Sores bij Stichtse: geen punt, geen sponsor

Heren 1 van SCHC begon met 16 nieuwe spelers aan het hockeyseizoen. De balans halverwege? Alles verloren. „De club heeft jaren stilgestaan.”

SCHC-aanvoerder Minck Hermans luisterde zondagmiddag aandachtig naar een spontane spreekbeurt over het ‘wonder van Den Bosch’. Reinier Hoogwout, teammanager van de Bossche Heren 1, kan uren praten over de manier waarop interim-coach Marc Lammers vorige winter de basis legde voor de wonderbaarlijke handhaving in de hoofdklasse. Over keihard trainen in de winterkou en hoe Lammers elke mogelijke verbetering kwantificeerde in procentjes winst.

Met alle elf duels in de eerste competitiehelft verloren staat SCHC er net zo slecht voor als Den Bosch in de winterstop van het vorige seizoen. Een blamage voor de welgestelde hoofdklasseclub in de Bilthovense bossen. Pech, blessureleed, te weinig kwaliteit. Maar vooral: zestien nieuwe spelers deze zomer. Aanvoerder Hermans weet het. „Wij zijn ook in staat tot zo’n inhaalrace”, zei hij zondag in het Bossche clubgebouw na de elfde verliesbeurt van SCHC (5-0). „Maar er moet wel iets gebeuren.”

De vergelijking met Den Bosch heeft een ongemakkelijk element. Voordat Lammers kwam, werd coach Siegfried Aikman geslachtofferd. En iets soortgelijks wenst niemand bij SCHC voor coach Pim Wijzenbeek. Voorzitter Gerard van Odijk ziet genoeg „beleving en inzet” en ook hockeyanalist en voormalig SCHC-trainer Jacques Brinkman zegt dat het „niet aan Pim” ligt.

Wijzenbeek steekt zelf geen energie in speculaties over zijn toekomst. Het zou de wetten van de topsport tarten, als hij na de winterstop eind februari nog voor de groep staat. „Is dat zo?”, reageert hij afgemeten. „En met zestien nieuwe spelers aan een seizoen beginnen, staat dat ook in die wetten van de topsport?”

Het vertrekpunt was inderdaad beroerd voor de trainer. Onder de vorige coach Adel Fuentes speelde Stichtse zich de afgelopen twee seizoenen veilig. Maar een groot deel van de selectie verloor onderweg het plezier, weet Wijzenbeek. Een exodus volgde en daarom zijn zestien spelers dit seizoen nieuw, onder wie vier Nieuw-Zeelanders en enkele jonge Kampong-spelers.

Uit de eigen opleiding viel de aanwas tegen. „Daar is ook weinig aandacht voor”, zegt Brinkman. „Er zit een schil om Stichtse heen en daar is de discussie: moeten we wel opleiden? Er bestaat niet zoiets als een opleidingsvergoeding, dus is het niet goedkoper om spelers te halen wanneer we ze nodig hebben? Dat zijn invloedrijke krachten, die bang zijn dat SCHC een opleidingsinstituut wordt voor topclubs. Ik denk: nou ja, dan ben je dat maar. Stichtse is toch van oudsher geen topclub.”

Tot overmaat van ramp trekt ABN Amro zich als sponsor terug en dat ging dit seizoen al gepaard met een forse korting op het budget van SCHC. „Een financiële aanslag”, zegt de vorig jaar aangetreden voorzitter Van Odijk. „Je wilt met dames én heren volledig op het hoogste niveau meedoen. Maar daar staat druk op.”

Volgens Brinkman heeft SCHC „stilgestaan” sinds de club afgelopen decennium met hem als trainer drie keer achtereen de play-offs haalde. „Mijn contract werd toen niet verlengd. Goed, dat kan. Maar sindsdien is er bij de mannen sprake van een ad-hoc beleid met trainers die elkaar in snel tempo opvolgen. Het ontbrak aan een lange termijnvisie.”

Zelf beleefde Brinkman een slecht seizoen toen hij in 2009-2010 terugkeerde als trainer van SCHC. Sterspelers Roderick Weusthof en Rogier Hofman zochten na dat jaar hun heil elders en die klap is de club niet meer te boven gekomen. „We hebben de laatste jaren moeite om rust aan het front van Heren 1 te krijgen”, erkent Van Odijk. Waar Dames 1 weer ‘gewoon’ op koers ligt voor de play-offs, lijkt degradatie voor de mannen een kwestie van tijd: na de winterstop.