Beloning wekt wrevel Kamer

De Tweede Kamer reageert verbolgen op een gisteren gepubliceerde studie van de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (Somo) waaruit blijkt dat de beloning van bankiers in Nederland bovengemiddeld is gestegen. De parlementariërs willen opheldering van minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA).

„Als de feiten kloppen dan wil ik dat er actie wordt ondernomen”, zegt Eddy van Hijum (CDA). „De beloning moet dan naar normale proporties worden teruggebracht.” In 1987 verdiende een bankier gemiddeld 17 procent meer dan een doorsnee werknemer; nu is dat verschil ruim 81 procent. „Het is niet acceptabel dat de bankensector na de crisis van 2007 gewoon op de oude voet verdergaat”, zegt Arnold Merkies (SP). Ook de PvdA wil dat er lessen worden getrokken. „De risico’s voor de overheid moeten worden teruggebracht”, zegt Henk Nijboer. Het PvdA-Kamerlid pleit ook voor loonmatiging bij met name de top van de banken. „De berekende verschillen zijn onredelijk”, zegt Nijboer.

Somo is een niet aan banken verbonden onderzoeksorganisatie die zich richt op duurzame ontwikkeling. Somo-onderzoeker Rens van Tilburg noemt het een „conservatieve aanname” dat banksalarissen in Nederland 15 procent te hoog zijn. Daardoor geven de drie grootste banken jaarlijks 2 miljard te veel uit aan lonen. Dat bedrag is drie keer zo groot als de omstreden bankbelasting die het kabinet wil invoeren. „In hun verzet tegen de bankbelasting spreken de banken altijd over een stapeling”, zegt SP’er Merkies. „Maar banken zwijgen over de stapeling van steunmaatregelen.”

Somo heeft berekend dat de vier grootste Nederlandse banken jaarlijks miljarden euro’s voordeel hebben doordat ze goedkoper kunnen lenen en meer risico’s kunnen nemen. Immers: beleggers weten dat de banken in geval van nood altijd door de overheid worden gered. Het totale voordeel voor de banken taxeert Somo in 2011 op 4 tot 12 miljard euro.

Het is volgens ABN Amro „evident” dat banken voordeel hebben van de economische omstandigheden en de financiële kracht van de overheid van het land waar de bank zijn thuismarkt heeft. Financiële markten houden daar rekening mee. „Het is overigens lastig te beoordelen of dit zich zo laat kwantificeren”, aldus een woordvoerder van de bank.

De Rabobank, die geen directe steun van de overheid kreeg, profiteert het meest. De bank wil nog niet reageren.