecht nieuws goed kunt brengen en mensen kunt meenemen in je visie. Als ik dat niet zou kunnen, was ik gestrand. En dat is niet gebeurd.”

Hoe omschrijft u uw eigen karakter dan?

„Resultaatgericht. Niet om de hete brij heen draaien.”

Empathisch?

Hij aarzelt even. „Ja, maar dat kan ook inhouden dat ik gewoon zeg waar het op staat. Ik denk dat de beste omschrijving is: what you see is what you get. Geen wollige verhalen, niets mooier doen voorkomen dan het is.”

U zei ook eens: ik ben meer van de inhoud, Mark Rutte is meer een mensenmens. Valt de fout met de inkomensafhankelijke zorgpremie u meer te verwijten dan Rutte?

„Nee, zo spreken wij daar ook niet met elkaar over. Kijk, Mark heeft zijn verontschuldigingen daarvoor aangeboden, mede namens mij. We hebben onvoldoende ingeschat hoe onze achterban deze nivelleringsmaatregel zou ontvangen. Als ik iets anders moet doen, is dat vooral het communiceren over de enorme bezuinigingsopgave die voor ons ligt. Daar ben ik me nu veel scherper van bewust.”

Scherper dan in de onderhandelingen?

„Ja. We hebben vaker in abstracte zin gezegd: Nederland staat voor een enorme opgave en dat gaat u allemaal voelen. De laatste weken hebben we dat ook vertaald in bedragen. 42 miljard in totaal, gemiddeld 2.500 euro per Nederlander. Voor een gezin met twee kinderen dus gemiddeld 10.000 euro. In de weken na de onderhandelingen realiseerde ik me dat we dát toch onvoldoende over het voetlicht hebben gebracht.”

De zorgpremie was daar de illustratie van?

„Met die zorgpremie werd heel zichtbaar dat alle mensen, ook hogere inkomens en hogere middeninkomens, een voelbare bijdrage moeten gaan leveren. Het abstract noemen van een bedrag betekent niet dat mensen zich ook realiseren wat het voor henzelf betekent.”

Blok ‘woont in’ bij minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA). Het ministerschap is voor Blok een eer, zegt hij een paar keer in het gesprek. Hij heeft er zin in. Zijn opdracht als minister is geslaagd, zegt hij, als de woningmarkt op gang komt en de overheid kleiner wordt én efficiënter gaat werken.

Waarom gaf u de hypotheekrenteaftrek, voor uw VVD zo belangrijk, al weg op de verkiezingsdag?

„Dat deden we op het moment dat we de waarschijnlijke uitslag zagen. We hebben toen gezegd: we moeten bereid zijn op een aantal hervormingsdossiers grote concessies te doen. De huizenprijzen zijn 17 procent gedaald, zónder dat er ook maar één maatregel is genomen. Het enige dat de huizenmarkt kan lostrekken, is zekerheid op de lange termijn. Die geven we nu.”

Maar zó snel?

„Het alternatief was nog een keer jarenlang elkaar niets gunnen. Dat kan dit land zich niet veroorloven.”

Deskundigen verwachten dat de huizenprijzen verder dalen omdat starters vanaf 1 januari verplicht zijn af te lossen. Dat is toch juist slecht voor de woningmarkt?

„Belangrijk is dat er nu duidelijkheid is. Deze week stemde de Tweede Kamer in met de verplichte aflossing van hypotheken, dat was een historisch moment. Mensen weten nu waar ze aan toe zijn. En één groep verkeert nu in een echt goede positie, de starters. De huizenprijzen zijn fors gedaald, er is een groot aanbod. Sinds de jaren 80 is de woonlast voor een koper niet meer zo laag geweest. In Den Haag zijn drieduizend woningen onder de 175.000 euro te koop. Dat is natuurlijk prachtig.” Hij zet een toontje op. „In een prachtige stad, al zeg ik het zelf.” Blok woont in Den Haag.

U gaat ook huren fors verhogen en corporaties moeten een flinke heffing betalen. De sector zegt dat niet te kunnen betalen.

„Ik heb zoiets gehoord, ja.”

Onderzoeken wijzen uit dat corporaties failliet gaan en bouwprojecten stilvallen. Gaat u ze tegemoet komen?

„Zo ongeveer mijn eerste afspraak die ik als minister had, was met Marc Calon, de voorzitter van de brancheorganisaties van de woningcorporaties. Dus ik ben in overleg. Maar: het regeerakkoord is helder en noodzakelijk. Daar ga ik niet aan tornen.”

U gaat ook de rijksdienst doen. Een fractiegenoot van u zei: Stef ziet de overheid niet als vriend, maar als tegenstander.

„Er zijn taken die de overheid als enige kan, en daar moet de overheid dan ook stínkend goed in zijn – veiligheid, onderwijs, rechtspraak, toegankelijkheid van de zorg. Maar een organisatie kan niet al te veel taken goed uitvoeren, dat wordt te complex. Dat zie je nu ook bij de overheid. Het is te veel.”

Minder taken dus. En dan kan u gemakkelijk 900 miljoen besparen?

„Plus nog 1,1, miljard aan bezuinigingen uit het verleden. We concentreren ons op cruciale taken, dus afslanken is volgens mij heel redelijk. Daarbij helpt het vergrijsde ambtenarenbestand, dan kunnen we veel met natuurlijk verloop doen. Maar ik kan echt niet garanderen dat het allemaal via natuurlijk verloop gaat.”

Een lastige boodschap?

„Tuurlijk. Maar het is geen onmogelijke opgave. Veel bedrijven zitten ook in deze fase. Je ziet gelukkig dat het overgrote deel van de mensen weer een baan vindt. En bij zulke lastige boodschappen helpt het dat je niet om de hete brij heen draait.”