Groningen in fout bij scholenproject

Het stadsbestuur van Groningen heeft de verzelfstandiging van het openbaar onderwijs ernstig onderschat. Er was te weinig tijd. De gemeenteraad werd onvolledig en te laat geïnformeerd. Vooral de eigen portemonnee telde, veel minder een financieel gezond toekomstperspectief voor de 30 scholen met 17.000 leerlingen en 2.300 medewerkers. Bovendien was er te weinig oor voor kritiek van de betrokken scholen en ook de raad.

Dat concludeert een enquêtecommissie van de gemeenteraad die onderzocht wat er misging bij de verzelfstandiging van het openbaar onderwijs. De gemeente heeft alle 30 openbare scholen voor basis-, voortgezet- en speciaal onderwijs twee jaar geleden overgedragen aan de Openbaar Onderwijs Groep Groningen, die als een ‘bedrijfsmatig professionele organisatie’ moet opereren.

Eerder al bleek dat de gemeente het nieuwe concern te weinig geld had meegegeven. De ‘bruidsschat’ van 3,4 miljoen euro moest met 11,5 miljoen euro worden aangevuld. Daar kwam nog bovenop een extraatje van 6,1 miljoen aan het bijzonder onderwijs, dat volgens de wet ook recht heeft op een bijdrage. De extra uitgaven waren aanleiding voor het raadsonderzoek.

Het gisteren uitgebrachte rapport schetst een beeld van een eigengereid college van B en W dat te zeker was van zijn zaak. Het college ging ten onrechte uit van een in beginsel „budgettair neutrale” operatie. Het verzuimde inspraak en „formele tegenmacht” te organiseren. Intussen hadden ambtenaren de verzelfstandiging onderschat. En ook de gemeenteraad maakte geen vuist toen het erop aankwam: die stelde af en toe scherpe vragen maar ging op de kritieke momenten altijd akkoord met de collegevoorstellen.

Op 19 december bepaalt de raad welke politieke consequenties er uit het onderzoek moeten worden getrokken. De verzelfstandiging gebeurde onder verantwoordelijkheid van wethouder José van Schie (PvdA) en haar in september vertrokken opvolger Elly Pastoor (PvdA).