Vergeet de passie

De meeste mensen zijn helemaal niet bevlogen. En dat geeft niks, want gewoon tevreden zijn is ook goed.

Een bemiddelaar voor studentenbanen heeft een vacature voor een kandidaat met een ‘passie voor hosting en servers’. Een accountantskantoor zoekt een nieuwe collega die ‘met zijn passie en flair echt toegevoegde waarde aan zijn klanten weet te leveren’. Het zijn maar een paar recente voorbeelden van vacatures waarin gezocht wordt naar kandidaten met passie. De ideale werknemer; dat is er blijkbaar een die gepassioneerd en bevlogen is. Want die presteert beter, heeft meer energie en is creatiever dan de niet-bevlogen werknemer, is de gedachte erachter.

En wie wil dat nou niet?

Dus gaan werknemers massaal op zoek naar hun passie. En bieden op internet coaches hun diensten aan om te zorgen dat die zoekende werknemers erachter komen waar hun hart nou werkelijk sneller van gaat kloppen. Daarnaast wemelt het van de websites en tests, die beloven dat je na vijf eenvoudige vragen weet wat jouw passie zou kunnen zijn. En worden er workshops aangeboden die beloven dat je je passie ontdekt als je antwoord kunt geven op vragen als: „Wat zou je nu ondernemen als je zou weten dat je nog maar zes maanden te leven hebt?”

Nou, dat zou Maartje Mulder (32) wel weten: surfen. Ze doet niets liever in haar vrije tijd. Dus toen ze twee jaar geleden aan het werk kon bij een bedrijf dat gespecialiseerd was in marketing bij evenementen met extreme sporten, dacht ze de baan gevonden te hebben waarin ze haar „hang naar adrenaline” kwijt kon. Het klonk veelbelovend; ze zou veel op pad zijn. „Zo was het dus niet”, zegt Mulder. „Wat bleek: ik zat vooral veel op kantoor, gewoon achter mijn bureau. Van al dat zitten kreeg ik echt onrust in mijn lijf.”

Herkenbaar, vindt loopbaancoach Els Ackerman. „Als sport je hobby is en je bijvoorbeeld een baan vindt als accountant bij een sportbond, blijkt dat je in zo’n baan inhoudelijk weinig te maken hebt met sport.” Zij krijgt in haar praktijk regelmatig cliënten die vastlopen in hun werk. „Het is nu zo in de mode om op het werk passie te hebben, dat mensen denken: Oh God, ik heb het niet”, zegt Ackerman.

Arnold Bakker, hoogleraar werk- en organisatiepsychologie aan de Erasmus Universiteit, doet onderzoek naar bevlogenheid. Hij schetst de kenmerken van een bevlogen werknemer: die moet vol energie zitten, toegewijd en enthousiast zijn en tijdens het werk de tijd vergeten. Iedere dag weer. Die gepassioneerde groep is maar klein: 12 procent van de beroepsbevolking, onderzocht Bakker. Dat zijn vaak zelfstandig ondernemers en werknemers van kleine bedrijven.

Ackerman: „Voor mij betekent passie een allesverterend gevoel voor een bepaald iets. Je kunt niet zonder. Maar tegenwoordig wordt er meer ‘grote interesse’ mee bedoeld.” In haar boek met de ironische titel Help, ik zoek mijn passie) maakt ze op nuchtere wijze korte metten met het beeld dat iedereen een passie zou moeten hebben. „Het woord passie kan je het gevoel geven dat je het niet goed doet, omdat je nooit naar je droombaan hebt gestreefd of omdat je niet weet wat je passie is”, schrijft ze. Ze vindt dat het helemaal niet verkeerd hoeft te zijn om het ‘gewoon’ naar je zin te hebben op je werk.

Dat is wat anders dan maar met alles genoegen nemen en niet nadenken over waar je mee bezig bent. Ackerman wijst op een gevoel dat zij omschrijft als „onbestemd ongenoegen”. „Je hebt bijvoorbeeld een prima baan. Toch denk je: is dit het nu? Dan ontmoet je iemand die heel bevlogen is in wat hij doet en ineens herken je het. Dan weet je weer: dat had ik vroeger ook, dat bevlogene.” In zo’n geval is het slim eens goed te kijken naar je eigen situatie, vindt Ackerman. „Je kunt er bijvoorbeeld achterkomen dat je in een bedrijfscultuur werkt die niet bij je past. Of dat je een manager hebt die je niet stimuleert. Bij een andere werkgever zou je die bevlogenheid terug kunnen krijgen.”

Bevlogenheid is niet voor iedereen weggelegd, vindt ook hoogleraar Bakker. „Voor een deel zit het in het karakter. Optimisten met zelfvertrouwen en eigenwaarde zijn ook degenen die zelf op zoek gaan naar steun en feedback; randvoorwaarden voor bevlogenheid.” Werknemers werken volgens hem het beste als ze vrijheid ervaren in hun baan, zich verbonden voelen met collega’s en kunnen laten zien waar ze goed in zijn. En bevlogenheid kan ook tijdelijk zijn, zegt Ackerman: „De baan waar je helemaal jezelf kunt zijn en waardering krijgt, heeft geen eeuwigheidsgarantie.” Een verandering op de werkvloer kan al gevolgen hebben. Uit eigen ervaring vertelt ze: „Ik werkte bij een outplacementbureau, had geweldige collega’s, werkte met heel veel plezier. Iedereen die er werkte, was erg verbonden met de zaak. En toen ging het failliet. Daarna was ik wel even zoekende.”

Je kunt je sowieso afvragen of je altijd passie in je werk moet nastreven, vindt hoogleraar Bakker. „Het kan ook mooi zijn als je tevreden bent met je werk en er goed mee verdient waardoor je geld hebt voor een andere passie buiten je werk, bijvoorbeeld je liefde voor schilderijen.”

Zo ziet Maartje Mulder het inmiddels ook. Ze vertrok bij haar werkgever en ging een jaar naar surfparadijs Australië. Na terugkomst vond ze werk als producer in de televisiewereld. „Nu werk ik veel op locatie en zit niet vaak op kantoor. Dus die onrust in mijn lijf is er niet meer.”

En die passie voor hosting en servers? Els Ackerman kan er wel om lachen. „Waarschijnlijk bedoelen ze gewoon dat ze op zoek zijn naar iemand die er geen hekel aan heeft.”

    • Willemijn Kruijssen